• Gratis verzending
  • Voor 20:00 besteld, morgen in huis
  • 14 dagen bedenktijd

Tag: Macramé

  • Macramé sleutelhanger maken: stappenplan met platte knopen en kwastje

    Macramé sleutelhanger maken: stappenplan met platte knopen en kwastje

    Een macramé sleutelhanger maak je door een paar stukken katoenkoord met ankerknopen aan een metalen ring te hangen, er een reeks platte knopen of een spiraal in te knopen en de onderkant af te werken met een kwastje. Je knipt elk koord ongeveer 60 tot 80 centimeter en hebt na een half uur een bruikbare sleutelhanger.

    Een macramé sleutelhanger is een klein project, en dat is precies waarom het zo goed werkt voor beginners. Je oefent de platte knoop zonder dat je dagen bezig bent, en je hebt meteen iets nuttigs. Wil je eerst de basis van het vak? Lees dan de pagina over macramé en bekijk de pijler over macramé, weven en textiel.

    Kort samengevat

    • Een macramé sleutelhanger bestaat uit een ring, een paar dubbel opgehangen koorden en een stukje knoopwerk.
    • Gebruik katoenkoord van 3 tot 4 millimeter en een stevige metalen ring.
    • Knip als richtwaarde twee tot vier koorden van 60 tot 80 centimeter, afhankelijk van het patroon.
    • De platte knoop en de gedraaide knoop zijn genoeg voor de meeste ontwerpen.
    • Maak de onderkant af met een wikkelknoop en een kwastje dat je kamt en bijknipt.
    • Een uil, ruit of kraal maakt je macramé sleutelhanger persoonlijker.

    Wat heb je nodig voor een macramé sleutelhanger?

    Voor een macramé sleutelhanger heb je weinig nodig:

    Materialen voor een macramé sleutelhanger: koord, ring, schaar en kraal
    Koord, ring, schaar en eventueel een kraal.
    • Een metalen ring. Een sleutelring van 25 tot 30 millimeter doorsnede is makkelijk te hanteren. Kies een stevige, niet te dunne ring.
    • Katoenkoord. Gedraaid of gevlochten koord van 3 tot 4 millimeter. Een gedraaid koord laat zich uitkammen voor een zacht kwastje. Meer over de keuze lees je op de pagina over macramé touw.
    • Een schaar. Scherp, voor schone uiteinden.
    • Een meetlint. Voor de koordlengtes.
    • Een kam of borstel. Om de franje uit te kammen.
    • Optioneel: een kraal. Een houten kraal is een mooi accent.
    • Optioneel: een klem. Om de ring op je werkblad vast te zetten.

    Voor een macramé sleutelhanger maken zonder klem kun je de ring ook aan een haak of aan de rand van je tafel vastzetten. Dat is een kwestie van wennen: als je de ring stevig vasthoudt, kun je met twee handen knopen.

    Tip: gebruik voor je eerste macramé sleutelhanger een lichte kleur koord. Dan zie je de knopen duidelijk en kun je fouten makkelijk herkennen. Donkere kleuren zijn mooi, maar verbergen het patroon.

    Welke knopen heb je nodig?

    Een macramé sleutelhanger heeft genoeg aan twee knopen. Volgens de Nederlandse Wikipedia over macramé bestaat een macraméknoop uit vier naast elkaar liggende draden: de buitenste twee maken de knoop en de binnenste twee geven de vorm. De pagina noemt de rechte (platte) knoop voor een vlakke reeks en de gedraaide knoop voor een spiraal. Dat zijn precies de knopen voor je sleutelhanger.

    Daarnaast leer je voor je macramé sleutelhanger twee kleine knopen:

    1. De ankerknoop. Hiermee hang je een koord dubbel aan de ring. Vouw het koord in tweeën, leg de lus achter de ring, haal de uiteinden door de lus en trek aan.
    2. De wikkelknoop. Hiermee werk je de onderkant af. Je wikkelt een los eindje meerdere keren strak rond alle koorden en steekt het uiteinde door de lus.

    Staat een knoop voor je macramé sleutelhanger je niet aan? Oefen hem eerst op een los stuk koord. Bij de macramé patronen lees je welke knopen er verder bestaan en hoe je ze combineert.

