• Gratis verzending
  • Voor 20:00 besteld, morgen in huis
  • 14 dagen bedenktijd

Tag: Aquarel

  • Aquarel landschap schilderen: stap voor stap van lucht tot voorgrond

    Aquarel landschap schilderen: stap voor stap van lucht tot voorgrond

    Een aquarel landschap schilder je van ver naar dichtbij en van licht naar donker. Begin met een zachte lucht nat in nat, schilder daarna de verste heuvels in een lichte, koele tint, zet het middengrond in iets donkerder kleuren en eindig met de donkerste, warmste details op de voorgrond. Zo krijgt je schilderij diepte, ook met maar drie of vier kleuren.

    Een landschap is een van de mooiste onderwerpen voor aquarel. De verf is doorschijnend, het water geeft zachte overgangen en een lucht met wolken lukt bijna vanzelf. Je hoeft er geen mooi uitzicht voor te hebben: een foto, een schets of een herinnering is genoeg. Het kost wel wat oefening om de lagen in de goede volgorde te zetten. In deze uitleg schilder je in zes stappen een eenvoudig aquarel landschap, daarna lees je hoe je een herfstlandschap maakt en hoe je een abstract landschap schildert. De basis van aquarel vind je in onze gids over aquarel schilderen en in het stappenplan om te leren schilderen.

    Kort samengevat

    • Werk van licht naar donker en van ver naar dichtbij: lucht, verre heuvels, middengrond, voorgrond.
    • Gebruik voor de verte koele, lichte tinten en voor de voorgrond warme, donkere tinten.
    • Schilder de lucht nat in nat en laat hem drogen voor je het land schildert.
    • Bewaar het wit van het papier voor wolken en lichtplekken.
    • Gebruik papier van minstens 300 gram, bij voorkeur cold pressed of rough.

    Wat heb je nodig voor een aquarel landschap?

    Je hebt weinig nodig, en veel ervan staat al in onze uitleg over aquarelleren.

    • Papier. Minstens 300 gram, cold pressed. De papiermaker Hahnemühle schrijft in zijn gids over aquarelpapier dat rough papier een duidelijke textuur heeft die zorgt voor karakter, korrelige pigmenten en expressieve effecten, en dat het geschikt is voor landschappen en losse stijlen. Cold pressed is veelzijdiger en makkelijker voor beginners. Meer lees je bij aquarelpapier.
    • Verf. Een kleine set aquarelverf met blauw, geel en rood in een warme en een koude variant, plus een aardekleur als gebrande sienna of omber. Meer bij aquarelverf.
    • Penselen. Een groot rond of plat penseel voor de lucht, een middelgroot rond penseel en een fijn penseel voor details.
    • Twee potten water, een palet en keukenpapier.
    • Tape en een plank om het papier vlak te houden.
    • Een voorbeeld. Een foto of een eigen schets. Kies een foto met duidelijke lagen: een lucht, een horizon, een heuvel en een voorgrond.

    Wil je liever met potloden beginnen, dan lees je in onze uitleg over aquarel potloden hoe je ook daarmee een landschap maakt.

    Hoe bouw je een landschap op?

    Een landschap lijkt diep als je het in lagen opbouwt. Wikipedia beschrijft in het artikel over aquarel dat J.M.W. Turner zijn werk in stappen opbouwde, te beginnen met brede kleurvlakken op nat papier en daarna verfijnen met opeenvolgende wassingen en glaceerlagen. Dat geldt ook voor jouw schilderij. Turner is een goede naam om te kennen: volgens Wikipedia in het artikel over Turner maakte hij meer dan tweeduizend aquarellen, vaak naar schetsen die hij soms buiten maakte, en staat hij bekend om zijn expressieve weergave van licht en atmosfeer, met luchten en weersomstandigheden die voortkomen uit tientallen jaren observatie.

    Een landschap heeft grofweg drie lagen:

    1. Achtergrond. De lucht en de verste heuvels. Licht, koel en wat vaag.
    2. Middengrond. Velden, bomen en huizen in middentonen.
    3. Voorgrond. De donkerste en warmste kleuren, met de meeste details: gras, stenen, een pad.

    Dit heet atmosferisch perspectief. Dingen die ver weg zijn, zijn lichter, blauwer en minder scherp. Dingen dichtbij zijn donkerder, warmer en scherper. Als je dit volgt, krijgt je schilderij vanzelf diepte.

    Een aquarel landschap schilderen in zes stappen

    Stap 1: schets lichtjes

    Teken met een zacht potlood de horizon, de hoofdvormen van de heuvels en de plek van een boom of huisje. Pas op: te harde potloodlijnen schijnen door de verf heen en laten zich niet goed uitgummen. Houd de horizon niet precies in het midden. Een horizon op een derde of tweederde van de hoogte geeft meer spanning.

    Stap 2: schilder de lucht nat in nat

    Maak het bovenste deel van het papier nat met schoon water en een groot penseel. Zet daarna wat verdunde blauwe verf bovenaan en laat hem naar beneden uitlopen. Voeg lager een beetje geel of oranje toe voor een warme gloed bij de horizon. Winsor & Newton beschrijft in zijn uitleg over nat in nat dat je de verf op nat of vochtig papier zet voor zachte overgangen zonder harde randen. Wil je wolken, dan neem je met een schoon, vochtig penseel of een tissue wat verf weg. Laat de lucht helemaal drogen. Meer over deze techniek lees je in onze uitleg over nat in nat schilderen.

    Penseel schildert een natte aquarellucht nat in nat op papier
    De lucht schilder je nat in nat, terwijl het papier nog glimt.

    Stap 3: de verste heuvels

    Meng een lichte, koele tint, bijvoorbeeld blauw met een beetje paars of grijs, en schilder de verste heuvels met een middelgroot penseel. Laat de bovenrand scherp en de onderrand zacht lopen door er een natte penseel langs te halen. Laat het drogen.

    Stap 4: het middengrond

    Zet de velden en bomen in iets donkerder en warmere tinten, zoals groen met een beetje geel. Gebruik de ene tint voor de ene helft van het veld en voeg met een andere tint variatie toe, zodat het veld niet plat wordt. Schilder bomen als vlakken, niet als losse blaadjes. Laat de lagen eerst drogen voor je er een volgende op zet.

    Half afgemaakte aquarel met verre heuvels en velden in het middengrond
    Verder weg is lichter en kouder, dichterbij donkerder en warmer.

    Stap 5: de voorgrond

    Zet nu de donkerste kleuren neer: een donkergroen of bruin met een beetje blauw. Dit is het moment voor gras, stenen, een hek of de stam van een boom. Gebruik een droog penseel met weinig verf voor gras en struikgewas. Deze details mogen scherper en warmer zijn, want ze liggen vooraan.

    Stap 6: de lichtste accenten en afwerking

    Neem met een schoon, vochtig penseel een klein beetje verf weg voor lichtplekken, zoals een pad of de rand van een wolk. Voeg met een fijn penseel een paar donkere accenten toe, zoals een schaduw onder een boom. Stop op tijd: bij aquarel is een laag te veel erger dan een laag te weinig. Laat het schilderij drogen, haal de tape pas weg als het papier helemaal droog is en bewonder de witte rand.

    Tip: schilder eerst een klein kaartje van 10 × 15 cm met hetzelfde onderwerp. In tien minuten zie je of de kleuren en de verdeling werken, en kun je het grote vel met meer vertrouwen schilderen.

    Een aquarel landschap vereenvoudigen en kleuren mengen

    Een echt landschap bevat duizend details, en dat is de grootste valkuil bij landschap schilderen aquarel. Een aquarel landschap wordt beter als je weglaat. Kijk naar je foto met half dichtgeknepen ogen. Wat je dan nog ziet, zijn de grote vlakken: lucht, heuvel, veld. Die schilder je. De rest, zoals losse bladeren, hekjes en grassprieten, mag je weglaten of in een paar streken suggereren.

    Ook je kleuren kun je beperken. Met drie kleuren en een aardetint schilder je al een overtuigend aquarel landschap:

    • Blauw voor lucht en verte. Een koel blauw zoals ultramarijn werkt goed.
    • Geel voor licht, velden en herfstbladeren. Een warm geel of een oker geeft zonlicht.
    • Rood of oranje voor accenten en warmte op de voorgrond.
    • Gebrande sienna of omber voor aarde, stammen en schaduwen.

    Zo meng je groen: geel plus blauw geeft een basisgroen. Meer geel maakt het lente-achtig, meer blauw geeft een koeler dennengroen. Een druppel rood of oranje dempt het en maakt het natuurlijker. Dat laatste werkt omdat rood het complement van groen is; in onze uitleg over complementaire kleuren lees je waarom. Maak een klein mengproefje op de rand van je papier voor je het groen op het schilderij zet. Dat voorkomt verrassingen in de kleur.

    Een mooi aquarel landschap hoeft dus niet ingewikkeld te zijn. Het is een kwestie van kiezen: een goed uitgangspunt, een eenvoudige indeling in drie lagen, een beperkt kleurenpalet en rust. Wie zo werkt, merkt dat landschap schilderen met aquarel veel makkelijker is dan het lijkt, en dat elk volgend aquarel landschap sneller en losser gaat dan het vorige.

    Een herfstlandschap in aquarel

    Een aquarel herfst landschap is een fijn onderwerp, omdat de kleuren al vanzelf mooi bij elkaar passen: geel, oranje, rood en bruin, tegen een koele lucht. De aanpak is dezelfde als hierboven, met een paar aanpassingen.

    Aquarel van een herfstlandschap met oranje en gele bomen
    Herfstkleuren geven een aquarel vanzelf sfeer.
    • Lucht. Een zachte, grijsblauwe of lichtgele lucht. Heldere blauwe luchten passen minder bij herfst.
    • Bomen. Schilder de bomen in vlakken van geel, oranje en rood, nat in nat, zodat de kleuren in elkaar overlopen. Voeg als de laag half droog is dunne stammen en takken toe met bruin of donkergrijs.
    • Grond. Een tapijt van gevallen bladeren in warme tinten, met een paar donkere vlekken voor schaduw.
    • Water. Als je een plas of meer in beeld hebt, herhaal dan de kleuren van de bomen in zachtere tinten in het water.

    Het mooie van herfst is dat de warme kleuren bijna van zelf vooruit komen en de koele lucht terug wijkt. Een warme voorgrond tegen een koele achtergrond versterkt dus het effect van diepte. Meer over het contrast van kleuren lees je in onze uitleg over complementaire kleuren: oranje bomen tegen een blauwe lucht zijn een klassiek voorbeeld.

    Een abstract aquarel landschap

    Wil je een landschap zonder details? Dan is een abstract aquarel landschap een prettige oefening. Je laat alles weg wat te precies is en houdt vlakken en kleuren over.

    1. Kies drie of vier kleuren die bij elkaar passen, bijvoorbeeld blauw, grijs, okergeel en een beetje roze.
    2. Maak het papier deels nat en laat de kleuren in horizontale banen in elkaar overlopen.
    3. Laat het deels drogen en zet met een droger penseel een paar scherpere vlakken.
    4. Voeg één accent toe, zoals een smalle donkere lijn of een kleine rode vorm, als horizon of als pad.
    5. Houd het wit van het papier voor lichtplekken.

    Het resultaat lijkt op een landschap, maar je ziet het meer als een stemming. Dit is een goede manier om los te komen van het willen lijken, en het past goed bij een rustig, modern interieur.

    Veelgemaakte fouten bij een aquarel landschap

    • Alles even donker. Als de achtergrond even donker is als de voorgrond, mist het schilderij diepte. Houd de verte licht.
    • Te veel details op de achtergrond. Dingen die ver weg zijn, zijn vaag. Laat de details voor de voorgrond.
    • De lucht niet laten drogen. Als je de heuvels op een natte lucht zet, loopt alles in elkaar.
    • Te veel groen. Groen uit de tube is fel. Meng zelf met geel, blauw en een beetje omber of rood voor natuurlijker tinten.
    • Een horizon precies in het midden. Dat maakt het beeld statisch.
    • Te lang doorschilderen. Zodra het geheel klopt, stop je.

    Veelgestelde vragen over een aquarel landschap

    Hoe schilder je een aquarel landschap als beginner?

    Werk van licht naar donker en van ver naar dichtbij: lucht nat in nat, lichte verre heuvels, middengrond en tot slot de donkere voorgrond. Gebruik papier van minstens 300 gram.

    Welk papier is het best voor een aquarel landschap?

    Cold pressed van 300 gram is een veilige keuze. Rough papier geeft meer structuur en past volgens Hahnemühle bij landschappen en losse stijlen.

    Hoe schilder je een lucht in aquarel?

    Maak het papier nat en zet er verdunde blauwe verf op. De verf loopt uit en geeft een zachte lucht. Wolken maak je door met een schoon, vochtig penseel verf weg te nemen.

    Hoe maak ik diepte in een landschap?

    Met atmosferisch perspectief: verre dingen lichter, blauwer en vager, voorgrond donkerder, warmer en scherper.

    Hoe schilder ik een herfstlandschap in aquarel?

    Gebruik warme kleuren voor bomen en grond, een koele lucht en dunne stammen als laatste. Laat de kleuren nat in nat in elkaar overlopen.

    Wat is een abstract aquarel landschap?

    Een landschap zonder details, opgebouwd uit vlakken en kleuren die een stemming oproepen in plaats van een exacte plek.

    Moet ik een foto gebruiken?

    Voor beginners is een foto het makkelijkst. Kies een foto met duidelijke lagen en schets de hoofdvormen over.

    Hoe lang duurt een aquarel landschap?

    Een klein schilderij van 20 × 30 cm kost meestal een uur of twee, inclusief wachttijd tussen de lagen.

    Verder lezen

    Wil je meer leren? Lees onze gids over aquarel schilderen, kies het juiste aquarelpapier en de passende aquarelverf, probeer aquarel potloden en bekijk ons stappenplan om te leren schilderen.

  • Aquarelleren leren: in 4 stappen beginnen, met voorbeelden en oefeningen

    Aquarelleren leren: in 4 stappen beginnen, met voorbeelden en oefeningen

    Aquarelleren leren begint met drie dingen: papier van minstens 300 gram, een kleine set verf en twee of drie penselen. Daarna oefen je in vier stappen: een vlakke wassing, een kleurverloop, nat in nat en lagen over elkaar. Elke oefening kost een kwartier. Na een paar sessies begrijp je hoe water en verf samenwerken en kun je een eerste eenvoudig schilderij maken.

    Aquarelleren staat bekend als een van de moeilijkere vormen van schilderen, omdat je weinig kunt verbeteren. Dat is een beetje waar: verf en water laten zich niet helemaal sturen, en dat maakt het ook mooi. Veel mensen noemen het juist ontspannend, omdat je moet loslaten wat je precies wilt maken. In deze uitleg lees je hoe je aquarelleren leert voor beginners, welke spullen je nodig hebt, welke vier stappen je kunt volgen, hoe je experimenteert en of een cursus, workshop of video past bij jou. Wil je eerst een breed overzicht, lees dan ook onze gids over aquarel schilderen en ons stappenplan om te leren schilderen.

