Lucht schilderen begint met een verloop. Werk met een breed penseel en dunne acrylverf, en schilder de lucht van boven naar beneden, van een donkere naar een lichte tint. Laat het verloop drogen en zet daarna de wolken er met een droog penseel op. Een lucht schilderen is daardoor makkelijker dan het lijkt, omdat de kleur en het licht belangrijker zijn dan de vorm.
Een lucht bepaalt de stemming van een schilderij, en daarom is lucht schilderen een onderdeel dat je vaker zult herhalen. Een heldere blauwe lucht geeft rust, een donkere lucht spanning, een roze avondlucht warmte. In dit artikel lees je in vier stappen hoe je een lucht schildert met acrylverf, hoe je wolken laat staan en hoe je een blauwe, donkere en nachtlucht aanpakt. Ook lucht schilderen met waterverf komt aan bod. De basis van verf en kleuren staat in ons stappenplan om te leren schilderen voor beginners.
Kort samengevat
- Schilder de lucht als eerste, van boven (donker) naar de horizon (licht).
- Gebruik een breed, plat penseel en werk snel, voordat de verf droogt.
- Wolken zet je pas op een droge ondergrond, met weinig verf op een droog penseel.
- Houd de horizon laag en de lucht groot: dat geeft ruimte aan je schilderij.
- Meng je kleuren van tevoren en maak ze iets lichter dan je denkt.
Lucht schilderen in 4 stappen
Dit stappenplan voor lucht schilderen werkt voor een blauwe lucht, een zonsondergang en een bewolkte lucht. Alleen de kleuren verschillen.
Stap 1: kies je kleuren en meng ze vooraf
Een mooie lucht schilderen begint bij de kleuren, net als elke vorm van schilderen van een lucht. Voor een blauwe lucht heb je drie kleuren nodig: een donkerblauw (zoals ultramarijn), een lichtblauw (meng wit in je blauw) en titaniumwit. Voor een zonsondergang voeg je geel, oranje en roze toe. Voor wolken heb je wit en een warm grijs, dat je mengt uit blauw, omber en wit.
Meng je kleuren voordat je begint. Acrylverf droogt snel, en bij een lucht heb je geen tijd om tijdens het schilderen nog te gaan mengen. Zet voor elke tint een flinke klodder op je palet. Maak de tinten iets lichter dan je denkt, want acrylverf wordt tijdens het drogen iets donkerder.
Stap 2: schilder een verloop van donker naar licht
Een lucht is bijna nooit overal even blauw. Boven in beeld is de lucht donkerder en dieper, bij de horizon lichter en vaak wat warmer. Schilder dat verloop met een breed plat penseel en horizontale streken.


- Zet bovenaan het donkerste blauw neer met brede, horizontale streken.
- Haal je penseel niet leeg, maar pak direct het lichtere blauw en schilder daar tegenaan. Laat de randen in elkaar overlopen.
- Werk door naar beneden, steeds lichter. Bij de horizon gebruik je bijna wit, eventueel met een vleugje geel.
- Veeg de overgangen zacht met een droog, schoon penseel, licht heen en weer.
Werk snel. Droogt de verf tussen twee kleuren, dan zie je harde randen. Dat is niet erg, je kunt er een volgende laag overheen zetten, maar een zacht verloop is mooier. Wil je meer tijd? Gebruik een beetje vertraagmedium of een paar druppels water.
Stap 3: zet de wolken erin
Wolken zet je op een droge laag, met een droog penseel. Neem een beetje titaniumwit op een rond of plat penseel en veeg het meeste eraf op een doek. Strijk dan met lichte, draaiende bewegingen over het doek. De verf blijft op de toppen van het doekweefsel hangen en zo ontstaat een zachte, luchtige rand.

Bouw wolken op in lagen. Begin met het warme grijs voor de schaduwkant onderaan de wolk, zet daar wit boven en houd de lichtste tint voor de toppen. Bij een zonsondergang kleurt de onderkant van wolken oranje of roze, omdat ze van onderaf het licht opvangen.
Maak geen twee wolken even groot. Zet er een grote, een middelgrote en een paar kleine neer, en laat ze naar de horizon toe kleiner en vlakker worden. Zo krijgt je lucht diepte.
Stap 4: maak het af met licht en contrast
Bij lucht schilderen gaat het in de laatste stap om het licht. Kijk met half dichtgeknepen ogen naar je lucht. Zie je genoeg verschil tussen de lichtste en donkerste plekken? Zet dan nog een paar lichtste puntjes op de toppen van de wolken en een donkerste schaduw onderaan. Een lucht die plat lijkt, mist meestal contrast, geen details.
Laat je schilderij een dag drogen en kijk er dan opnieuw naar. Je ziet dan snel wat nog beter kan, zoals een te harde rand of een wolk die te dicht bij de horizon staat.