    Hoeveel koord heb je nodig?

    Voor een eenvoudige macramé sleutelhanger geldt deze richtlijn. Meet de lengte van het knoopwerk dat je wilt, bijvoorbeeld 8 centimeter. Elk koord knip je ongeveer vier tot zes keer die lengte, plus de ruimte voor het kwastje. Voor 8 centimeter knoopwerk met een kwastje van 4 centimeter betekent dat 60 tot 80 centimeter per koord. Dat is een richtwaarde: bij dikker koord of een dichter patroon heb je meer nodig.

    Hoeveel koorden heeft je macramé sleutelhanger nodig? Dit hangt af van het ontwerp:

    • Smal (twee koorden). Twee koorden dubbel opgehangen geven vier draden: precies genoeg voor een rij platte knopen of een spiraal.
    • Breed (vier koorden). Vier koorden dubbel opgehangen geven acht draden: genoeg voor twee platte knopen naast elkaar en een ruitpatroon.

    Knip liever te veel dan te weinig. Een koord dat halverwege te kort blijkt, kun je niet meer aanvullen zonder zichtbare knoop.

    Macramé sleutelhanger maken in 6 stappen

    Stap 1: knip de koorden en hang ze aan de ring

    Knip voor je macramé sleutelhanger de koorden op lengte. Vouw elk koord in tweeën en hang het met een ankerknoop aan de ring. Voor de smalle versie hang je er twee naast elkaar. Trek de knopen aan en schuif ze tegen elkaar. Je hebt nu vier hangende draden.

    Zet de ring vast, bijvoorbeeld aan een haakje, met een klem of door hem om een vinger te leggen. Strijk de draden glad en leg ze in dezelfde volgorde naast elkaar. Elke draad moet vrij kunnen hangen.

    Stap 2: maak de eerste platte knoop

    De platte knoop gebruikt vier draden: de buitenste twee maken de knoop, de binnenste twee zijn de drager. Leg de linker draad over de twee middelste en onder de rechter. Haal de rechter draad onder de middelste draden door en door de lus links. Trek aan. Doe nu hetzelfde spiegelbeeld: rechter draad over de middelste en onder de linker, linker draad onder de middelste door en door de lus rechts. Trek aan. Dat is één platte knoop.

    Een platte knoop wordt gelegd in macramé koord aan een sleutelring
    De platte knoop gebruikt vier draden: twee werken, twee blijven recht.

    Dezelfde knoop vind je terug bij een macramé armband en een macramé wandkleed. Wie die knoop eenmaal kent, kan hem in elk project gebruiken.

    Stap 3: herhaal of draai tot de juiste lengte

    Herhaal de platte knoop vier tot zes keer voor een rechte band. Wil je een spiraal? Maak dan steeds alleen de eerste helft van de knoop, steeds in dezelfde richting. Na een paar knopen begint het knoopwerk vanzelf te draaien. Een spiraal oogt rustig en elegant, een rechte band is stevig en vlak.

    Meet na elke paar knopen de lengte. Voor een gewone macramé sleutelhanger is 6 tot 10 centimeter knoopwerk een prettige maat: groot genoeg om te zien, klein genoeg om niet in je zak te hinderen.

    Stap 4: voeg een ruit of kraal toe (optioneel)

    Heb je een breder ontwerp met acht draden, werk dan een ruit. Maak een rij van twee platte knopen naast elkaar, met draad 1 tot 4 en draad 5 tot 8. Maak in de volgende rij één platte knoop in het midden met draad 3 tot 6. Sluit af met opnieuw twee knopen naast elkaar. Zo ontstaat een kleine ruit. Dit is hetzelfde principe als in een groot wandkleed, maar dan in het klein.

    Wil je een kraal? Rijg hem aan de twee middendraden voordat je de volgende platte knoop maakt. Zo zit de kraal strak in het midden van je knoopwerk.