    Kort samengevat

    • Je hebt papier van minstens 300 gram, een kleine set aquarelverf en twee of drie penselen nodig.
    • Oefen eerst vier basisstappen: een vlakke wassing, een kleurverloop, nat in nat en lagen.
    • Aquarel is doorschijnend: het wit van het papier geeft het licht, dus bewaar die plekken.
    • Wees niet bang voor fouten: de verf mag zijn gang gaan en dat hoort bij de techniek.
    • Een cursus of workshop helpt om sneller te leren; video’s zijn handig om technieken te zien.

    Waarom aquarelleren anders is dan andere verf

    Aquarelverf is doorschijnend. Tate legt in zijn uitleg over aquarel uit dat de verf bestaat uit fijne pigmentdeeltjes in een wateroplosbaar bindmiddel, meestal arabische gom, glucose en glycerine. Je krijgt de verf als droge koekjes of als vloeistof in tubes, en je voegt water toe om hem te gebruiken. Omdat de verf semi-transparant is, schijnt het wit van het papier door en geeft aquarel een natuurlijke glans. Schilders laten daarom vaak plekken onbeschilderd voor het lichtste licht.

    Dat heeft gevolgen voor hoe je werkt. Bij acryl of olieverf zet je lichte kleuren er later overheen. Bij aquarel werkt het andersom: je begint licht en bouwt op naar donker, en je bewaart het wit van het papier. Wat je eenmaal donker hebt gemaakt, kun je niet meer helemaal lichter maken. Daarom plan je vooraf: waar blijft het papier wit, waar komt de lichtste kleur, waar de donkerste?

    Wikipedia beschrijft in het artikel over aquarel de belangrijkste technieken. Een wassing is een verdunde laag verf die je gelijkmatig of met een verloop over het papier trekt. Nat in nat geeft zachte, vloeiende effecten, nat op droog geeft scherpe randen en meer controle. Glaceren is het over elkaar leggen van transparante lagen op droge verf. Daarnaast bestaan droog penseelwerk, afnemen van verf voor lichtplekken, afplakken en zout strooien voor structuur. Dit zijn de bouwstenen van alles wat je gaat doen.

    Wat heb je nodig om te beginnen met aquarelleren?

    Aquarelleren leren kost weinig, zolang je de juiste basis kiest.

    Spullen om met aquarel te beginnen
    • Papier. Dit is het belangrijkste. Gebruik minstens 300 gram per m², cold pressed. De papiermaker Hahnemühle noemt 290 tot 300 gram betrouwbare allrounders en zegt dat een hoger gewicht meer stabiliteit geeft. Cellulose is prima om te oefenen en katoen is beter voor werk dat je wilt bewaren. Lees meer in onze uitleg over aquarelpapier.
    • Verf. Een kleine set in blokjes of tubes, met een warm en een koud van elke hoofdkleur. Meer over de keuze lees je bij aquarelverf.
    • Penselen. Twee of drie: een rond penseel maat 8 en een rond penseel maat 4, plus een groot plat of rond penseel voor het nat maken. Een wassingspenseel is handig voor grote vlakken.
    • Een palet. Een wit bakje, bordje of palet met vakjes om te mengen.
    • Twee potten water. Eén om je penseel te spoelen, één voor schoon water.
    • Een doekje of keukenpapier om je penseel af te vegen en te corrigeren.
    • Tape en een plank (optioneel) om het papier vlak te houden.

    Je hoeft dit niet allemaal tegelijk te kopen. Papier en verf zijn het belangrijkst. Wil je eerst proberen zonder veel uit te geven, begin dan met aquarelpotloden. Daar lees je alles over in onze uitleg over aquarel potloden.

    Aquarelleren leren in 4 stappen

    Dit is een vaste volgorde die in elke aquarelcursus terugkomt. Elke stap duurt ongeveer een kwartier. Plak je papier met tape op een plank en schilder op een lichte schuinte van ongeveer 15 graden, zodat de verf rustig naar beneden vloeit.

    Stap 1: de vlakke wassing

    Maak een mengsel van verf en water, en breng het met een groot penseel in horizontale banen aan op het papier. Werk van links naar rechts en van boven naar beneden. Laat aan de onderrand van elke baan een druppel staan en pak die bij de volgende baan op. Het doel is een gelijkmatig vlak zonder strepen of plekken. Dit lijkt makkelijk, maar het is de basis van elke lucht, elke achtergrond en elke groot vlak. Herhaal het een paar keer met verschillende kleuren.

    Stap 2: het kleurverloop

    Begin als bij stap 1 met een donkere kleur, maar voeg bij elke baan meer water toe, zodat de kleur steeds lichter wordt. Wikipedia noemt dit een verlopende wassing, van donker naar licht. Je gebruikt het voor lucht, water en achtergronden. Probeer het ook met twee kleuren: begin met blauw bovenaan, voeg halverwege geel of oranje toe en laat ze in elkaar overlopen.

    Een kleurverloop in aquarel op papier

    Stap 3: nat in nat

    Maak het papier eerst nat met schoon water en een groot penseel, tot het glanst zonder dat er plassen op staan. Zet dan met een penseel verf op het natte vlak. De verf loopt uit en geeft zachte, vloeiende vormen. Winsor & Newton beschrijft in zijn uitleg over nat in nat schilderen dat je de verf op nat of vochtig papier zet, met brede, vegende streken voor een gelijkmatige wassing en zachte overgangen zonder harde randen. Je mengt de verf wat sterker dan normaal, omdat het water op het papier hem verdunt. Meer over deze techniek lees je in onze uitleg over nat in nat schilderen.

    Nat in nat aquarel met zacht in elkaar lopende kleuren

    Stap 4: lagen over elkaar

    Laat een wassing helemaal drogen en zet er een tweede laag overheen. Omdat aquarel doorschijnend is, schijnt de eerste laag door de tweede heen. Zo maak je diepte. Wikipedia noemt dit glaceren. Begin met licht en ga naar donker, en wacht steeds tot de vorige laag droog is, anders loopt alles in elkaar. Gebruik dit later voor bomen, schaduwen en vlakken met veel diepte.

    Tip: schilder elke oefening op een apart stuk papier en schrijf er het merk, de verf en de datum op. Na een paar weken zie je zelf welke vooruitgang je hebt gemaakt.

    Aquarelleren en experimenteren

    Als je de vier stappen kent, is experimenteren de beste manier om te leren. Aquarelleren en experimenteren horen bij elkaar: de verf doet vaak iets onverwachts, en dat is precies de bedoeling. Een paar experimenten die je zonder voorbereiding kunt doen:

    • Zout. Strooi grof zout op een natte wassing. Het zout trekt verf weg en maakt sterrenpatronen. Wikipedia noemt zout strooien als techniek voor structuur.
    • Afnemen. Neem met een schoon, vochtig penseel of een tissue verf weg uit een natte laag, voor wolken of lichtplekken.
    • Droog penseel. Zet met weinig verf en een droog penseel gebroken streken, bijvoorbeeld voor gras of een golvende zee.
    • Druppels. Laat water of verf op een natte laag druppelen en kijk hoe het uitloopt.
    • Afplakken. Plak stukjes tape of maskeervloeistof op het papier om witte vormen te bewaren.
    • Kleur laten lopen. Zet twee kleuren naast elkaar op nat papier en kantel het vel.

    Experimenteren kost niets en geeft je gevoel voor de materialen. Bewaar de resultaten: je kunt ze later gebruiken als achtergrond of als inspiratie.

    Aquarelleren voor rust in je hoofd

    Veel mensen merken dat aquarelleren een rustige bezigheid is. Je let op het water, de kleur en de penseelstreek en je hoeft niets precies te maken. Er zijn geen vaste regels over waarom dat zo is, en we doen hier geen medische beloftes. Wat je wel kunt doen is er ruimte voor maken. Zet een vast moment in de week, zet een kopje thee klaar en schilder een kwartier zonder doel. Zonder druk en zonder resultaat. Dat is voor veel mensen al genoeg om het te zien als een moment voor zichzelf.

    Voorbeelden om te schilderen

    Wie aquarelleren leert, wil weten wat hij kan schilderen. Dit zijn eenvoudige onderwerpen die goed passen bij de techniek.

    • Een lucht met wolken. Nat in nat, met blauw en grijs. Een mooie eerste oefening.
    • Een zonsondergang. Een verloop van geel naar oranje naar paars. Zie ook onze uitleg over zonsondergang schilderen.
    • Een landschap. Een horizon, een heuvel en een lucht in drie vlakken. Meer in onze uitleg over aquarel landschap.
    • Bloemen. Losse, doorschijnende bloemblaadjes. Lees aquarel bloemen.
    • Een blad of tak. Eenvoudige vormen met een verloop in groen.
    • Een abstracte kleurvlak. Twee of drie kleuren die in elkaar overlopen. Geen onderwerp, wel kleurgevoel.

    Het geschiedenisverhaal helpt ook bij het kijken. Wikipedia noemt Albrecht Dürer als een van de eerste belangrijke aquarellisten, Paul Sandby als “vader van de Engelse aquarel”, en J.M.W. Turner, die de techniek op een bijzonder hoog niveau bracht door in lagen te werken, te beginnen met grote kleurvlakken op nat papier. Tate heeft Turners The Blue Rigi, Sunrise uit 1842 in zijn collectie. Een bezoek aan een museum of een kijkje in een boek met aquarellen leert je meer dan je denkt.

    Aquarelleren cursus, workshop of YouTube?

    Er zijn meerdere manieren om aquarelleren te leren. Welke past, hangt af van hoe je het liefst leert.

    • Aquarelleren cursus. Een reeks lessen met opbouw, vaak met een docent die je werk beoordeelt. Goed als je structuur wilt en graag in een groep leert. Een cursus duurt meestal meerdere weken.
    • Aquarelleren workshop. Een losse bijeenkomst van een dagdeel, vaak voor één onderwerp zoals bloemen of landschap. Handig als je het eerst wilt proberen of een uitje zoekt.
    • YouTube en online video’s. Gratis en op elk moment, met de kans om te pauzeren en terug te spoelen. Het nadeel is dat niemand je werk bekijkt. Zoek kanalen die rustig uitleggen en materiaal noemen dat je kunt kopen.
    • Boeken. Handig als naslagwerk met voorbeelden en stap-voor-stap uitleg.
    • Zelf oefenen met dit soort uitleg. Kost niets en past bij een eigen tempo.

    Een gouden middenweg: begin met video’s en oefeningen thuis, en volg later een workshop om feedback te krijgen. Wees kritisch op aanbieders: kijk naar voorbeelden van het werk van de docent en naar recensies.

    Veelgemaakte fouten bij aquarelleren

    1. Te dun papier. Het golft en de verf loopt weg. Kies minstens 300 gram.
    2. Te veel water of te weinig verf. De kleuren worden waterig. Meng de verf sterker dan je denkt.
    3. Te veel laagjes. Elke extra laag kan de eerdere laag oplossen. Schilder liever minder lagen met meer bedoeling.
    4. Te vroeg bijwerken. Als het papier half droog is, ontstaan bloemvormige vlekken. Wacht tot het droog is of werk meteen.
    5. Wit papier vullen. Het wit is je licht. Bewaar het.
    6. Te streng zijn voor jezelf. Een mislukte proef is gewoon een proef. Oefen door.

    Veelgestelde vragen over aquarelleren

    Hoe begin ik met aquarelleren?

    Koop papier van minstens 300 gram, een kleine set verf en twee of drie penselen. Oefen daarna vier stappen: vlakke wassing, kleurverloop, nat in nat en lagen over elkaar.

    Is aquarelleren moeilijk voor beginners?

    Het vraagt oefening, omdat je verf en water niet volledig kunt sturen. Met eenvoudige oefeningen en goed papier is het goed te leren.

    Wat heb ik nodig voor aquarelleren?

    Papier, aquarelverf, een paar penselen, een palet, twee potten water en een doekje. Meer is niet nodig om te beginnen.

    Is een aquarelleren cursus de moeite waard?

    Als je structuur en feedback wilt, wel. Een cursus helpt je sneller vooruit dan alleen oefenen, maar je kunt ook prima zelf beginnen.

    Kan ik aquarelleren leren met YouTube?

    Ja, voor het zien van technieken is video heel geschikt. Combineer het met zelf oefenen en eventueel een workshop voor feedback.

    Kan ik aquarelleren met potloden?

    Ja. Aquarelpotloden schilder je met een nat penseel uit tot een transparante wassing. Het is een rustige manier om te beginnen.

    Wat is nat in nat?

    Een techniek waarbij je verf op nat papier zet. De verf loopt uit en geeft zachte overgangen zonder harde randen.

    Hoe lang duurt het om aquarelleren te leren?

    Dat verschilt per persoon. Met regelmatig oefenen merk je vaak na een paar weken vooruitgang in de basistechnieken.

    Verder lezen

    Klaar om te beginnen? Lees onze gids over aquarel schilderen, kies het juiste aquarelpapier en de passende aquarelverf, probeer aquarel potloden en bekijk ons stappenplan om te leren schilderen.

  • Aquarelpapier kiezen: gewicht, katoen of cellulose en structuur

    Aquarelpapier kiezen: gewicht, katoen of cellulose en structuur

    Aquarelpapier kies je op drie dingen: het gewicht, de vezel en de structuur van het oppervlak. Voor de meeste beginners is papier van 300 gram per vierkante meter, cold pressed, een goede keuze. Cellulose is prima om op te oefenen. Katoen is duurder, maar vergeeft meer fouten en geeft een mooier resultaat.

    Wie voor het eerst aquarel papier koopt, staat al snel voor een muur van blokken, losse vellen en rollen met cijfers die niets zeggen. Toch hangt veel van je schilderij af van dit ene materiaal. Verf en water doen hun werk op het papier, en slecht papier laat de verf vlekken, laat het vel golven of drinkt alles meteen op. In deze uitleg lees je wat de cijfers betekenen, wat het verschil is tussen katoen en cellulose en wat je kunt verwachten van aquarelpapier uit de winkel om de hoek. Wil je het hele plaatje, begin dan bij ons stappenplan om te leren schilderen en lees daarna verder over aquarel schilderen.

    Kort samengevat

    • Kies minstens 300 gram per m². Dunner papier golft zodra het nat wordt.
    • Cold pressed (matig ruw) is de beste allrounder voor beginners.
    • Cellulose is goedkoper en goed genoeg om op te leren. Katoen laat meer water, meer lagen en meer correcties toe.
    • Controleer op de verpakking of het papier zuurvrij is en voor aquarel bedoeld.
    • Koop eerst een blok of een paar losse vellen en probeer, voor je een grote voorraad inslaat.