Tip: een lucht is nooit een egaal vlak. Zelfs bij een heldere blauwe lucht zit er verschil tussen de top en de horizon. Zet minimaal drie tinten neer als je een lucht schilderen wilt laten werken.
Wolken herkennen en schilderen
Bij lucht schilderen zijn wolken het onderdeel waar de meeste beginners over struikelen. Wil je wolken schilderen die kloppen, kijk dan eerst omhoog. Op de Nederlandse Wikipedia-pagina over wolken staat hoe de drie hoofdtypen eruitzien.
- Cirrus is een hoge wolk van ijskristallen die er dun, doorzichtig en vezelig uitziet, als een lok haar. In het Nederlands heet hij veegwolk. Je schildert hem met een bijna droog penseel en lichte, uitlopende streken in wit op een blauwe lucht.
- Cumulus is de stapelwolk, met een vlakke onderkant en scherp begrensde, bolvormige toppen. Dit is de wolk die iedereen als eerste schildert. Zet de onderkant vlak en grijsblauw neer, en de toppen wit.
- Stratus is een lage, egale wolkenlaag, zoals een grijze dag. Je schildert hem als een vlak, gelijkmatig grijs met weinig contrast.
Die kennis maakt je lucht geloofwaardig. Een cumulus met vlakke onderkant ziet er echt uit, een bolvormige wolk met een ronde onderkant niet. Kijk naar foto’s of naar de lucht zelf voordat je schildert.
Ook de oude meesters wisten dat een lucht een schilderij maakt. In het Rijksmuseum hangt Gezicht op Haarlem van Jacob van Ruisdael, uit de zeventiende eeuw. Het museum wijst erop dat Ruisdael een lage horizon koos. Kijk zelf hoe daardoor de lucht een groot deel van het doek vult, en let op de verschillen in licht tussen de wolken. Dat laatste is onze eigen kijktip, geen uitspraak van het museum.
Verschillende luchten schilderen
Bij lucht schilderen vraagt elke stemming om andere kleuren. Hieronder de varianten die beginners het vaakst willen schilderen.
Blauwe lucht schilderen
Een blauwe lucht schilderen is de makkelijkste oefening. Gebruik ultramarijnblauw bovenaan en meng er naar beneden steeds meer wit en een heel klein beetje geel of groen in. Zo wordt het blauw bij de horizon wat groenig-licht, zoals in het echt. Voeg er daarna een paar cumuluswolken aan toe. Een blauwe lucht met een paar witte wolken is een fijn eerste schilderij.
Lucht schilderen makkelijk gemaakt
Wil je een lucht schilderen makkelijk houden? Kies dan een zonsondergang met een eenvoudig verloop en een silhouet als voorgrond. Je hoeft geen wolken te schilderen, het verloop doet het werk. Een donkere strook land onderaan geeft het geheel kracht. Zo krijg je met weinig moeite een mooie lucht schilderen.
Donkere lucht schilderen
Een donkere lucht, bijvoorbeeld vlak voor onweer, schilder je met grijsblauwe en paarsgrijze tinten. Meng blauw met een beetje omber en wit voor een warm grijs. Begin met de donkerste tint bovenaan en laat de wolken naar beneden lichter worden. Zet de lichtste plek, een gat in de wolken met zonlicht, op een enkele plek. Dat contrast maakt de lucht dreigend. Meng zwart nooit direct door je kleuren, want het maakt de lucht dood. Meng je donker liever uit blauw en bruin.
Nacht lucht schilderen
Voor een nacht lucht schilderen begin je met een donker verloop van diepblauw bovenin naar iets lichter blauw of paars bij de horizon. Zet sterren er pas op als de lucht droog is. Neem een fijn penseel of een tandenstoker en wat verdunde witte verf en zet kleine puntjes, ongelijk verdeeld. Een penseel met een beetje wit dat je met je duim over het doek laat spatten, geeft een sterrenhemel. Zet een maan als een lichte cirkel met een zachte rand, door de rand met een droog penseel te verzachten.
Mooie lucht schilderen bij zonsondergang
Voor een mooie lucht bij zonsondergang gebruik je geel bij de horizon, daarboven oranje en roze en bovenaan blauw of paars. Laat de kleuren in elkaar overlopen, en zet wolken met een warme onderkant. Houd de horizon laag, met een donkere strook land, zodat de lucht bijna het hele doek vult.

Lucht schilderen met waterverf
Bij waterverf werkt lucht schilderen anders dan bij acrylverf, omdat je geen wit gebruikt. Het wit in een aquarel is het blanke papier, zoals ook op de Nederlandse Wikipedia-pagina over aquarel staat. Je moet de witte plekken van de wolken dus vooraf vrijlaten. Dat is het grootste verschil bij het schilderen van een lucht met waterverf.