    Stap 5: werk de onderkant af met een wikkelknoop

    Heb je de lengte, leg dan een los stuk koord van 20 centimeter langs de koorden, met een lus naar beneden. Wikkel het lange uiteinde zes tot acht keer strak om alle koorden en de lus. Steek het uiteinde door de lus en trek aan het andere uiteinde tot de lus in de wikkeling verdwijnt. Knip de eindjes bij. Zo zit je knoopwerk stevig vast.

    Stap 6: knip en kam het kwastje

    De koorden onder de wikkelknoop vormen je kwastje. Knip ze op de gewenste lengte, meestal 3 tot 5 centimeter. Draai bij gedraaid koord elk eind los en kam het uit met een kam of borstel tot het pluizig is. Knip de pluisjes bij tot het kwastje mooi gelijk is.

    Afgewerkte macramé sleutelhanger met kwastje aan een sleutelring
    Kam het kwastje en knip het strak af.

    Hang er je sleutels aan en je macramé sleutelhanger is klaar. Een spiraal of rechte band in naturel koord past bij bijna elke tas.

    Varianten: een macramé uil sleutelhanger en andere ontwerpen

    Als je de basis beheerst, kun je je macramé sleutelhanger variëren. Een paar eenvoudige ideeën:

    • Uil. Een macramé uil sleutelhanger maak je met een breder lijf van platte knopen, twee kralen als ogen en een kleine driehoek van knopen als snavel. De Nederlandse Wikipedia noemt zelfs twee macramé uiltjes als voorbeeld van het vak. Je gebruikt het koord vooral breder, dus werk met vier koorden. Dit ontwerp vraagt wat meer geduld, dus probeer eerst de rechte versie.
    • Ruit. Een enkele ruit in het midden met een kwastje eronder.
    • Twee kleuren. Gebruik twee kleuren koord voor een gestreept effect.
    • Kralen. Rijg een houten kraal onderaan of bovenaan als accent.
    • Hanger met hout. Gebruik een houten ring of staafje in plaats van een metalen ring.
    • Zeil- of touwlook. Gebruik dikker koord en weinig knopen voor een stoere, nautische sleutelhanger.

    Zoek je een macramé sleutelhanger patroon met een schema? Begin met een eenvoudig ontwerp en bekijk daarna meer ideeën bij de macramé patronen. Een macramé sleutelhanger patroon is vaak niet meer dan een lijstje: aantal koorden, lengte, welke knoop hoe vaak, welke afwerking. Schrijf je eigen versie op zodra hij bevalt.

    Een korte geschiedenis: van zeeliedenknopen tot sleutelhanger

    Macramé heeft een lange geschiedenis. Volgens de Engelstalige Wikipedia over macramé maakten Britse en Amerikaanse zeelieden in de negentiende eeuw met platte knopen hangmatten, belfranjes en riemen. Zij noemden dit werk square knotting, naar hun meest gebruikte knoop. In de jaren zeventig werd macramé populair voor wandkleden, kleding en plantenhangers, en kwamen er ook macraméjuwelen. Eind jaren tien kwam er opnieuw belangstelling.

    Zo past een macramé sleutelhanger in een lange traditie van kleine, praktische knoopwerkjes. Dezelfde knoop die zeelieden gebruikten voor een riem, gebruik jij voor je macramé sleutelhanger.

    Veelgemaakte fouten bij een macramé sleutelhanger

    • Te kort koord. Het knoopwerk slokt veel lengte op. Knip liever iets te lang.
    • Ongelijke spanning. Trek elke knoop even hard aan. Anders buigt je knoopwerk.
    • De knoopband draait. Je wisselt per ongeluk de richting van de halve knoop. Doe steeds hetzelfde, of kies bewust een spiraal.
    • De wikkelknoop zit los. Wikkel strakker en trek goed door. Zet zo nodig een druppel textiellijm.
    • Een te zwakke ring. Een dunne ring buigt open door het gewicht van je sleutels. Kies een stevige ring.
    • Het kwastje is ongelijk. Knip pas als alle draden gekamd zijn, en doe dat in kleine stukjes.

    Veelgestelde vragen over een macramé sleutelhanger

    Hoe maak je een macramé sleutelhanger?

    Hang twee of vier dubbele koorden met ankerknopen aan een sleutelring, knoop er een reeks platte knopen of een spiraal in, werk af met een wikkelknoop en kam het kwastje uit. Een eerste macramé sleutelhanger maken duurt ongeveer een half uur.