    Waarom het papier zoveel uitmaakt bij aquarel

    Aquarelverf is doorschijnend. Het wit van het papier schijnt door de verf heen en geeft aquarel zijn typische licht. Dat zegt ook het museum Tate in zijn uitleg over aquarel: de verf is semi-transparant, waardoor het papier een natuurlijke glans in de wassen geeft, en schilders laten vaak bewust stukjes papier onbeschilderd voor de lichtste plekken. Het papier is dus geen achtergrond, maar onderdeel van het schilderij.

    Daar komt bij dat je bij aquarel veel water gebruikt. Een vel dat te dun of te gladjes is, doet dan precies wat je niet wilt. Het golft, de verf loopt weg in plassen of het oppervlak raakt pluizig als je een fout wilt verbeteren. Papier voor tekenen of printen is daar niet voor gemaakt. Het is meestal te dun, te zacht en niet bestand tegen water.

    Een goed vel doet drie dingen. Het neemt water gelijkmatig op, het laat de pigmenten mooi uitvloeien en het blijft vlak, ook als het nat is. Hoeveel het papier van die dingen kan, hangt af van gewicht, vezel en oppervlak.

    Het gewicht van aquarelpapier in gram

    Het gewicht staat altijd op de verpakking, in gram per vierkante meter. Hoe zwaarder het papier, hoe dikker het is en hoe meer water het aankan. De papiermaker Hahnemühle zegt het in zijn gids over aquarelpapier zo: hoe hoger het gewicht, hoe stabieler het papier. Voor een eerste indeling kun je dit aanhouden:

    Drie vellen aquarelpapier van verschillende dikte
    Hoe zwaarder het papier, hoe dikker het vel.
    GewichtGeschikt voor
    200 tot 290 gramSchetsen, droge technieken en aquarelpotloden
    290 tot 350 gramDe standaard voor de meeste aquarel; 300 gram is de allrounder
    400 gram en meerVeel water, veel lagen en grote vellen nat in nat

    Voor beginners is 300 gram het veiligste gewicht. Het papier kan een flinke laag water hebben en je kunt er een paar lagen op zetten, zonder dat je het van tevoren hoeft te spannen. Papier van 200 of 250 gram, zoals je het vaak in goedkope schetsblokken ziet, golft zodra je meer dan een dun laagje verf gebruikt. Dat lijkt een klein probleem, maar een golvend vel laat het water in de dalen samenkomen, en dat geeft vlekken die je niet kunt sturen.

    Een kanttekening: gewicht zegt niets over kwaliteit. Een vel van 300 gram cellulose en een vel van 300 gram katoen voelen op de weegschaal hetzelfde, maar gedragen zich anders met water. Kijk dus altijd ook naar de vezel.

    Katoen of cellulose: wat is het verschil?

    Aquarelpapier is gemaakt van twee soorten vezels.

    Cellulose

    Cellulose komt uit houtpulp. Papier van cellulose is goedkoper en voor de meeste mensen prima voor de eerste maanden. Hahnemühle noemt cellulose een betrouwbaar en betaalbaar alternatief dat past bij beginners, studies en dagelijks oefenen. Het nadeel is dat het water minder gelijkmatig opneemt. Je merkt dat bij nat in nat schilderen, waar het papier sneller droog of juist te nat lijkt, en bij verbeteren: als je een plek wilt schoonmaken, gaat het oppervlak sneller kapot.

    Katoen

    Katoenpapier is gemaakt van katoenvezels. Volgens dezelfde gids is katoen de robuuste keuze voor wie veel water gebruikt, meerdere glaceerlagen schildert en wil kunnen corrigeren. Het neemt water en pigment gelijkmatig op, waardoor je vloeiende overgangen krijgt. Katoen is ook minder gevoelig voor vervormen, een eigenschap die Wikipedia in het artikel over aquarel noemt: aquarelpapier bestaat vaak deels of geheel uit katoen, wat structuur geeft en vervorming bij nat worden beperkt.

    Je ziet ook papier met een percentage katoen, bijvoorbeeld 25 of 50 procent. Dat zit tussen beide in qua prijs en gedrag. Een goede aanpak is dat je op cellulose of een mix oefent en dat je katoen bewaart voor werk dat je wilt houden, ophangen of weggeven.

    Tip: begin met een klein blok van 300 gram cellulose en koop daarnaast een paar losse vellen katoen. Schilder dezelfde proef op beide en je ziet in een kwartier zelf wat het verschil is.

    De structuur: hot pressed, cold pressed en rough

    Het oppervlak van het papier heeft drie hoofdvarianten. De namen komen uit de manier waarop het papier wordt geperst. Hahnemühle beschrijft ze zo:

    • Cold pressed (CP, ook wel NOT): licht gestructureerd en veelzijdig. Het werkt voor nat in nat en voor droog penseelwerk. Dit is het papier dat je het vaakst tegenkomt en de beste keuze om mee te beginnen.
    • Rough: een duidelijke korrel. De verf zakt in de dalen en laat pigmenten korrelig neerslaan, wat mooi is voor landschappen en losse stijlen.
    • Hot pressed (HP): glad. Handig voor fijne lijnen, details en botanische illustraties. Voor beginners is het lastig, want de verf blijft op het oppervlak liggen en laat zich moeilijker sturen.

    Als je aquarelpapier koopt zonder dat je dit weet, kies dan cold pressed. Je kunt er mee werken in elke stijl, van losse wassen tot nauwkeurige bloemen.

    Aquarelpapier in de praktijk: spannen, testen en kopen

    Spannen, plakken en blokken: moet je je papier voorbewerken?

    Papier van 300 gram of meer golft bij gewoon gebruik niet erg. Gebruik je veel water, dan kun je het vel op een plank plakken met schilderstape of papiertape. Dat houdt het vlak tijdens het schilderen en laat een mooie witte rand over. Haal de tape pas weg als het papier helemaal droog is.

    Aquarelpapier met papiertape op een plank geplakt met een natte wassing
    Papier op een plank geplakt blijft vlak.

    Een aquarelblok is aan vier kanten aan elkaar gelijmd. Je schildert op het bovenste vel en snijdt het los als het droog is. Het vel kan dus niet golven en je hoeft niets te spannen. Voor beginners is een blok daarom een slimme eerste aankoop, ook al is het per vel wat duurder dan losse vellen. Losse vellen zijn voordeliger voor grote formaten, maar vragen om een plank en tape.

    Bewaar je papier vlak en droog, het liefst in de verpakking of in een map. Papier trekt vocht uit de lucht en vouwt zich dan om bij de randen. Raak het oppervlak met je handen niet onnodig aan, want vet van je vingers kan de verf later weren.

    Aquarel papier bij Action en Hema: is het goed genoeg?

    Veel mensen beginnen met aquarel papier van de Action of de Hema. Dat is een logische stap, want het is goedkoop en altijd dichtbij. Of het goed genoeg is, hangt af van wat er op de verpakking staat. Er zijn blokken met aquarelpapier van 200 gram, en die zijn op de eerste proef al te dun voor een nat werkstuk. Zie je 300 gram met de vermelding dat het voor aquarel bedoeld is, dan kun je het gewoon proberen.

    Lees voor je koopt:

    1. Het gewicht per vierkante meter.
    2. Of het papier voor aquarel of voor natte technieken is bedoeld.
    3. Of het cellulose, katoen of een mix is. Staat dat er niet bij, ga dan uit van cellulose.
    4. Of het zuurvrij is. Zuurvrij papier wordt minder snel geel.

    Voor oefenen met kleuren, penseelstreken en nat in nat is goedkoop papier van 300 gram prima. Voor een schilderij dat je wilt ophangen, bewaar je beter voor katoenpapier uit een kunstenaarswinkel. Gebruik je liever aquarelpotloden of schilder je met weinig water, dan kom je ook met 200 tot 250 gram een eind. Meer over de verf zelf lees je in onze uitleg over aquarelverf en over aquarel potloden.

    Aquarel op zwart of gekleurd papier

    Een vraag die vaak terugkomt, is of je aquarel op zwart papier kunt schilderen. Dat kan, maar het geeft een ander resultaat. Gewone aquarelverf is doorschijnend, dus op zwart papier verdwijnen de kleuren. Je ziet bijna niets, omdat er geen wit papier meer doorheen schijnt.

    Wil je op zwart papier werken, kies dan een dekkende verf zoals gouache, of gebruik witte en metallic aquarelverf die wel dekt. Op donkergrijs of gekleurd papier werkt het ook, zolang je de verf dekkend gebruikt en niet meer verwacht van de doorschijnendheid. Voor een eerste aquarel is wit papier altijd de beste keuze.

    Aquarelpapier testen voor je het koopt

    Staat er niets op de verpakking dat je helpt, dan kun je aquarelpapier ook zelf testen met een klein vel of een los blaadje. Doe drie proeven, het liefst op een stuk van een paar vierkante centimeter.

    1. De watertest. Maak een vlak nat met een grote kwast. Blijft het papier vlak en glanst het gelijkmatig? Dan is het aquarelpapier dat water goed opneemt. Golft het meteen of trekt het water in vlekken weg, dan is het te dun of te zacht.
    2. De uitvloeitest. Zet een druppel verf op het natte vlak. Een goed vel laat de verf rustig en gelijkmatig uitvloeien. Bij slecht papier blijft de verf in een harde rand liggen of loopt hij weg in strepen.
    3. De correctietest. Laat de verf drogen en probeer een stukje met een natte, schone kwast en een tissue weg te halen. Katoenpapier laat los zonder te pluizen. Bij goedkoop papier komt het oppervlak los en blijft er een kale plek achter.

    Zo’n kwartier proeven kost weinig en voorkomt dat je een grote stapel aquarel papier koopt dat je daarna nooit gebruikt. Schrijf op de achterkant van elke proef het merk en het gewicht, zodat je later nog weet welk aquarelpapier je prettig vond.

    Aquarelpapier kopen: waar en in welke vorm?

    Je kunt aquarelpapier in drie vormen kopen: als los vel, als blok en als schetsboek. Losse vellen zijn het voordeligst per oppervlak en geven je de vrijheid om zelf formaten te snijden, maar je moet ze plakken of spannen. Een blok is de handigste vorm voor beginners. Een schetsboek met aquarelpapier is fijn om mee te nemen, maar let op dat de rug het papier soms bol maakt en dat de bladen vaak dunner zijn dan in een blok.

    Je vindt aquarelpapier bij de kunstenaarswinkel, bij hobbywinkels, online en bij de grotere winkelketens. In een kunstenaarswinkel kun je meestal het papier voelen en vergelijken, en daar werkt personeel dat je advies kan geven. Online is de keuze het grootst en zijn de prijzen laag, maar je kunt het papier niet vooraf aanraken. Kies in dat geval een klein blok, zodat je niet vastzit aan een grote hoeveelheid.

    Veelgemaakte fouten met aquarelpapier

    Niet alles wat misgaat, ligt aan je penseel. Dit zijn de fouten die we bij beginners het vaakst zien.

    • Te dun papier kiezen. Papier van 200 gram is voor droge technieken, niet voor veel water. Kies voor je eerste aquarel minstens 300 gram.
    • Te weinig papier om op te oefenen. Aquarelpapier is duurder dan tekenpapier, dus beginners durven niet te oefenen. Gebruik daarom goedkoop cellulosepapier van 300 gram voor je proeven en bewaar het dure papier voor later.
    • De verkeerde kant gebruiken. Bij veel merken heeft het papier een goede kant, herkenbaar aan een leesbaar watermerk. Dat is niet altijd belangrijk, maar bij katoenpapier voelt de ene kant vaak iets gladder dan de andere.
    • Te vroeg aan het papier komen. Natte aquarel op papier is kwetsbaar. Laat het helemaal drogen voor je tape weghaalt of er een volgende laag op zet.
    • Te weinig letten op de zuurgraad. Zuurvrij aquarelpapier verkleurt minder. Voor werk dat je wilt bewaren is dat de moeite waard.

    Welk aquarelpapier past bij welke techniek?

    Een korte vertaling van alles hierboven, per situatie:

    • Je begint net en wilt oefenen: blok van 300 gram, cold pressed, cellulose.
    • Je gaat nat in nat schilderen met veel water: 300 gram of meer, liefst katoen of een mix met katoen.
    • Je wilt landschappen met korrelige structuren: rough, 300 gram.
    • Je schildert fijne botanische details: hot pressed, 300 gram, en een klein penseel.
    • Je wilt je werk lijsten en bewaren: katoen, zuurvrij en van een merk dat aquarelpapier maakt.
    • Je gebruikt aquarelpotloden: 200 tot 290 gram is genoeg.

    Veelgestelde vragen over aquarelpapier

    Welk aquarelpapier is het beste voor beginners?

    Een blok van 300 gram per m², cold pressed, van cellulose of een katoenmix. Het kan genoeg water hebben, golft nauwelijks en kost minder dan puur katoen. Zodra je merkt dat je meer wilt corrigeren of meer lagen wilt schilderen, stap je over op katoen.

    Wat betekent 300 gram bij aquarelpapier?

    Het is het gewicht van een vierkante meter papier. Hoe hoger het getal, hoe dikker het papier. 300 gram is de standaard voor aquarel, omdat dit papier de meeste technieken aankan zonder sterk te golven.

    Kan ik gewoon tekenpapier gebruiken voor aquarel?

    Dat kan voor een droge schets, maar niet voor schilderen met veel water. Tekenpapier is dunner en niet voor water gemaakt, dus het golft en het oppervlak raakt snel kapot.

    Wat is het verschil tussen cold pressed en hot pressed?

    Cold pressed heeft een lichte structuur en is veelzijdig. Hot pressed is glad en geschikt voor fijn detail. De meeste beginners kiezen cold pressed.

    Is aquarel papier van Action of Hema goed genoeg?

    Voor oefenen vaak wel, mits het minstens 300 gram weegt en voor aquarel is bedoeld. Blokken van 200 gram zijn te dun voor nat werk. Voor een schilderij dat je wilt bewaren loont katoenpapier.

    Kan ik aquarel op zwart papier schilderen?

    Gewone aquarelverf verdwijnt op zwart papier, omdat de verf doorschijnend is. Gebruik daarvoor dekkende gouache of witte en metallic verf.

    Moet ik mijn aquarelpapier spannen?

    Bij 300 gram en veel water is het handig om het vel met tape op een plank te plakken. Met een aquarelblok of papier van 400 gram en meer is dat meestal niet nodig.

    Hoe bewaar ik aquarelpapier?

    Vlak, droog en bij voorkeur in de verpakking of een map. Zo blijft het papier vlak en gaat het niet krullen aan de randen.

    Verder lezen

    Nu je weet waar je op let, kun je aan de slag. Lees hoe je begint met aquarel schilderen, kijk welke aquarelverf bij je past en ontdek wat je met aquarel potloden kunt doen. Wil je een onderwerp om mee te oefenen, lees dan over aquarel bloemen. Alle uitleg over schilderen vind je in ons stappenplan voor beginners.