Zo pak je lucht schilderen met waterverf aan:
- Maak het papier met een schone, brede kwast vochtig, behalve de plekken waar je wolken wilt laten staan.
- Zet er een lichte laag blauw op, van boven naar beneden, en laat de verf zelf uitlopen.
- Dep met een schone, vochtige of droge doek of keukenpapier een wolk uit de natte verf voor extra zachte randen.
- Laat drogen en zet daarna met een iets donkerder grijsblauw de schaduwkant van de wolken neer.
Werk op dik papier, zodat het niet krom trekt. Bij aquarel is een lucht ook de beste oefening in water beheersen, omdat het verloop vanzelf ontstaat als je goed met water omgaat. Meer over waterverf lees je bij aquarel schilderen.
Veelgemaakte fouten bij lucht schilderen
- Te lang aan één plek werken bij lucht schilderen. Acrylverf droogt snel. Sleep je er te lang aan, dan trekt de verf op en ontstaan strepen. Werk snel en laat het daarna rusten.
- Geen verloop. Een egaal blauw vlak ziet er plat uit. Zet altijd minstens drie tinten neer.
- Wolken met harde randen. Wolken hebben zachte randen, behalve bij cumulus waar de bovenkant scherper is. Verzacht ze met een droog penseel.
- Alle wolken even groot. Variatie in grootte geeft diepte.
- Te veel wit. Een lucht met te veel wit lijkt vlak. Gebruik grijs en blauw in de schaduw.
- Een te hoge horizon. Bij een lage horizon krijgt de lucht ruimte en wordt het schilderij rustiger.
Wil je weten hoe je de lucht in een geheel schilderij laat passen? Kijk dan bij landschap schilderen, zee schilderen en bloemen schilderen, waar je de lucht als achtergrond gebruikt.
Lees ook: schilderen op nummer.
Veelgestelde vragen over lucht schilderen
Hoe schilder je een lucht met acrylverf?
Meng je kleuren vooraf en schilder met een breed penseel van boven naar beneden, van donker naar licht. Laat de kleuren in elkaar overlopen en veeg het verloop zacht. Zet de wolken pas op een droge laag, met een droog penseel.
Hoe schilder je een mooie lucht als beginner?
Begin met een zonsondergang of een blauwe lucht met een paar wolken. Een verloop is al genoeg voor een mooie lucht, dus je hoeft geen details te schilderen. Houd je kleuren beperkt tot drie of vier.
Hoe schilder je een blauwe lucht met wolken?
Schilder eerst het blauwe verloop en laat het drogen. Neem daarna een droog penseel met een beetje wit en veeg zachtjes over het doek. Zet de onderkant van de wolken grijsblauw neer en de toppen wit.
Hoe schilder je een donkere lucht?
Meng blauw, omber en wit voor een warm grijs en begin met de donkerste tint bovenaan. Laat de wolken naar beneden lichter worden en zet op een enkele plek een lichte opening. Gebruik geen zwart, maar meng je donker uit blauw en bruin.
Hoe schilder je een nachtlucht met sterren?
Schilder een donker verloop van diepblauw naar paars of lichtblauw en laat het helemaal drogen. Zet daarna met een fijn penseel of een tandenstoker kleine witte puntjes, ongelijk verdeeld. Een maan maak je met een lichte cirkel met zachte rand.
Kun je een lucht schilderen met waterverf?
Ja. Maak het papier vochtig, zet een lichte laag blauw neer en laat wolken wit staan of dep ze uit de natte verf. Het wit in een aquarel is het blanke papier, dus je plant de witte plekken vooraf.
Welk penseel gebruik je voor een lucht?
Een breed, plat penseel voor het verloop en een rond of plat penseel met weinig verf voor de wolken. Een zacht synthetisch penseel is prima. Voor het uitvegen van overgangen gebruik je een schoon, droog penseel.
Hoe maak je wolken die echt lijken?
Kijk naar de soort wolk. Cumulus heeft een vlakke onderkant en bolle toppen, cirrus is dun en vezelig, stratus is een egale laag. Bouw wolken op in lagen, met grijs voor de schaduw en wit voor de toppen, en wissel de grootte af.
Lucht schilderen op een ezel
Een lucht schilder je het best met je doek rechtop en op ooghoogte, zodat je bij elke streek kunt zien hoe het verloop eruitziet en makkelijk een stap achteruit zet. De Rembrandt is daarvoor gemaakt: een stevige ezel van FSC-gecertificeerd beukenhout op vier poten, in hoogte verstelbaar van 150 tot 192 cm, voor doeken tot 92 cm hoog. In de lade onder het werkvlak liggen je brede penselen en tubes binnen handbereik. Je krijgt er het e-book Ontdek de wereld van kunstschilderen bij, met oefenopdrachten.
Meng drie tinten blauw, pak je breedste penseel en schilder je eerste verloop.