    Hoeveel koord heb je nodig voor een macramé sleutelhanger?

    Als richtwaarde twee tot vier koorden van 60 tot 80 centimeter van katoenkoord van 3 tot 4 millimeter. Meer koord is nodig bij een breder patroon of dikker koord. Knip liever te veel dan te weinig.

    Welk koord is het best voor een macramé sleutelhanger?

    Katoenkoord van 3 tot 4 millimeter. Gedraaid koord laat zich uitkammen voor een zacht kwastje, gevlochten koord blijft strakker. Meer uitleg vind je op de pagina over macramé touw.

    Hoe maak je een kwastje aan een macramé sleutelhanger?

    De koorden onder de wikkelknoop vormen het kwastje. Knip ze op 3 tot 5 centimeter, draai ze los, kam ze uit en knip de pluisjes bij. Dat is alles.

    Hoe maak je een macramé uil sleutelhanger?

    Gebruik vier koorden, knoop een breder lijf van platte knopen, voeg twee kralen toe als ogen en maak een kleine driehoek als snavel. Het is lastiger dan een rechte versie, dus oefen eerst de basisknopen. De Nederlandse Wikipedia noemt macramé uiltjes als voorbeeld van het vak.

    Is een macramé sleutelhanger geschikt voor beginners?

    Ja. Het is klein, goedkoop en snel af. Je leert de platte knoop en de wikkelknoop, die je in veel andere projecten terugziet, zoals een armband of wandkleed.

    Welke ring gebruik je voor een macramé sleutelhanger?

    Een stevige metalen sleutelring van 25 tot 30 millimeter. Dat is een richtmaat. Kies een ring die niet openbuigt onder het gewicht van je sleutels.

    Kun je een macramé sleutelhanger wassen?

    Katoenkoord kun je voorzichtig met de hand wassen in lauw water. Kijk bij de verpakking van je koord voor de wasaanwijzingen. Laat hem aan de lucht drogen en kam het kwastje daarna opnieuw uit.

    Verder lezen over macramé

    Wil je verder met macramé? Lees de pagina over macramé voor de basis, kies het juiste macramé touw en bekijk meer macramé patronen. Probeer daarna een macramé armband of een macramé plantenhanger. Bekijk ook de pijler over macramé, weven en textiel of lees over vilten.

  • Macramé plantenhanger maken: stap voor stap in een middag

    Macramé plantenhanger maken: stap voor stap in een middag

    Een macramé plantenhanger maak je met acht koorden van ongeveer 4 meter, een houten ring en een kort koord om de bundel af te sluiten. Je hangt de koorden aan de ring, knoopt vier spiralen van gedraaide knopen, bindt de koorden op twee hoogtes tot een net en sluit af met een kwast. Voor een eerste macramé plantenhanger maken reken je op twee tot drie uur.

    Een macramé plantenhanger past bij bijna elke kamer. Planten krijgen een plek op ooghoogte, de vloer en vensterbank blijven vrij en je hebt iets handgemaakts dat je meteen gebruikt. Het is bovendien een van de beste eerste projecten voor wie macramé wil leren, omdat je steeds dezelfde twee knopen herhaalt en het resultaat je meteen laat zien of je gelijkmatig werkt. Wil je eerst weten hoe de techniek achter een macramé plantenhanger werkt? Lees dan onze gids over macramé.

    Kort samengevat

    • Je hebt 8 koorden van ongeveer 4 meter, een houten ring en een extra koord van 1 meter nodig.
    • Kies voor je macramé plantenhanger katoenen koord van 4 tot 5 mm. Voor buiten is katoen minder geschikt.
    • De plantenhanger bestaat uit een omwikkelknoop, vier spiralen, twee rijen verbindingsknopen en een kwast.
    • Meet de maten van je macramé plantenhanger aan je eigen pot: je werkt met richtwaarden voor een pot van 12 tot 15 cm.
    • Hang een volle pot aan een stevige haak. Een natte pot is zwaarder dan je denkt.

    Wat heb je nodig om een macramé plantenhanger te maken?