  • Aquarel bloemen schilderen: simpele bloemen voor beginners in 5 stappen

    Aquarel bloemen schilderen: simpele bloemen voor beginners in 5 stappen

    Aquarel bloemen schilder je met een paar vlekken kleur en een penseel vol water. Je zet eerst een zachte basis neer, laat de kleuren in elkaar overlopen en voegt daarna met een fijner penseel de details toe. Bloemen lenen zich daar goed voor, omdat de vorm niet precies hoeft te kloppen: een los geschilderde bloem ziet er juist mooi uit.

    Veel beginners kiezen aquarel bloemen als eerste onderwerp, en dat is een goede keuze. De kleuren zijn fris, de vormen zijn te vereenvoudigen en je kunt klein beginnen. In ons stappenplan om te leren schilderen voor beginners lees je de basis van verf en papier. In dit artikel werk je dat uit voor aquarel bloemen: simpele bloemen in vijf stappen, ideeën en voorbeelden, abstracte bloemen en veelgemaakte fouten. Meer over de techniek zelf lees je in onze gids over aquarel schilderen.

    Kort samengevat

    • Schilder aquarel bloemen met drie basisvormen: een ronde, een kopvormige en een lange bloem.
    • Begin nat in nat met lichte kleuren en voeg met een droger penseel donkerder tinten toe.
    • Laat elke laag drogen voor je details en bladeren toevoegt.
    • Gebruik aquarelpapier van minstens 200 gram, zodat het minder golft.
    • Laat wit papier staan voor lichtpunten, in plaats van wit te schilderen.

    Wat heb je nodig voor aquarel bloemen?

    Voor aquarel bloemen heb je weinig nodig. Een kleine set is genoeg:

    • Aquarelverf. Een setje van twaalf napjes of tubes. Voor bloemen zijn roze, rood, geel, violet, twee groentinten en een blauw handig. Meer over aquarelverf lees je in onze uitleg.
    • Aquarelpapier. Papier van 200 gram of zwaarder, bij voorkeur van katoen of cellulose dat water goed verdraagt. Lees in onze uitleg over aquarelpapier waar je op let.
    • Penselen. Een ronde maat 6 of 8 voor de bloemen en een fijne maat 2 of 4 voor de details en de stengels.
    • Twee potjes water. Eén om te wassen, één met schoon water.
    • Een palet. Een wit bord werkt ook.
    • Een doekje, plakband en een plank. Tape het papier rondom vast, zodat het vlak blijft.

    De maten en gewichten zijn richtwaarden uit de schilderpraktijk.

    Aquarel bloemen schilderen in 5 stappen

    Dit stappenplan werkt voor simpele bloemen, zoals een papaver, een tulp of een madelief. Je kunt hetzelfde stappenplan voor bijna elke bloem gebruiken.

    Aquarel van een rode papaver op papier
    Zacht en nat: zo ziet een eenvoudige aquarel bloem eruit.

    Stap 1 van 5

    Stap 1: kijk naar de vorm en schets licht

    Kijk naar de bloem die je wilt schilderen en vraag je af welke vorm hij het meest lijkt. Een roos, papaver of dahlia is rond. Een tulp of lelie is kopvormig. Een lavendel of vingerhoedskruid is lang en smal. Met die drie vormen schilder je bijna elke bloem.

    Schets de vorm heel licht met een zacht potlood. Zet de bloem, de steel en twee of drie bladeren. Druk niet hard, want potlood schijnt door aquarel heen. Je schetst alleen de plek, niet de details.
    :::

    Stap 2 van 5

    Stap 2: maak een natte basis en zet de lichte kleur neer

    Maak het gebied van de bloem vochtig met schoon water en een rond penseel. Het papier moet glanzen, maar mag geen plassen hebben. Pak daarna een lichte tint, bijvoorbeeld licht roze, en zet hem op het natte papier. De kleur loopt vanzelf uit. Dit heet nat in nat. In onze uitleg over nat in nat schilderen lees je er meer over.

    Laat plekjes wit papier open voor lichtpunten. Dat wit krijg je later niet meer terug.
    :::

    Stap 3 van 5

    Stap 3: voeg donkerdere kleur toe aan de binnenkant

    Zolang het papier nog vochtig is, voeg je een dieper roze of rood toe in het hart van de bloem en langs de onderkant van de bloemblaadjes. De kleur loopt zacht in de lichtere tint. Zo krijgt de bloem diepte zonder harde lijnen.

    Een penseel zet donkerder roze in het hart van een nat geschilderde bloem, de kleur loopt zacht uit
    :::

    Stap 4 van 5

    Stap 4: schilder stengel en bladeren

    Laat de bloem helemaal drogen. Schilder dan met een groene tint de stengel en de bladeren. Maak de bladeren met één of twee penseelstreken: zet de punt van je penseel neer, druk iets harder in het midden en trek hem uit. Voeg nat in nat een tweede groen toe, bijvoorbeeld een warmer en een koeler groen, zodat de bladeren niet allemaal hetzelfde zijn.

    Laat hier en daar een stukje wit papier open tussen bloem en blad. Dat geeft lucht.
    :::

    Stap 5 van 5

    Stap 5: werk de details bij

    Wacht tot alles droog is. Zet met een fijn penseel en een iets donkerdere tint de schaduwen en lijntjes van de blaadjes, het hart van de bloem en de nerven in de bladeren. Houd het sober. Een paar lijntjes zijn genoeg, want te veel details maken de losse stijl kapot.

    Stap daarna even achteruit en kijk of je nog iets wilt toevoegen. Vaak is het beter om te stoppen.
    :::

    Drie simpele aquarel bloemen om mee te beginnen

    Weet je niet waar je moet beginnen? Deze drie aquarel bloemen simpel te schilderen zijn een goede keus.

    De papaver

    Een papaver is bijna een ronde vlek met een donker hart. Schilder de bloemblaadjes in rood of oranje, nat in nat, en zet in het midden een donkere stip met een paar fijne streepjes eromheen. De papaver vergeeft fouten, omdat de bloemblaadjes er van nature onregelmatig uitzien.

    De tulp

    Een tulp bestaat uit een eivorm met drie bloemblaadjes. Schilder eerst de hele vorm in een lichte tint en voeg daarna een dieper kleur toe aan de onderkant en langs de randen. Laat de lichtkant wit. Met twee lange, slanke bladeren erbij is hij klaar.

    De madelief of margriet

    Schilder de bloemblaadjes als losse, witte streepjes met een beetje blauwgrijs of lichtgroen schaduw, en maak het hart geel. Een witte bloem schilder je met schaduw, niet met witte verf: het wit komt van het papier. Een madelief is een goede oefening voor het werken met lichtpunten.

    Ideeën en voorbeelden van aquarel bloemen

    Zoek je afbeeldingen van aquarel bloemen of voorbeelden van aquarel bloemen als inspiratie? Je kunt op internet veel vinden, maar ook musea tonen prachtige voorbeelden.

    Het Rijksmuseum bewaart bijvoorbeeld een Bloemenstudie van Maria Margaretha van Os, een tekening in aquarel, met het penseel in kleuren uitgevoerd, op een klein formaat van ongeveer 16 bij 16 cm. De studie laat zien hoe klein en rustig een bloemenschilderij kan zijn. Het museum bewaart ook een veel groter werk: de Bloemenstudie van papavers en rhododendrons van Barbara Elisabeth van Houten, in potlood en aquarel, van 653 bij 400 mm. Dat laat zien hoe je met aquarel ook groot kunt werken.

    Hier zijn nog een paar ideeën voor aquarel voorbeelden bloemen die je zelf kunt maken:

    • Een bosje veldbloemen. Een losse bos in rood, geel, blauw en wit, zonder vaas.
    • Een enkele bloem op een groot vel. Veel wit papier geeft een rustig, modern effect.
    • Een krans van bloemen. Teken een lichte cirkel en schilder de bloemen eromheen.
    • Een bloem in een vaas. Combineer dit met onze uitleg over vaas schilderen.
    • Een botanische tekening. Een bloem met steel en bladeren op een wit vel, netjes en gedetailleerd.
    • Een kaart. Schilder kleine bloemen op een kaart voor een verjaardag.

    Wil je meer weten over bloemen schilderen in andere technieken? Lees dan onze algemene uitleg over bloemen schilderen.

    Kleuren mengen voor aquarel bloemen

    Bij aquarel bloemen schilderen draait het om frisse kleuren. Een paar eenvoudige regels helpen je daarbij:

    Kleuren mengen voor aquarel bloemen op een palet
    Meng je kleuren vooraf op het palet.
    • Meng op het papier. Laat twee kleuren in elkaar lopen in plaats van ze eerst te mengen in je palet. Dat geeft levendigere overgangen.
    • Gebruik twee groentinten. Meng een warm groen van geel met een beetje blauw en een koel groen van blauw met een beetje geel. Zo krijgen de bladeren van je aquarel bloemen variatie.
    • Maak schaduw met een tegenkleur. Een roze bloem krijgt een prettige schaduw van een beetje groen of blauw, niet van zwart. Zwart maakt aquarel bloemen vlak.
    • Houd de kleuren schoon. Spoel je penseel goed uit tussen twee kleuren, en gebruik schoon water voor lichte tinten.
    • Test eerst. Probeer een kleur op een stukje papier voor je hem in je schilderij zet. Aquarel droogt lichter op dan hij nat lijkt.

    Wil je dieper in kleuren duiken? Onze uitleg over kleuren mengen legt uit hoe je tinten maakt zonder dat ze modderig worden. Een goed gekozen palet van vier of vijf kleuren is genoeg om bijna alle aquarel bloemen mee te schilderen.

    Aquarel bloemen abstract schilderen

    Aquarel bloemen abstract schilderen is de meest ontspannen manier van werken. Je bootst geen bloem na, maar laat kleuren en vlekken de indruk van een bloem geven. Het is een goede oefening voor beginners, omdat er geen fout bestaat.

    Zo pak je het aan:

    1. Maak een groot vlak van het papier vochtig.
    2. Laat een paar kleuren, bijvoorbeeld roze, oranje, violet en geel, in het natte vlak vallen, op plekken waar je de bloemen wilt hebben.
    3. Kantel het papier zodat de kleuren in elkaar lopen. Laat ze zelf kiezen.
    4. Laat het papier gedeeltelijk drogen en voeg met een fijn penseel stengels en een paar bladeren toe.
    5. Zet één of twee donkere accenten in de bloemen, zoals een hart of een schaduw.

    Het resultaat is een zachte bloementuin zonder scherpe details. Houd het simpel: drie of vier kleuren geven een rustiger beeld dan zeven.

    Veelgemaakte fouten bij aquarel bloemen

    • Te veel water. De kleuren vloeien weg en worden vlekkerig. Veeg je penseel af op een doekje voor je verf pakt.
    • Te snel doorwerken. Voeg je een laag toe voor de vorige droog is, dan wordt het modderig. Wacht even.
    • Te veel kleuren door elkaar. Gebruik per bloem twee of drie tinten.
    • Wit overschilderen. Aquarel dekt niet. Houd het witte papier vrij waar je licht wilt.
    • Elk blaadje schilderen. Schilder de bloem als één vorm met een paar lijnen, niet blaadje voor blaadje.
    • Te hard drukken met potlood. De lijnen schijnen door. Schets licht, of gebruik een kneedgum om de schets te verzachten voor je schildert.
    • Te groot beginnen. Een formaat A5 is genoeg om een bloem te leren schilderen.

    Tips om beter te worden in aquarel bloemen

    1. Oefen één bloem vijf keer. Elke keer wordt hij losser en mooier.
    2. Kijk naar echte bloemen. Zet een bloem op je tafel en kijk hoe het licht erop valt.
    3. Maak een kleurenkaart. Schilder van je roze, rode en groene tinten een vlak, nat en droog, zodat je weet hoe ze eruitzien.
    4. Werk van licht naar donker. Donker is moeilijk te corrigeren, licht kun je altijd bijwerken.
    5. Laat je werk drogen voor je oordeelt. Aquarel droogt lichter op dan hij nat lijkt.
    6. Werk met potloden als steun. Wil je bij aquarel bloemen meer controle? Probeer dan eens aquarel potloden, waarmee je de vorm tekent en daarna nat maakt.

    Veelgestelde vragen over aquarel bloemen

    Hoe schilder je aquarel bloemen als beginner?

    Begin met een eenvoudige bloem en drie basisvormen: rond, kopvormig en lang. Maak het papier nat, zet een lichte kleur neer en voeg nat in nat een donkerdere kleur toe. Laat het drogen en werk daarna met een fijn penseel de details bij.

    Welke verf heb ik nodig voor aquarel bloemen schilderen?

    Een kleine set aquarelverf is genoeg. Voor bloemen zijn roze, rood, geel, violet, twee groentinten en een blauw handig. Mengen kan altijd op het papier of in het palet.

    Welk papier gebruik ik voor aquarel bloemen?

    Aquarelpapier van minstens 200 gram, zodat het minder golft. Tape het papier rondom vast op een plank voor een vlak resultaat.

    Wat zijn simpele aquarel bloemen om mee te beginnen?

    Een papaver, een tulp en een madelief zijn goede keuzes. Ze hebben een duidelijke vorm en weinig details, en fouten vallen er nauwelijks op.

    Hoe schilder ik een witte bloem in aquarel?

    Laat het papier wit en schilder de schaduw in een licht blauwgrijs of lichtgroen. Aquarel dekt niet, dus het wit van de bloem is het papier zelf.

    Hoe werkt abstract aquarel bloemen schilderen?

    Je maakt het papier nat, laat kleuren erin lopen en voegt stengels en bladeren toe als de verf half droog is. Het gaat niet om een precieze bloem, maar om de indruk.

    Waar vind ik voorbeelden en afbeeldingen van aquarel bloemen?

    Op internet, in boeken en bij musea. Het Rijksmuseum toont bijvoorbeeld bloemenstudies in aquarel van Maria Margaretha van Os en Barbara Elisabeth van Houten. Gebruik ze als inspiratie en schilder niet precies na.

    Moet ik eerst tekenen voor ik aquarel bloemen schilder?

    Een lichte schets helpt, zeker voor beginners. Gebruik een zacht potlood en druk niet hard, want potlood schijnt door de verf. Je kunt ook direct met een klein penseel beginnen.

    Verder lezen over aquarel

    Aquarel bloemen leer je door te beginnen: één bloem, drie kleuren, veel water. Schilder een kleine papaver op een A5-vel en kijk wat er gebeurt.

    Meer lezen? Begin bij onze gids schilderen voor beginners. Lees daarna over aquarel schilderen, over aquarelpapier en over aquarelverf. Wil je met potloden beginnen? Kijk dan bij aquarel potloden.

  • Aquarel cursus kiezen: online of op locatie, en wat leer je?

    Aquarel cursus kiezen: online of op locatie, en wat leer je?

    Een aquarel cursus leert je in een paar lessen de basis van waterverf: hoeveel water je gebruikt, hoe je kleuren laat overlopen en hoe je lagen opbouwt. Je kunt een aquarel cursus online volgen in je eigen tempo, of op locatie met een docent. Beginners hebben aan vier tot zes lessen genoeg om zelfstandig verder te gaan.

    Een goede aquarel cursus past bij je tempo, je agenda en je budget. In dit artikel lees je wat je in een aquarel cursus leert, wanneer een online cursus beter is dan een cursus op locatie en hoe je een gratis aanbod beoordeelt. Ook vind je een lijst met materialen en oefeningen waarmee je vandaag al kunt beginnen. De basis van het schilderen zelf staat in ons stappenplan voor schilderen voor beginners. Over de techniek lees je meer bij aquarel schilderen.

    Kort samengevat

    • In een aquarel cursus leer je water beheersen, kleuren mengen en lagen opbouwen.
    • Online kies je je eigen tempo, op locatie krijg je direct feedback van een docent.
    • Een gratis online aquarel cursus is prima om te beginnen, maar vraagt zelfdiscipline.
    • Papier is belangrijker dan je denkt: kies dik, katoenrijk papier voor het beste resultaat.
    • Oefen thuis een paar basisoefeningen voordat je een cursus boekt.

    Wat leer je in een aquarel cursus?

    Aquarel is een schildertechniek waarbij je met waterverf werkt. Volgens de Nederlandse Wikipedia-pagina over aquarel vormt het pigment in zuivere aquarel een dunne, ononderbroken laag, zodat het papier erdoorheen schijnt. Er wordt geen dekkend wit gebruikt: het wit in een aquarel is het blanke papier. Dat maakt aquarel mooi, maar ook lastig. Je kunt verf niet zomaar overschilderen, dus je moet vooraf nadenken.

    Een goede aquarel cursus voor beginners behandelt daarom dezelfde onderwerpen:

    • Water en verf verhouding. Hoeveel water je in je penseel hebt, bepaalt hoe de verf zich gedraagt. Dit is de belangrijkste vaardigheid.
    • Nat-in-nat en nat-op-droog. Bij nat-in-nat schilder je op vochtig papier en vloeien kleuren in elkaar over. Bij nat-op-droog schilder je op droog papier, voor strakke randen.
    • Kleuren mengen. Je leert uit een paar basiskleuren veel tinten maken, en hoe je grijs- en bruintinten krijgt zonder zwart.
    • Lagen en transparantie. Je bouwt van licht naar donker op en laat elke laag drogen.
    • Wit sparen. Je laat plekken wit en leert dat die niet terug te halen zijn.
    • Een eenvoudig onderwerp schilderen. Meestal een lucht, een boom, bloemen of een landschap.

    Dat is ook wat er in een aquarel schilderen cursus op locatie of online aan bod komt. Lessen verschillen in volgorde en tempo, maar de inhoud is bijna altijd gelijk. De basis leer je in de eerste uren. Daarna draait het vooral om herhalen.

    Een aquarel cursus online of op locatie?

    Beide vormen werken. Het hangt af van hoe je leert.

    Iemand schildert aquarel aan tafel terwijl een online les op de laptop draait
    Online leren op je eigen tempo.

    Aquarel cursus online

    Bij een aquarel online cursus kijk je video’s of volg je lessen op afstand. Je bepaalt zelf wanneer en hoe lang je werkt, en je kunt een les terugkijken. Dat is handig als je een penseeltechniek wilt zien en daarna even bij wilt kijken. Een online cursus past bij mensen met een drukke agenda en bij wie liever thuis oefent.

    Het nadeel is dat je geen directe feedback krijgt. Als je fout begint, merk je dat misschien pas na een uur. Kies daarom een cursus waarbij je je werk kunt insturen of waarbij je vragen kunt stellen. Een online cursus aquarel schilderen die alleen uit video’s bestaat, vraagt meer zelfdiscipline.

    Gratis aquarel cursus online

    Er is veel gratis materiaal op het internet. Een gratis aquarel cursus online is een goede manier om uit te zoeken of de techniek je ligt, voordat je geld uitgeeft. Let wel op de kwaliteit: kies een reeks waarin de lessen op elkaar voortbouwen, en haak af bij een aanbod dat vooral reclame voor materialen maakt. Een gratis cursus is een fijn begin, maar mist vaak persoonlijke feedback.

    Aquarel cursus op locatie

    Een cursus in een groep, bijvoorbeeld bij een volksuniversiteit, een kunstenaarsvereniging of een atelier, geeft je direct feedback van een docent. Je ziet hoe iemand het penseel vasthoudt en hoeveel water hij gebruikt. Dat is voor beginners een groot voordeel. Je leert ook van wat anderen doen. Daar staat tegenover dat je aan vaste tijden bent gebonden en dat de materialen soms bij de prijs zijn inbegrepen en soms niet.

    Een aquarel cursus bij jou in de buurt

    Zoek je een cursus in je eigen stad, dan helpt het om gericht te zoeken. Zoek bijvoorbeeld op een aquarel cursus in Den Haag, Eindhoven, Groningen, Haarlem, Rotterdam, Utrecht of Leiden, of in een kleinere plaats in jouw regio. In grotere steden is het aanbod groter, maar ook kleine dorpen hebben vaak een schildersclub of een atelier met een aquarel cursus. Vraag bij elke aanbieder naar de groepsgrootte, de materialen en of je een proefles kunt volgen. Vergelijk ook de duur: een korte reeks van vier lessen is genoeg om te beginnen.

    Welke materialen heb je nodig voor een aquarel cursus?

    Bij een cursus op locatie krijg je vaak een lijst of kun je materiaal lenen. Online koop je het zelf. Voor aquarel heb je weinig nodig, maar kwaliteit telt vooral bij papier.

    Beginnersmateriaal voor aquarel: verfdoos, penselen, aquarelpapier, glas water en doekje
    Dit heb je minimaal nodig.

    Papier

    Het papier is bij aquarel het belangrijkste onderdeel, omdat het het zichtbare oppervlak vormt. De Wikipedia-pagina over aquarel schrijft dat het papier houtvrij, bij voorkeur van lompen, goed gelijmd en lichtecht hoort te zijn. Zwaarder papier, ongeveer 200 tot 300 gram per vierkante meter, trekt minder snel krom. Een Nederlandse papiergids van Splendith raadt voor beginners koud geperst papier aan en zegt dat 240 tot 300 gram ervoor zorgt dat je papier niet meteen krom trekt. Dunner papier is volgens dezelfde bron vaak goedkoper en prima om op te oefenen. Papier met katoen neemt het meeste water op.

    Meer over soorten en formaten lees je bij aquarelpapier.

    Verf

    Aquarelverf bestaat uit nagenoeg zuivere pigmenten, gebonden met gom arabicum, schrijft Wikipedia. Je kunt kiezen uit napjes in een doosje of tubes. Een doosje met twaalf napjes is voor een beginner ruim voldoende. Over de verschillen tussen merken en kwaliteiten lees je in onze uitleg over aquarelverf.

    Penselen

    Kies een rond penseel van een middelgrote maat en een platte kwast voor grote vlakken. Synthetische penselen of een mix met natuurhaar zijn prima. Een maat 8 en een maat 12 rond zijn een goed begin, volgens de gebruikelijke praktijk. Dat is een richtwaarde.

    Overige spullen

    Je hebt ook een pot water, een doek of keukenpapier, een palet of een bord om te mengen, en eventueel schildertape om het papier vast te plakken. Een tekenplank of een stevig bord is handig om het papier op vast te zetten. Wil je werken met potloden in plaats van verf, bekijk dan wat aquarel potloden voor je kunnen doen.

    Waar let je op bij het kiezen van een aquarel cursus?

    Een goede cursus herken je aan een paar punten. Dit lijstje helpt bij het vergelijken.

    1. Wie geeft de les? Kijk naar het eigen werk van de docent. Past de stijl bij wat jij wilt maken?
    2. Hoe zijn de lessen opgebouwd? Een goede cursus begint met water en kleur, niet met een groot, moeilijk schilderij.
    3. Krijg je feedback? Bij een groep krijg je die direct. Online kun je soms je werk insturen. Vraag ernaar.
    4. Wat is inbegrepen? Vraag of materialen en papier bij de prijs zitten en wat je zelf meebrengt.
    5. Kun je een proefles volgen? Bij een cursus op locatie is een kennismaking vaak mogelijk.
    6. Hoe lang duurt het? Een korte reeks van vier tot zes lessen is genoeg om de basis te leren. Dat is een richtwaarde.
    7. Hoe is de groepsgrootte? Kleinere groepen betekenen meer aandacht van de docent.

    Let ook op de manier waarop de cursus over de prijs communiceert. Prijzen verschillen sterk per aanbieder, dus vergelijk er een paar voordat je kiest.

    Tip: begin met een korte cursus of een proefles. Pas als je merkt dat je dit leuk vindt, kies je een langere reeks of koop je betere materialen.

    Vier oefeningen om alvast te beginnen

    Je hoeft niet te wachten op je eerste les. Met deze oefeningen leer je de basis van water beheersen.

    Een blad met vier aquareloefeningen: egale laag, verloop, nat-in-nat en penseelstreken
    Vier basisoefeningen op één blad.
    1. Een kleurverloop. Maak een streep van donker naar licht door steeds meer water aan dezelfde kleur toe te voegen. Zo voel je hoe water de kleur verandert.
    2. Nat-in-nat. Maak je papier met een schone, brede kwast vochtig en zet twee kleuren naast elkaar. Kijk hoe ze in elkaar overlopen.
    3. Een eenvoudige lucht. Een blauwe wash met een paar witte plekken wordt een lucht met wolken. Laat het papier daarvoor schoon.
    4. Lagen opbouwen. Schilder een eenvoudige vorm, laat hem helemaal drogen en zet daar een tweede, donkerdere laag overheen. Je ziet de eerste laag nog doorschijnen.

    Doe elke oefening een paar keer op dunner oefenpapier. Het gaat om de ervaring, niet om het resultaat. Na een paar oefenavonden weet je beter wat je van een cursus verwacht.

    Zo haal je het meeste uit een aquarel cursus

    Een aquarel cursus werkt het best als je tussen de lessen door blijft oefenen. Plan een vaste avond in de week, ook al is het maar een uur, en bewaar al je oefenvellen. Na een paar weken zie je de vooruitgang. Maak ook foto’s van je werk, zodat je kunt vergelijken en vragen kunt stellen aan je docent.

    Wees mild voor jezelf. Aquarel vergeeft weinig, dus de eerste weken mislukken er veel schilderijen. Dat hoort erbij en iedereen die een aquarel cursus volgt, herkent het. Kijk liever naar wat wel lukt: een mooi verloop, een zachte overgang, een goed gekozen witte plek. Combineer een cursus met inspiratie uit andere bronnen, zoals boeken, musea en schilderijen die je mooi vindt, en schilder daarna weer een eigen onderwerp.

    Veelgestelde vragen over een aquarel cursus

    Wat leer je in een aquarel cursus?

    Je leert water en verf verhouden, kleuren mengen, nat-in-nat en nat-op-droog werken, lagen opbouwen en wit sparen. Je schildert meestal een eenvoudig onderwerp zoals een lucht, bloemen of een landschap.

    Is een online aquarel cursus goed genoeg?

    Ja, mits de lessen goed zijn opgebouwd. Online kun je in je eigen tempo leren en lessen terugkijken. Het nadeel is dat je geen directe feedback krijgt. Kies een cursus waarbij je vragen kunt stellen of je werk kunt insturen.

    Is er een gratis aquarel cursus online?

    Er is veel gratis materiaal, zoals videoreeksen. Dat is een prima manier om te proeven. Kies een reeks waarvan de lessen op elkaar voortbouwen, en houd er rekening mee dat persoonlijke feedback meestal ontbreekt.

    Hoeveel lessen heb je nodig om aquarel te leren?

    Voor de basis zijn vier tot zes lessen vaak genoeg om zelfstandig verder te gaan. Dat is een richtwaarde. Daarna draait het om oefenen, een paar uur per week.

    Welke materialen heb je nodig voor een aquarel cursus?

    Een blok of vel aquarelpapier van 240 tot 300 gram, een doosje aquarelverf, een rond en een plat penseel, een pot water en een doek. Bij een cursus op locatie lever je soms deels zelf materiaal.

    Wat is het verschil tussen aquarel en acrylverf?

    Aquarel is transparant en gebonden met gom arabicum; het papier schijnt erdoorheen. Acrylverf is dekkender en droogt waterbestendig. Je kunt acrylverf overschilderen, aquarel niet zomaar.

    Kun je als beginner meteen een aquarel cursus volgen?

    Ja. Een beginnerscursus gaat uit van nul. Je hoeft niet te kunnen tekenen. Wel is het handig om vooraf een paar oefeningen te doen, zodat je weet of je er plezier in hebt.

    Waar vind je een aquarel cursus in je buurt?

    Zoek op de naam van je stad of regio, bijvoorbeeld een aquarel cursus in Utrecht of Rotterdam. Kijk ook bij volksuniversiteiten, kunstenaarsverenigingen en ateliers. Vraag naar een proefles en naar de groepsgrootte.

    Verder lezen over aquarel

    Je weet nu wat je in een aquarel cursus leert en waar je op let bij het kiezen. Wil je alvast verder? Lees dan de uitleg over aquarel schilderen, kies het juiste aquarelpapier en bekijk wat aquarelverf en aquarel potloden voor je kunnen doen.

    Pak een vel papier, een doosje verf en doe de eerste oefening: een kleurverloop van donker naar licht.

  • Aquarelverf kiezen: tubes of napjes, studie of artiest en welke kleuren

    Aquarelverf kiezen: tubes of napjes, studie of artiest en welke kleuren

    Aquarelverf bestaat uit pigment en een bindmiddel, meestal gummi arabicum, en je verdunt hem met water. Voor beginners is een set aquarelverf in napjes met 12 tot 24 kleuren in studiekwaliteit een goede start. Tubes zijn handig als je grote vlakken wilt schilderen. Het papier waarop je schildert is belangrijker dan het merk van je verf.

    Aquarelverf lijkt eenvoudig: je mengt verf met water en zet kleur op papier. Toch kies je als beginner uit tientallen merken, vormen en prijzen, en dat maakt het lastig. In dit artikel lees je waaruit aquarelverf bestaat, wat het verschil is tussen tubes en napjes, tussen studie- en artiestenkwaliteit en welke kleuren je nodig hebt. Wil je daarna aan de slag? Dan helpt ons stappenplan om te leren schilderen voor beginners met de basis van kleuren en penselen.

    Kort samengevat

    • Aquarelverf is pigment in een bindmiddel van gummi arabicum, dat je met water verdunt.
    • Napjes zijn compact en gemakkelijk voor onderweg, tubes geven je grote hoeveelheden verf.
    • Studiekwaliteit is voor beginners prima, artiestenkwaliteit geeft meer kleurkracht.
    • Een set van 12 tot 24 kleuren is genoeg: mengen leert je meer dan een grote doos.
    • Investeer eerst in goed aquarelpapier, daarna in dure verf.

    Waaruit bestaat aquarelverf?