    Voor het maken van een macramé plantenhanger heb je weinig nodig, en alles is makkelijk te vinden. Dit zijn de materialen en gereedschappen.

    Koord. Voor een plantenhanger past gedraaid katoenen koord van 4 of 5 mm het best. Het is stevig genoeg voor een pot met aarde en water en soepel genoeg om makkelijk te knopen. De gids van Tiny Workshops raadt dun garen af voor plantenhangers. Welk koord bij welk project past, lees je in ons artikel over macramé touw. Een rol van 100 meter is ruim genoeg voor een of twee hangers.

    Een houten of metalen ring. Van 5 tot 8 cm doorsnede. Aan deze ring hang je alle koorden en straks de hele plantenhanger. Een houten ring geeft een warm uiterlijk, een metalen ring is sterker. Als je het zelf wilt maken, kun je ook een stevige lus van koord gebruiken.

    Een extra koord van 1 meter voor de omwikkelknoop onder de ring en onder de pot.

    Een schaar en een meetlint. Meten is hier belangrijk, want alle koorden moeten even lang zijn.

    Een pot. Meestal van 12 tot 15 cm, van terracotta, keramiek of plastic. Houd hem bij de hand, zodat je kunt passen tijdens het knopen.

    Een haak om op te hangen. Hang de ring tijdens het werken aan een haak in een deurpost of aan een kapstok. Zo heb je beide handen vrij en hangen de koorden recht.

    Waar koop je een macramé plantenhanger of de onderdelen?

    Veel mensen zoeken een macramé plantenhanger kopen bij winkels als Action, HEMA of Intratuin. Het aanbod verschilt per winkel en per seizoen, dus kijk op de website of in de winkel. Een macramé plantenhanger zelf maken is meestal goedkoper en je bepaalt zelf de maat en kleur. Een zelfgemaakte macramé plantenhanger past precies om jouw pot.

    Hoeveel koord heb je nodig?

    De lengte van de koorden hangt af van de gewenste hanger. De volgende maten zijn richtwaarden voor een hanger van ongeveer 80 cm lang.

    OnderdeelAantalLengte
    Hoofdkoorden8400 cm
    Omwikkelkoord1100 cm
    Totaalcirca 33 meter

    Dat lijkt veel. Knopen nemen echter veel koord op: een stuk van 10 cm gedraaide knopen gebruikt al snel 30 cm koord. Bij een kleinere pot of kortere hanger gebruik je minder. Knip koord liever te lang dan te kort. Het overschot knip je aan het eind af.

    Stap 1 van 5

    Stap 1: hang de koorden van je macramé plantenhanger aan de ring

    Vouw de acht koorden elk dubbel en hang ze met een lusknoop aan de ring. Schuif de knopen strak tegen elkaar. Je hebt nu zestien hangende uiteinden van ongeveer 200 cm.

    Acht koorden dubbelgevouwen aan een houten ring, met een omwikkelknoop net onder de ring
    De koorden aan de ring, met een omwikkelknoop als eerste afsluiting.

    Neem het koord van 1 meter en maak daarmee een omwikkelknoop ongeveer 10 cm onder de ring. Leg het koord met een lus langs de bundel en wikkel het strak om alle zestien uiteinden, zo’n tien keer. Steek het uiteinde door de lus, trek het andere uiteinde aan en knip de uiteinden af. De bundel zit nu netjes bij elkaar.

    Hoe je de lusknoop en de omwikkelknoop precies maakt, staat in ons artikel over macramé knopen. Heb je deze knopen nog nooit gedaan, oefen ze dan eerst op een stukje restkoord.

    Tip: hang de ring tijdens het werken op ooghoogte aan een haak. Zo hoef je niet te bukken en blijven de koorden gelijkmatig hangen. Laat de koorden af en toe uitrafelen door ze recht te strijken.

    Stap 2 van 5

    Stap 2: verdeel in vier groepen

    Verdeel de zestien uiteinden in vier groepjes van vier. Leg de groepjes naast elkaar en bepaal welke groep welke is. Voor een plantenhanger moeten de groepen even lang en even breed zijn, dus tel nog eens na.