    Aquarelverf bestaat uit gekleurd pigment dat in een wateroplosbaar bindmiddel is gemengd. Volgens de Engelstalige Wikipedia is dat bindmiddel meestal gummi arabicum, een natuurlijke gom. Vaak worden er glycerine of honing aan toegevoegd om de verf soepel te houden, en soms ox gall of een conserveermiddel. Water is het oplosmiddel waarmee je de verf verdunt.

    Dat bindmiddel is ook de reden dat aquarelverf doorzichtig is. De gom trekt in het papier, waardoor de pigmentdeeltjes aan het oppervlak achterblijven en het wit van het papier erdoorheen schijnt. Gouache is eigenlijk ondoorzichtige aquarelverf: er zit meer pigment in en vaak wat wit, zodat de verf het papier bedekt. In ons artikel over gouache lees je hoe dat werkt.

    Dat maakt aquarelverf anders dan acrylverf of olieverf. Je werkt van licht naar donker, want wit bestaat niet als verf: het wit is het papier zelf. Dat vraagt om een andere manier van denken, en daarom is de keuze van je papier en je verf extra belangrijk.

    Tubes, napjes of vloeibaar: welke vorm kies je?

    Aquarelverf koop je in drie vormen. Elke vorm heeft zijn eigen voor- en nadelen.

    Aquarelverf in tubes, napjes en vloeibare vorm
    Tubes, napjes en vloeibare aquarelverf naast elkaar.

    Aquarelverf in tubes

    Volgens Wikipedia is de tube de meest voorkomende vorm: een pasta als tandpasta, die je met water moet verdunnen. Tubes zijn handig voor grote vlakken en voor mensen die veel verf nodig hebben, bijvoorbeeld voor een lucht of een grote achtergrond. Je knijpt een beetje verf op een palet, voegt water toe en mengt. Op het palet droogt de verf op, maar je kunt hem later weer nat maken.

    Aquarelverf in napjes

    Napjes zijn kleine, gedroogde blokjes verf in een doosje. Je maakt een nat penseel en pakt er kleur mee van het napje. Een doosje met napjes is compact, schoon en makkelijk mee te nemen. Voor beginners is dat vaak het prettigst: je hoeft niet te knijpen of te meten, en het palet zit al in het deksel.

    Napjes lossen wel minder snel op. Het helpt als je een paar minuten voor je begint een druppel water op elk napje doet. Zo wordt de verf zacht en kleurt je penseel makkelijker. Dat is ook wat illustrator Julia Bausenhardt aanraadt in haar ervaring met een Winsor & Newton Cotman set: een beetje water een paar minuten voor je begint maakt de napjes zacht.

    Vloeibare aquarelverf

    Vloeibare aquarelverf zit in een flesje met een druppelaar. Het is heel intens van kleur en wordt vooral gebruikt door illustratoren en voor wash-effecten. Voor beginners is dit meestal niet nodig, maar als je gekleurde achtergronden of veel water wilt gebruiken, is het leuk om te proberen.

    Studiekwaliteit of artiestenkwaliteit?

    Dit is de vraag die beginners het vaakst stellen: moet ik de dure verf kopen of is de goedkope ook goed? Het verschil zit in de hoeveelheid en de kwaliteit van de pigmenten.

    Volgens Bausenhardt bevatten studieverven meestal minder pigment en meer vulstof of bindmiddel. De kleuren zijn dan matter en moeilijker te activeren. Artiestenverf heeft hogere kwaliteit pigment, waardoor de kleuren intenser zijn en je er makkelijker mee werkt. In haar test met naast elkaar geschilderde proefstukken waren de Cotman-kleuren lichter en krijtachtiger. Ze had meer penseelwerk nodig en vond felle groentinten moeilijker te mengen.

    Dat betekent niet dat studiekwaliteit slecht is. Bausenhardt noemt studieverf juist geschikt voor beginners met een klein budget, om de basis te leren en te experimenteren. Een voordeel van de duurdere verf is dat hij langer meegaat per druppel: je hebt minder verf nodig voor dezelfde kleurkracht, waardoor het prijsverschil kleiner wordt dan het lijkt.

    Onze richtlijn voor beginners:

    • Begin met studiekwaliteit als je nog niet weet of je het leuk vindt. Het is goedkoper en je leert er alles mee.
    • Kies artiestenkwaliteit voor een paar kleuren die je vaak gebruikt, zoals blauw, rood en geel, als je merkt dat je blijft schilderen.
    • Let op de pigmentaanduiding. Serieuzere merken noemen de pigmenten op de verpakking, wat belangrijk is voor lichtechtheid. Dat geldt ook voor de Cotman-lijn, zegt Bausenhardt.

    Heb je al eens een set uit een budgetwinkel gekocht, zoals een aquarel verf set van Action? Dan kun je daar prima mee oefenen. Let er wel op dat de kleuren vaak lichter en minder levendig zijn dan bij een merk als Winsor & Newton of Talens, en dat je meer lagen nodig hebt.

    Welke kleuren aquarelverf heb je nodig?

    Een grote doos met 48 napjes ziet er mooi uit, maar je hebt er niet zoveel kleuren voor nodig. Met een beperkt aantal kleuren leer je veel sneller mengen en blijven je schilderijen harmonieus.

    Een goede beginnersset voor aquarelverf bevat:

    • Een warm en een koel geel, bijvoorbeeld citroengeel en gele oker.
    • Een warm en een koel rood, bijvoorbeeld een oranjerood en een karmijnrood of roze.
    • Een warm en een koel blauw, bijvoorbeeld ultramarijn en een turquoise of cyaan.
    • Een aardkleur, zoals gebrande omber of gebrande sienna, voor bruin en donkere tinten.
    • Een groen, voor het gemak, hoewel je het ook uit geel en blauw mengt.

    Dat zijn ongeveer 8 tot 12 kleuren en dat is een richtwaarde, geen vaste regel. Veel doosjes met 12 of 24 napjes bevatten precies zo’n selectie. Meer is mooi, maar niet nodig om te beginnen.

    Zwarte aquarelverf laat je als beginner het best weg. Een donker mengsel van ultramarijn en gebrande omber geeft een levendiger donker dan zwart uit een tube. Wit gebruik je ook niet: het wit is het papier. Wil je toch een wit accent, dan gebruik je gouache of een witte inkt.

    Zo gebruik je aquarelverf: een eerste oefening

    Een set aquarelverf werkt het beste als je er eerst even mee oefent. Pak een stuk papier en probeer deze drie dingen.

    Stap 1 van 3

    Stap 1: maak een kleurenkaart

    Teken kleine vierkantjes op een stuk aquarelpapier en vul elk vierkantje met een kleur uit je set. Schrijf de naam van de kleur eronder. Zo ken je je kleuren en kun je later makkelijk terugvinden welke je nodig hebt. Zet er per kleur twee tinten naast: een met veel water en een met weinig.
    :::

    Kleurenkaart met vakjes aquarelverf op papier
    Een kleurenkaart laat zien welke kleuren je hebt en hoe ze eruitzien.

    Stap 2 van 3

    Stap 2: oefen met water en verf

    De hoeveelheid water bepaalt hoe donker of licht een kleur wordt. Veel water geeft een lichte, doorzichtige tint, weinig water een donkere, intense kleur. Maak een rij van een kleur, van heel licht naar heel donker, en kijk hoe de kleur verandert. Zo leer je het meest over aquarelverf.
    :::

    Stap 3 van 3

    Stap 3: meng kleuren op je palet

    Meng twee kleuren op een palet of een wit bord en probeer wat er gebeurt. Geel en blauw geven groen, rood en blauw geven paars, en rood en geel geven oranje. Probeer ook een kleur met een beetje van het complement ernaast: dat geeft grijstinten die levendiger zijn dan grijs uit een tube. Meng liever op het palet dan op het papier, want veel mengen op het papier maakt de kleuren troebel.
    :::

    Een wit bord met kleine plasjes blauwe, gele, rode en groene aquarelverf, naast een proefstrookje met kleurvlekjes
    Meng op het palet en test op een proefstrookje voordat je op je schilderij begint.

    Wil je meer weten over de techniek zelf? In ons artikel over aquarel schilderen lees je hoe je een wash maakt, hoe je nat-in-nat werkt en hoe je lagen opbouwt. En wil je bloemen schilderen? Dan helpt aquarel bloemen schilderen je op weg.

    Papier en penselen: net zo belangrijk als de verf

    Ook de beste aquarelverf werkt niet goed op slecht papier. Gewoon tekenpapier golft zodra het nat wordt en neemt de verf niet netjes op. Volgens Wikipedia schilder je aquarel traditioneel op aquarelpapier, vaak geheel of gedeeltelijk van katoen, dat water goed verdraagt zonder te kromtrekken. Bausenhardt gaat nog verder: als je moet kiezen, koop dan eerst het papier, liefst katoen, want papier van cellulose hinderde haar bij het glaceren.

    Aquarelpapier is er glad (hot pressed) en met een korrel (cold pressed). Voor beginners is cold pressed het prettigst, omdat het structuur geeft en iets vergevingsgezinder is. In ons artikel over aquarelpapier lees je welk gewicht en welke soort je kiest. Plak je papier met schildersplakband op een plank, dan blijft het strak liggen.

    Voor penselen volstaan een rond penseel in maat 8 en een plat penseel van ongeveer 2 cm. Dat is een richtwaarde uit de praktijk. Een goed penseel dat veel water vasthoudt en een scherpe punt houdt, is belangrijker dan een groot setje.

    Houd je meer van tekenen dan van schilderen? Dan zijn aquarel potloden een mooie tussenstap: je tekent en maakt het daarna met een nat penseel zacht.

    Aquarelverf bewaren en onderhouden

    Aquarelverf gaat lang mee als je hem goed bewaart. Hou het doosje met napjes open tot de verf droog is, zodat er geen schimmel ontstaat. Bij tubes draai je de dop goed dicht en veeg je de rand schoon. Gebruik je de verf niet vaak, dan kan een tube uitdrogen. Dat is geen ramp: je kunt een beetje water toevoegen of de verf uit de tube schrapen en als een napje laten drogen.

    Spoel je penselen na het schilderen uit met lauw water en laat ze met de haren omhoog of liggend drogen. Zet ze niet met de haren naar beneden in een potje, want dan buigt de punt.

    Veelgestelde vragen over aquarelverf

    Wat is aquarelverf?

    Aquarelverf is verf van pigment in een wateroplosbaar bindmiddel, meestal gummi arabicum. Je verdunt hem met water en schildert op aquarelpapier. De verf is doorzichtig, waardoor het wit van het papier door de kleur heen schijnt.

    Welke aquarelverf is het beste voor beginners?

    Een set in studiekwaliteit met 12 tot 24 kleuren in napjes is een goede start. Het is betaalbaar, compact en je leert er alles mee. Merken als Winsor & Newton Cotman en Talens hebben zulke sets.

    Wat is beter, aquarelverf in tubes of napjes?

    Dat hangt af van hoe je schildert. Napjes zijn compact en netjes, tubes geven je meer verf voor grote vlakken. Beginners kiezen vaak napjes, en wie grotere schilderijen maakt, voegt later tubes toe.

    Wat is het verschil tussen studiekwaliteit en artiestenkwaliteit aquarelverf?

    Artiestenverf bevat meer en betere pigmenten, waardoor de kleuren intenser zijn en makkelijker te mengen. Studiekwaliteit bevat minder pigment en meer vulstof, en is goedkoper. Voor oefenen en leren is studiekwaliteit prima.

    Welke kleuren aquarelverf heb ik nodig?

    Een warm en een koel geel, rood en blauw, een aardkleur en eventueel een groen. Dat zijn ongeveer 8 tot 12 kleuren. Zwart en wit zijn niet nodig. Met deze kleuren meng je bijna alles.

    Kun je aquarelverf van Action gebruiken?

    Ja, om te oefenen. De kleuren zijn vaak lichter en minder levendig dan bij duurdere merken. Voor een eerste kennismaking is dat prima. Merk je dat je het leuk vindt, dan loont het om een paar kleuren in een betere kwaliteit te kopen.

    Wat is een aquarel verf set?

    Een aquarel verf set is een doosje met meerdere kleuren, meestal in napjes of kleine tubes, en vaak met een penseel en een palet in het deksel. Het is de makkelijkste manier om met aquarel te beginnen, omdat je alles in één keer hebt.

    Moet ik aquarelverf aanleggen voordat ik schilder?

    Bij napjes is het handig om een paar minuten van tevoren een druppel water op elk napje te doen. De verf wordt dan zacht en kleurt makkelijker. Bij tubes hoef je niets voor te bereiden.

    Verder lezen over aquarel

    Aquarelverf kiezen is een begin. De kunst zit in het werken met water, papier en kleur. Deze artikelen helpen je daarbij verder:

  • Aquarel potloden: zo werk je ermee, welke techniek past en wat je nodig hebt

    Aquarel potloden: zo werk je ermee, welke techniek past en wat je nodig hebt

    Aquarel potloden zijn kleurpotloden die je droog kunt gebruiken, zoals gewone kleurpotloden, en daarna nat kunt maken met een vochtig penseel. Het pigment lost op in het water en het potloodstreepje wordt een zachte vlek van aquarelverf. Zo combineer je tekenen en schilderen, zonder dat je een palet nodig hebt.

    Voor beginners zijn aquarel potloden een fijne manier om met aquarel te beginnen. Je houdt controle over de lijn en je hoeft geen kleuren te mengen in een bakje. In ons stappenplan voor schilderen voor beginners lees je wat er verder bij hoort. In dit artikel lees je hoe je met aquarel potloden werkt, welke technieken er zijn en wat je nodig hebt om te beginnen.

    Kort samengevat

    • Aquarel potloden gebruik je droog of nat: tekenen met het potlood, daarna water met een penseel.
    • Tot je water toevoegt, kun je het potlood grotendeels wegvegen. Daarna is de kleur bijna permanent.
    • Gebruik aquarelpapier, want dun tekenpapier golft en gaat stuk door het water.
    • Drie technieken dekken bijna alles: droog tekenen en nat maken, op vochtig papier tekenen en pigment met een nat penseel van de punt pakken.
    • Dip de punt van je potlood niet in water, want dan breekt het lood.

    Wat zijn aquarel potloden?

    Aquarel potloden zien eruit als kleurpotloden, maar het lood is gemaakt met een wateroplosbaar bindmiddel. Volgens Wikipedia kun je ze droog gebruiken, zoals traditionele kleurpotloden, of nat voor een aquareleffect. Je legt eerst droog pigment neer en gaat er daarna met een vochtig penseel overheen om de kleur te verdiepen of te laten uitlopen. Dat helpt ook bij het mengen van kleuren. Veel kunstenaars combineren droge en natte technieken in één werk.