    Dit is een goed moment om je koorden recht te strijken en eventuele krullen eruit te halen. Een koord dat gedraaid is, hangt scheef en geeft later een scheve hanger. Houd de groepen gescheiden, bijvoorbeeld met een stukje tape of een wasknijper. Dat voorkomt dat de koorden door elkaar raken tijdens het knopen.

    Je werkt de komende stap met één groep tegelijk. Zorg dat de overige groepen buiten je werkvlak hangen, zodat je er niet per ongeluk aan trekt.

    Stap 3 van 5

    Stap 3: knoop vier spiralen in je macramé plantenhanger

    Elke groep van vier koorden wordt een spiraal. Je gebruikt de gedraaide knoop: steeds dezelfde halve knoop, tot de strook vanzelf draait. Twee koorden in het midden zijn de drager, de twee buitenste zijn de werkkoorden. Leg het linkerkoord over de drager en onder het rechterkoord, haal het rechterkoord onder de drager door en door de lus, en trek strak aan. Herhaal dit steeds met hetzelfde koord links.

    Spiraalknoop in een macramé plantenhanger

    Knoop zo’n 20 tot 25 cm, dat is ongeveer twintig tot dertig knopen. Maak alle vier de spiralen even lang. Houd een liniaal of meetlint erbij, want kleine verschillen zie je later terug in een scheve pot.

    Wil je een andere stijl, dan kun je in plaats van spiralen ook platte knopen gebruiken. Dat geeft een vlakke strook in plaats van een draaiing. De uitleg van beide knopen staat in het artikel over macramé knopen.

    Tip: een macramé plantenhanger maken met kralen kan hier mooi. Rijg een houten kraal op de twee drager-koorden tussen twee spiralen. Kies een kraal met een gat dat groot genoeg is voor twee koorden, en probeer eerst of ze erdoor passen.

    Stap 4 van 5

    Stap 4: maak het net van de macramé plantenhanger

    Onder de spiralen maak je het net waar de pot in komt te liggen. Neem van elke spiraal de twee rechterkoorden en van de buurspiraal de twee linkerkoorden: samen vier koorden. Maak daarmee na ongeveer 12 cm onder de spiralen één platte knoop. Zo ontstaat een ring van vier platte knopen op dezelfde hoogte.

    Netpatroon van een macramé plantenhanger
    Halve plantenhanger met spiralen, een net van knopen en een terracotta pot die voorzichtig in het net wordt geplaatst
    Pas de pot tijdens het werken: het net moet strak genoeg zitten, maar niet knellen.

    Maak daarna een tweede rij, zo’n 12 tot 15 cm lager. Neem opnieuw twee koorden van de ene knoop en twee van de volgende, en maak weer één platte knoop per viertal. Je hebt nu een net van ruiten. Zet de pot in het net en kijk of hij stevig hangt.

    Dit is de belangrijkste stap om af te stellen. Zit de pot te los, knoop dan de tweede rij iets hoger. Zit hij te strak, maak de rij iets lager. Een goede pasvorm van je macramé plantenhanger zorgt dat de pot recht hangt en niet kan kantelen. Pas altijd met de lege pot, en daarna nog een keer met de gevulde pot, want die zakt iets.

    Stap 5 van 5

    Stap 5: sluit af met een kwast

    Verzamel alle koorden onder het net, ongeveer 10 cm onder de tweede knoop. Maak daar met een stuk restkoord een omwikkelknoop, net als bij de ring. Knip de koorden daaronder op gelijke lengte, rechte of schuin, en kam ze met een borstel of vork door tot een zachte kwast.

    Maak de eerste omwikkelknoop net en strak. Een los wikkel valt na een paar weken open. Controleer ten slotte alle knopen: trek er één voor één aan, zodat je weet dat ze de belasting van een pot aankunnen. Een knoop die schuift nu, schuift ook met een volle pot.

    Je macramé plantenhanger is klaar. Als richtwaarde heb je er twee tot drie uur voor nodig, en bij een tweede hanger ben je al sneller.

    Plantenhanger patroon aanpassen: kralen, groot of anders

    Met dit basispatroon voor een macramé plantenhanger kun je op veel manieren variëren.