    Je vindt aquarel potloden in allerlei sets. Artiesten- en studentensets hebben vaak 12, 24, 36 of meer kleuren, en in het hogere segment gaan sets volgens Wikipedia tot 120 kleuren. Een bekende reeks is de Albrecht Dürer van Faber-Castell, die in 1980 op de markt kwam. Volgens het Amerikaanse kennisbankartikel van Faber-Castell zijn die potloden volledig wateroplosbaar, met een zeshoekig houten potlood met een loodstift van 3,8 mm. Er is ook een dikkere versie, de Magnus, met een lood van 5,3 mm en 30 kleuren.

    Veel mensen zoeken naar aquarel potloden bij de Action of andere winkels met een voordelige set. Zo’n set is prima om te oefenen en om uit te zoeken of de techniek je bevalt. Let bij goedkope sets wel op de dekking van de kleuren en op het lood: zacht en kleurrijk is prettiger dan hard en krijtachtig. Dat is een richtwaarde, geen merkoordeel.

    Aquarel potloden of aquarelverf?

    Beide leveren een aquarelachtig resultaat, maar je werkt anders.

    Aquarel potlodenAquarelverf
    ControleHoog: je tekent de lijn en de vormLager: de verf loopt en vloeit
    MateriaalPotloden, penseel, water, papierVerf, palet, penselen, water, papier
    Kleuren mengenOp het papier, met waterIn een palet of op het papier
    Geschikt voorDetails, planten, portretten, schetsen onderwegGrote vlakken, luchten, landschappen
    LeercurveVriendelijk voor beginnersMeer oefening nodig

    Kies aquarel potloden als je graag tekent en details wilt kunnen sturen. Kies aquarelverf als je grote, vloeiende vlakken wilt maken. Veel mensen combineren ze: ze schetsen met potloden en werken met verf verder. Een overzicht van de hele techniek vind je bij aquarel schilderen.

    Wat heb je nodig?

    Voor aquarel potloden heb je weinig nodig. Dit is de basis:

    Aquarel potloden met penseel en papier
    Potloden, een penseel en goed papier is genoeg.
    • Aquarel potloden. Begin met een set van 12 of 24 kleuren. Dat is genoeg om te leren mengen.
    • Aquarelpapier. Dun tekenpapier golft en pilt door het water. Kies papier van 200 gram of zwaarder, of papier voor aquarel. In onze uitleg over aquarelpapier lees je waar je op let.
    • Een penseel of een waterpenseel. Een rond penseel (maat 4 tot 8) is genoeg. Een waterpenseel heeft een reservoir in de steel, handig onderweg.
    • Een potje water en een doekje. Veeg je penseel af voor je van kleur wisselt.
    • Een puntenslijper en een zachte gum. De gum werkt alleen voordat je water toevoegt.
    • Plakband. Plak je papier op een plank, zodat het niet golft.

    De maat van het penseel en het gewicht van het papier zijn richtwaarden uit de schilderpraktijk.

    De drie belangrijkste technieken

    1. Droog tekenen en nat maken

    Dit is de basistechniek. Teken met de potloden zoals met kleurpotloden en ga daarna met een vochtig penseel over de tekening. De kleur lost op en loopt een beetje uit. Hoe meer water, hoe lichter en vloeibaarder de kleur. Hoe meer pigment je eerst neerlegt, hoe intenser het resultaat.

    Faber-Castell raadt aan het penseel te gebruiken in plaats van het potlood in water te dopen. Volgens het kennisbankartikel worden lood en hout zacht en broos als je de punt in water doopt, en kun je het potlood daarna niet meer slijpen. Een wat dikkere laag pigment geeft een rijkere kleur dan een lichte schets.

    2. Op vochtig papier tekenen

    Maak je papier eerst vochtig met een schoon, nat penseel en teken er dan met je potloden op. De kleur loopt direct uit en geeft een zachte, vloeiende lijn. Dit is een mooie techniek voor luchten, achtergronden en bladeren. Je hebt minder controle, dus oefen eerst op een proefvel.

    3. Pigment van de punt pakken

    Beweeg een nat penseel over de punt van het potlood. Je pakt zo pigment op en kunt het als verf gebruiken. Dit is handig als je een kleur wilt aanbrengen die je niet met het potlood kunt bereiken, of als je een mengkleur wilt maken. Je kunt de kleur ook eerst op een apart stukje papier oplossen en daarna met je penseel op je tekening zetten.

    Stappenplan: een eenvoudig blad in aquarel potloden

    Wil je een makkelijke aquarel potloden tekening maken om mee te beginnen? Een blad is een goed onderwerp. Het heeft een duidelijke vorm en een paar kleuren.

    Stap 1 van 5

    Stap 1: schets het blad licht

    Teken met een lichtgroen potlood de omtrek van het blad en de hoofdnerf. Druk niet hard. Zolang je geen water hebt toegevoegd, kun je het potlood grotendeels wegvegen. Volgens Faber-Castell kun je ongeveer 90% van een streep met een zachte gum verwijderen voordat je water toevoegt.
    :::

    Stap 2 van 5

    Stap 2: kleur de lichte delen

    Kleur met lichtgroen en geel de lichte delen van het blad. Zet de potloodstrepen dicht bij elkaar, zodat de kleur straks mooi uitloopt. Werk met korte streken in de richting van de nerven.
    :::

    Stap 3 van 5

    Stap 3: voeg de donkere delen toe

    Zet met donkergroen en een beetje blauw of omber de schaduwen. Leg de donkere kleur langs de hoofdnerf en aan de randen. Hoe meer pigment, hoe donkerder het blad.
    :::

    Stap 4 van 5

    Stap 4: maak het nat

    Pak een rond penseel, maak het vochtig en ga over het blad, van licht naar donker. Veeg het penseel tussendoor schoon. Laat de kleuren in elkaar overlopen. Zie je witte plekjes tussen de streken? Dan loopt het mooi uit. Zie je nog harde potloodstrepen? Ga er met een nat penseel nogmaals overheen.

    Penseel maakt de potloodstreken nat en laat de kleur vloeien
    Met een nat penseel veranderen de potloodstreken in verf.

    Een nat penseel dat over aquarelpotloodstrepen op een blad gaat, waarbij de kleur zacht uitloopt
    :::

    Stap 5 van 5

    Stap 5: werk bij als het droog is

    Laat het blad volledig drogen. Werk daarna met droge potloden bij: zet de nerven, de schaduw en de details. Je kunt ook met een nat penseel nog een tweede laag toevoegen. Faber-Castell schrijft dat de kleur na het oplossen in water vrijwel permanent is en dat je geen fixeermiddel nodig hebt.
    :::

    Meer bladeren en bloemen schilderen in aquarel? Lees dan ook onze uitleg over aquarel bloemen.

    Welke aquarel potloden kies je?

    Als beginner hoef je niet meteen de duurste set te kopen. Kijk bij het kiezen van aquarel potloden naar deze punten:

    • Aantal kleuren. Met 12 of 24 kleuren kom je ver, omdat je kleuren op het papier kunt mengen. Een set van 60 of meer is pas nuttig als je weet welke tinten je mist.
    • Zachtheid van het lood. Een zacht lood geeft meer pigment en lost makkelijker op in water. Een hard lood geeft fijne lijnen, maar minder kleur.
    • Dikte van het lood. Een dik lood, zoals de 5,3 mm van de Faber-Castell Magnus, is prettig voor grote vlakken. Een standaardlood van 3,8 mm is handiger voor details.
    • Lichtechtheid. Wil je je werk ophangen of weggeven, kies dan een set waarbij de lichtechtheid per kleur staat vermeld.
    • Losse kleuren. Bij veel merken kun je losse potloden bijkopen. Zo vul je een set aan met de kleuren die je het meest gebruikt, zoals een tweede groen en een warme aardtint.

    Heb je een set aquarel potloden in huis maar nog nooit nat gemaakt? Begin dan met een kleurenkaart: teken van elke kleur een streep, maak de helft nat en kijk hoe de kleur verandert. Het kost tien minuten en je weet daarna precies wat je potloden doen. Een tweede nuttige oefening is een verloop van licht naar donker met één kleur, zowel droog als nat. Zo leer je hoeveel druk je nodig hebt voor een lichte of een donkere tint.

    Veelgemaakte fouten met aquarel potloden

    • Te dun papier. Het golft en pilt. Gebruik aquarelpapier of plak het papier vast.
    • Te veel water. De kleuren lopen in elkaar en worden modderig. Begin met weinig water en voeg toe.
    • Te licht tekenen. Een te vage tekening geeft na het natmaken een flets resultaat. Zet de kleur wat dikker neer.
    • De punt in water dopen. Het lood breekt en het hout wordt zacht. Gebruik een penseel.
    • Alles in één keer nat maken. Laat lagen drogen voor je verdergaat, dan blijven kleuren zuiver.
    • Geen proefvel gebruiken. Test altijd eerst op een stukje papier hoe een kleur nat uitpakt. Een kleur ziet er nat vaak donkerder en intenser uit dan droog.

    Tips om beter te worden

    Een paar dingen die in de praktijk helpen:

    1. Werk van licht naar donker. Begin met lichte kleuren en bouw op. Donker gaat moeilijk weer weg.
    2. Maak een kleurenkaart. Teken van elk potlood een streepje droog en een streepje nat. Dan zie je hoe elke kleur verandert met water.
    3. Combineer technieken. Zet de achtergrond nat in nat en de details droog.
    4. Gebruik wit papier als licht. Laat plekken wit voor glans en lichtpunten, in plaats van wit potlood.
    5. Let op de lichtechtheid. Bij Faber-Castell hebben 64 van de 120 Albrecht Dürer-kleuren een driesterrenbeoordeling (***) voor lichtechtheid. Bij goedkope sets staat dat vaak niet op de verpakking. Hang werk dat je wilt bewaren dus niet in de zon.
    6. Oefen met kleine formaten. Een A5-blad is genoeg om een techniek te leren.

    Veelgestelde vragen over aquarel potloden

    Hoe werken aquarel potloden?

    Je tekent met het potlood zoals met een gewoon kleurpotlood. Daarna ga je met een nat penseel over de lijnen. Het pigment lost op en de kleur loopt uit, als een aquarelverf. Zo maak je zachte overgangen en vlakken.

    Welk papier gebruik je bij aquarel potloden?

    Aquarelpapier is het best. Dun tekenpapier golft en gaat stuk door het water. Kies papier van 200 gram of zwaarder, of speciaal papier voor aquarel. Plak het vast op een plank als je veel water gebruikt.

    Kun je aquarel potloden uitgummen?

    Zolang je geen water hebt toegevoegd wel. Volgens Faber-Castell kun je dan ongeveer 90% van een streep met een zachte gum verwijderen. Zodra je water toevoegt, is de kleur vrijwel permanent.

    Moet je de punt van aquarel potloden in water dopen?

    Nee. Volgens Faber-Castell worden het lood en het hout zacht en broos als je de punt in water doopt, en kun je het potlood daarna niet meer slijpen. Pak liever pigment op met een nat penseel.

    Wat is het verschil tussen aquarel potloden en gewone kleurpotloden?

    Het lood van aquarel potloden bevat een wateroplosbaar bindmiddel. Daardoor kun je de kleur met water uitwerken. Gewone kleurpotloden blijven na het natmaken meestal grotendeels staan.

    Zijn aquarel potloden van de Action goed genoeg voor beginners?

    Een voordelige set is prima om te oefenen en om te kijken of je de techniek leuk vindt. Let op de kleur en de zachtheid van het lood. Wil je werk bewaren of verkopen, kijk dan naar een set met aanduiding van lichtechtheid.

    Hoe maak je een makkelijke tekening met aquarel potloden?

    Kies een eenvoudig onderwerp, zoals een blad of een bloem. Teken licht, kleur de lichte en donkere delen met korte streken en maak het daarna nat met een penseel. Werk na het drogen bij met droge potloden.

    Kun je aquarel potloden en aquarelverf combineren?

    Ja. Veel mensen schetsen met potloden en werken met aquarelverf verder, of andersom. Gebruik aquarelpapier en laat lagen drogen voor je een nieuwe laag zet.

    Verder lezen over aquarel

    Aquarel potloden zijn een rustige instap in aquarel: je tekent, voegt water toe en kijkt hoe de kleur zich verspreidt. Begin met een klein blad en een set van 12 kleuren.

    Meer lezen? Begin bij onze gids schilderen voor beginners. Lees daarna over aquarel schilderen, over aquarelpapier en over aquarelverf. Een mooi onderwerp voor je eerste potloodaquarel vind je bij aquarel bloemen.

  • Aquarel schilderen voor beginners: materiaal, technieken en eerste oefeningen

    Aquarel schilderen voor beginners: materiaal, technieken en eerste oefeningen

    Aquarel schilderen doe je met doorzichtige verf, veel water en dik, speciaal papier. Je werkt van licht naar donker, want je kunt een fout niet overschilderen. Begin met een goed aquarelpapier van 300 gram, een klein setje verf en twee penselen. Oefen eerst met vlakken en verlopen, en schilder pas daarna je eerste onderwerp.

    Aquarel heeft de naam moeilijk te zijn. Dat komt doordat water zich minder laat sturen dan olie of acryl. Maar wie het principe snapt, ziet juist hoe prettig aquarel schilderen is: je hebt weinig spullen nodig, het is snel opgeruimd en de resultaten zijn licht en fris. Dit is een gids voor beginners: waar je op let bij papier, verf en penselen, hoe de basistechnieken werken, welke fouten je voorkomt en wat je het eerst schildert. Ben je helemaal nieuw met verf? Lees dan eerst onze uitleg over schilderen voor beginners.

    Kort samengevat

    • Aquarel is doorzichtige verf: het witte papier is je wit, dus je werkt van licht naar donker.
    • Gebruik aquarelpapier van minstens 200 gram, liefst 300 gram, zodat het niet golft.
    • Nat-in-nat geeft zachte overgangen, nat-op-droog geeft scherpe randen.
    • Met drie primaire kleuren en een paar penselen kun je al een heel schilderij maken.
    • Begin met vlakken, verlopen en een eenvoudige lucht voor je aan een onderwerp begint.

    Wat is aquarel en hoe werkt aquarel schilderen

    Aquarelverf bestaat uit pigment dat wordt vastgehouden door een bindmiddel, meestal gom arabicum. Je lost het op in water en schildert met een penseel. Volgens de Engelse Wikipedia is traditionele aquarel doorzichtig, zodat het papier onder het pigment zichtbaar blijft. Gouache is daarentegen dekkend, omdat er wit pigment aan is toegevoegd. Meer over die dekkende variant lees je in onze gids over gouache.

    Dat doorzichtige karakter bepaalt hoe je aquarel schilderen aanpakt. Je kunt geen witte verf over een donkere plek zetten om hem lichter te maken. Het wit van het papier is het enige wit dat je hebt. Daarom plan je vooraf welke plekken wit moeten blijven en werk je van licht naar donker. De Nederlandstalige Wikipedia legt uit dat aquarellisten juist daarom vaak van licht naar donker werken: fouten zijn moeilijk te herstellen.

    Aquarel heeft ook een lange geschiedenis. Een mooie bron van inspiratie is het werk van Engelse schilders uit de 18e en 19e eeuw. In de 19e eeuw werd de techniek goedkoper en toegankelijker door verfdoosjes met napjes, zo vermeldt Wikipedia. Dat is nog steeds de handigste vorm voor beginners.

    Wat heb je nodig om aquarel te schilderen

    Je hebt voor aquarel schilderen drie dingen echt nodig: papier, verf en penselen. De rest is aanvulling.

    Aquarelpapier

    Papier is het belangrijkste onderdeel, belangrijker dan de verf. Gewoon tekenpapier golft zodra het nat wordt, en het pigment loopt uit. Goed aquarelpapier is gelijmd, zodat water en pigment aan het oppervlak blijven. De Nederlandstalige Wikipedia noemt als eisen: houtvrij, bij voorkeur van lompenpapier en goed gelijmd. Dik papier van 200 tot 300 gram is prettiger in gebruik, aldus dezelfde bron.

    Je kunt kiezen tussen losse vellen, een aquarelblok (met gelijmde randen, waardoor het papier plat blijft) en een schetsboek. Voor beginners is een aquarel blok het gemakkelijkst: je hoeft het papier niet op te spannen. Het oppervlak kan ruw (cold pressed) of glad (hot pressed) zijn. Ruw papier geeft meer structuur en houdt meer water vast, glad papier past bij fijne details. Begin met ruw papier.

    Aquarelverf

    Aquarelverf is er in tubes en in napjes. Tubes zijn handig als je grote vlakken wilt schilderen, napjes zijn compact en direct klaar voor gebruik. Beide kunnen goed werken. Je koopt aquarelverf in studentenkwaliteit en in artiestenkwaliteit. Studentenkwaliteit is goedkoper en voor beginners ruim voldoende. Bij artiestenkwaliteit zit meer pigment, waardoor de kleur sterker en lichtechter is.

    Aquarelverfdoosje met glas water en penseel
    Een eenvoudig doosje is genoeg.

    Een verstandige beginnerspalet is klein: een warm en een koud geel, een warm en een koud rood, een warm en een koud blauw. Met deze zes mix je bijna alles. Wil je uitleg over het mengen? Lees dan onze gids over kleuren mengen.

    Penselen

    Aquarelpenselen zijn zacht en houden veel water vast. De beste zijn van natuurhaar of een goed synthetisch alternatief. Voor het begin heb je twee ronde penselen nodig, bijvoorbeeld een maat 8 en een maat 4, en eventueel een breed plat penseel voor grote vlakken en achtergronden. In onze gids over penselen en die over aquarel penselen lees je waar je op let bij het kiezen.

    Overig materiaal

    • Een glas of twee potten water: een voor het uitspoelen, een voor schoon water.
    • Een palet of een wit bordje met mengvakken.
    • Keukenpapier of een doek om te deppen.
    • Plakband (maskeertape) om de randen af te plakken en het papier plat te houden.
    • Potlood en gum voor de voorschets. Gebruik een zacht potlood met lichte lijnen.

    Wil je aquarel combineren met tekenen? Dan zijn aquarel potloden een handig hulpmiddel: je tekent met het potlood en loopt er daarna met een natte kwast overheen.

    Aquarel schilderen: de twee basistechnieken nat-in-nat en nat-op-droog

    Alle aquarel technieken zijn varianten op twee manieren van werken. De Wikipedia beschrijft ze als volgt: nat-in-nat, waarbij het papier eerst nat wordt gemaakt, en nat-op-droog, waarbij je op droog papier schildert.

    Aquarel nat-op-droog met scherpe randen
    Bij nat-op-droog blijven de randen scherp.
    Aquarel nat-in-nat kleurverloop op papier
    Bij nat-in-nat vloeien de kleuren zacht in elkaar.

    Nat-in-nat

    Bij nat-in-nat maak je het papier met een schoon penseel eerst vochtig, en zet je daarna de verf neer. De kleur loopt vanzelf uit in het natte vlak, met zachte, vloeiende randen. Dit is de techniek voor luchten, nevel, waterpartijen en achtergronden. De verf is minder voorspelbaar, dat is juist het charme. Werk met meer verf en minder water dan je denkt: nat papier verdunt de kleur flink. Let op dat het papier niet te nat is, want dan loopt alles weg en krijg je ‘bloemkolen’ (cauliflowers) als je er later water tegenaan zet.

    Nat-op-droog

    Bij nat-op-droog schilder je op droog papier of op een droge verflaag. De randen blijven scherp, en je hebt meer controle. Dit is de techniek voor details: de takken van een boom, de contouren van een huis, de letters op een bord. Je kunt zo ook lagen opbouwen, die we lazuren noemen: je laat een laag drogen en zet er een nieuwe doorzichtige laag overheen, zodat de kleuren dieper worden.

    Combineren

    De mooiste aquarel schilderen voorbeelden combineren beide technieken. Je begint nat-in-nat met een lichte achtergrond, laat die drogen, en zet daarna nat-op-droog de details neer. Aquarellisten noemen dat ook wel van los naar strak.

    Andere technieken

    • Wash (egale laag): een grote hoeveelheid verdunde verf in één beweging over het papier, met het blok iets schuin zodat de verf naar beneden loopt. Handig voor een lucht.
    • Verloop: twee kleuren die in elkaar overlopen, bijvoorbeeld geel in oranje in rood.
    • Uitdeppen: met keukenpapier of een schoon, vochtig penseel verf wegnemen om een wolk of een lichtplek te maken.
    • Droogpenseel: een bijna droog penseel met weinig verf, over ruw papier gesleept voor een korrelig effect.
    • Zout of water: druppels water of wat zout in natte verf geven stervormige patronen. Leuk om mee te experimenteren.
    • Afdekvloeistof: een vloeistof die witte plekken beschermt. Handig, maar bewaar die voor later.

    Oefeningen voordat je een onderwerp kiest

    Wie wil leren aquarel schilderen, begint met oefenen op een los vel. Het scheelt veel frustratie later.

    1. Een egale wash. Schilder een rechthoek van 10 × 10 cm met één kleur, zonder dat er strepen of plassen ontstaan. Houd het papier iets schuin.
    2. Een verloop. Begin met veel verf bovenaan en voeg steeds meer water toe naar beneden toe. Het moet vloeiend van donker naar licht gaan.
    3. Twee kleuren in elkaar. Zet rood en geel naast elkaar op nat papier en kijk wat er gebeurt.
    4. Een kleurenkaart. Schilder van elke tube of napje een klein vlak, met elke kleur dun, middel en dik. Zo ken je je eigen palet.
    5. Scherpe en zachte randen. Schilder een streep nat-op-droog en een nat-in-nat en vergelijk.
    6. Een lucht. Laat een blauwe wash naar beneden uitlopen en deppe met papier een paar wolken weg.
    Aquarel schilderen oefening: een blauw verloop met een paar uitgedepte wolken op aquarelpapier, naast een aquarelverfdoosje
    Een verloop met een paar uitgedepte wolken: een goede eerste oefening.

    Doe elke oefening een paar keer. Aquarel schilderen draait om het gevoel voor de hoeveelheid water, en dat krijg je alleen door veel te doen.

    Aquarel ideeën voor beginners

    De beste aquarel ideeën voor beginners zijn eenvoudig, hebben weinig details en laten ruimte voor toeval. Hieronder een lijst die je kunt gebruiken als aquarel ideeën makkelijk startpunt.

    • Luchten en zonsondergangen. Een verloop van geel via oranje naar paars. Perfect voor nat-in-nat.
    • Een eenvoudig aquarel landschap met heuvels, een veld en een lucht.
    • Aquarel bloemen: een los boeket, een tak met bladeren of een enkele roos.
    • Bladeren en takken. Elk blad is een enkele penseelstreek.
    • Een vogel of een vis. Eenvoudige vormen in een paar kleuren.
    • Abstracte achtergronden. Laat kleuren vrij in elkaar lopen en snijd er later kaartjes uit.
    • Kaarten. Een paar aquarelvlakken zijn genoeg voor een verjaardagskaart of een kerstkaart.
    • Een stad bij regen. Natte, zachte vlakken met een paar donkere lijnen.

    Wil je weten hoe je met aquarel verder gaat zodra je de basis kent? Op onze pagina over aquarelleren vind je extra uitleg bij de eerste stappen en de volgende oefeningen.

    Aquarel schilderen stap voor stap: een eenvoudige zee en lucht

    Een zee met lucht is een van de beste eerste aquarel schilderen voorbeelden. Je gebruikt alleen blauw, een beetje geel of oker, en veel water.

    Eindresultaat aquarel van zee en lucht
    Zo ziet het eindresultaat van de oefening eruit.
    1. Plak de randen af met maskeertape op een blok van 300 gram.
    2. Maak de bovenste helft nat met een schoon penseel, tot aan een horizon die je met een potlood lichtjes hebt aangegeven.
    3. Zet lichtblauw neer boven in de lucht en laat het naar beneden toe wegvloeien. Laat bij de horizon een witte band open.
    4. Depp met keukenpapier een paar wolken weg.
    5. Laat alles drogen. Doe niet te snel, want vochtig papier verandert de volgende laag.
    6. Schilder de zee met een iets donkerder blauw, in horizontale streken. Bovenaan, bij de horizon, is hij donkerder dan op de voorgrond.
    7. Zet met droog penseel een paar lichte golven en laat witte plekken staan voor schuim.
    8. Haal de tape pas weg als alles droog is. Zo houd je een strakke, witte rand.

    Veelgemaakte fouten bij aquarel schilderen

    • Te veel water. Het papier wordt een plas en de kleur verdwijnt. Veeg je penseel eerst af op een doek.
    • Te weinig verf. Aquarel droogt lichter op dan hij nat lijkt. Meng je kleur iets sterker dan je wilt.
    • Te vaak terugkomen. Als je een plek nog nat probeert aan te passen, wordt het modderig. Laat het drogen of laat het zo.
    • Te dun papier. Het golft en je kunt er niet mee werken.
    • Wit verf gebruiken. Dat maakt je aquarel dof en krijtig. Bewaar het wit van het papier.
    • Kleuren te veel mengen. Meer dan twee of drie kleuren in elkaar maakt modder. Houd het fris.
    • Te snel opgeven. Aquarel is onvoorspelbaar. Zie het als een samenwerking met het water.

    Aquarel leren: cursus, oefenen en inspiratie

    Aquarel leren kan op veel manieren. Een aquarel workshop in je buurt geeft je direct feedback van een docent en je maakt het eerste werkje onder begeleiding. Er zijn ook boekjes en werkboeken en filmpjes waarin je stap voor stap meeschildert. Kies liever één bron en volg die goed, dan dat je van alles een beetje doet.

    Oefenen werkt het beste met korte, regelmatige sessies. Een half uur per dag is beter dan drie uur per maand. Houd een aquarel schetsboek bij, waarin je elke oefening nummert en bewaart. Na twee maanden blader je terug en zie je je eigen voortgang.

    Kijk ook naar oude voorbeelden. Volgens Wikipedia is Paul Sandby, vaak de vader van de Engelse aquarel genoemd, een van de schilders die de techniek als volwaardig schildermedium op de kaart zette. Zoek zijn werk of dat van tijdgenoten eens op en kijk hoe ze licht en water gebruiken.

    Aquarel inlijsten en bewaren

    Een aquarel is gevoelig voor licht en vocht. Wil je je werk ophangen, laat het dan achter glas inlijsten, met een passe-partout ertussen zodat het papier het glas niet raakt. Hang aquarel schilderen resultaten niet in direct zonlicht, want de kleuren kunnen verbleken. Bewaar losse werken plat, met een vel zuurvrij papier ertussen. Aquarel schilderen levert snel veel werkjes op, dus een map of doos is een slimme aanschaf. Je kunt ook kleine werkjes omvormen tot kaarten, bijvoorbeeld een aquarel geboortekaartje of een aquarel kerstkaart: knip ze op maat en plak ze op stevig karton.

    Aquarel schilderen met andere materialen

    Veel schilders combineren aquarel met andere materialen. Met een fineliner trek je na het drogen contouren om vormen scherper te maken. Aquarel stiften en aquarel potloden geven je meer controle bij kleine details. Een aquarel schetsboek op zak maakt het makkelijk om onderweg een snelle studie te maken. Het mooie van aquarel schilderen is dat je overal kunt beginnen: aan de keukentafel, in de trein of in de tuin.

    Veelgestelde vragen over aquarel schilderen

    Hoe begin je met aquarel schilderen?

    Koop een aquarelblok van 300 gram, een klein setje aquarelverf in napjes of tubes, twee ronde penselen en een pot water. Oefen eerst met een egale wash en een verloop, en schilder daarna een eenvoudige lucht.

    Welk papier heb je nodig voor aquarel?

    Gebruik speciaal aquarelpapier van minstens 200 gram, het liefst 300 gram. Het moet goed gelijmd zijn, zodat water en pigment aan het oppervlak blijven. Gewoon tekenpapier golft en laat de verf uitlopen.

    Is aquarel moeilijker dan acryl?

    Aquarel is lastiger te corrigeren, omdat je niet kunt overschilderen met een dekkende verf. Daar staat tegenover dat je weinig materiaal nodig hebt. Veel beginners beginnen met acryl schilderen, en stappen daarna over op aquarel.

    Wat is het verschil tussen nat-in-nat en nat-op-droog?

    Bij nat-in-nat maak je het papier eerst nat, zodat de verf zacht uitloopt. Bij nat-op-droog schilder je op droog papier, zodat de randen scherp blijven.

    Hoe maak je lichte plekken in aquarel?

    Laat het papier op die plek wit, of depp de verf met keukenpapier of een schoon, vochtig penseel weg zolang het nog nat is. Witte verf gebruik je niet.

    Kun je aquarel ook op gewoon papier schilderen?

    Dat kan, maar het resultaat is beperkt. Dun papier golft en het pigment loopt uit. Gebruik daarom liever aquarelpapier, ook voor oefeningen.

    Wat is het verschil tussen aquarel en gouache?

    Aquarel is doorzichtig en laat het papier zien. Gouache is dekkend en bevat wit pigment. Beide zijn waterverf, maar ze gedragen zich anders. Lees meer in onze gids over gouache.

    Hoe lang duurt het om aquarel te leren?

    Na enkele weken regelmatig oefenen maak je al mooie, losse werkjes. Het gevoel voor water, tijd en papier groeit over maanden.

    Verder lezen over aquarel

    Aquarel schilderen is een rustige manier om met verf te beginnen. Wil je verder, lees dan eerst onze gids schilderen voor beginners voor de basis van kleur, licht en compositie. Zoek je meer uitleg over materiaal, begin dan met aquarelpapier, aquarelverf en aquarel potloden. Voor je eerste onderwerp zijn aquarel bloemen en een aquarel landschap een mooie keuze.

    Pak een blok papier, doe wat water in een glas en begin met een blauw verloop.

De waardering van ayoo.nl bij WebwinkelKeur Reviews is 8,7/10 gebaseerd op 255 reviews.