    Met kralen. Rijg houten kralen op de drager-koorden of op de koorden van het net. Een kraal onder de omwikkelknoop geeft een mooie afwerking. Kies kralen die niet te zwaar zijn, en test of de koorden erdoor passen.

    Groot. Voor een grotere pot, bijvoorbeeld 25 cm, gebruik je dikker koord van 5 tot 6 mm en meer of langere koorden. Maak de spiralen langer en het net wijder. Houd rekening met het gewicht: een grote pot met natte aarde is zwaar. De RHS schrijft dat je bij hangmanden kunt voelen of ze water nodig hebben door ze op te tillen: als ze echt licht zijn, moeten ze water. Dat laat ook zien dat een gevulde pot flink in gewicht kan verschillen.

    Een ander patroon. Wil je een macramé plantenhanger met platte knopen en ruiten, vervang de spiralen dan door een net van platte knopen. Er bestaat ook een variant met een korte strook platte knopen onder de ring. Meer ideeën vind je in onze uitleg over macramé patronen.

    Gratis patroon. De stappen in dit artikel zijn een gratis patroon voor een macramé plantenhanger dat je mag gebruiken en aanpassen. Maak aantekeningen van je eigen lengtes en kleuren, dan heb je bij een tweede hanger meteen je eigen versie.

    Macramé plantenhanger voor beginners. Werk bij je eerste hanger zonder kralen en gebruik alleen platte knopen voor het net. Zo oefen je maar twee dingen tegelijk en blijft de hanger overzichtelijk.

    Je macramé plantenhanger veilig ophangen en verzorgen

    Een macramé plantenhanger moet het gewicht van een gevulde pot dragen. Een macramé plantenhanger met een pot van 15 cm met natte aarde en een plant weegt meestal een paar kilo. Gebruik een stevige haak die in een balk of draagpunt is geschroefd, niet alleen in gips of pleister. Test de haak eerst door er stevig aan te trekken.

    Macramé plantenhanger met plant bij het raam

    De RHS schrijft in haar gids over hanging baskets dat je in de zomer elke dag moet controleren of een mand water nodig heeft, en dat compost op leembasis extra gewicht geeft. Een macramé plantenhanger heeft dezelfde belasting: bij elke keer gieten wordt de pot zwaarder, en bij vochtige koorden kan schimmel ontstaan.

    Katoen houdt vocht vast. De fabrikant Corderie Mansas schrijft dat gedraaid katoenen touw buiten alleen onder een afdak kan, omdat het schimmel kan krijgen als het nat blijft. Hang een katoenen macramé plantenhanger dus binnen of onder een afdak. Gebruik voor buiten synthetisch touw dat tegen water en uv-licht kan.

    Giet planten altijd boven de gootsteen of een bak, en laat de pot eerst uitdruipen voordat je hem terughangt. Zo blijft het koord droog en gaat je macramé plantenhanger langer mee. Stof haal je er met een zachte borstel af.

    Veelgestelde vragen over een macramé plantenhanger

    Hoe maak je een macramé plantenhanger stap voor stap?

    Hang acht koorden van 4 meter dubbelgevouwen aan een ring en bind ze 10 cm onder de ring met een omwikkelknoop. Verdeel ze in vier groepen van vier, knoop vier spiralen, maak twee rijen verbindingsknopen als net en sluit af met een omwikkelknoop en kwast.

    Hoeveel koord heb je nodig voor een macramé plantenhanger?

    Als richtwaarde acht koorden van 400 cm en één koord van 100 cm, samen ongeveer 33 meter. Dat geeft een hanger van circa 80 cm voor een pot van 12 tot 15 cm. Voor een kleinere hanger gebruik je minder.

    Welk koord is geschikt voor een plantenhanger?

    Gedraaid katoenen koord van 4 tot 5 mm. Dun garen is minder geschikt, omdat het minder goed knopen houdt. Voor buiten kies je synthetisch touw, want katoen kan schimmelen als het vochtig blijft.

    Kan ik een macramé plantenhanger buiten ophangen?

    Alleen met het goede touw of onder een afdak. Katoen kan schimmelen als het nat blijft. Voor een tuin of balkon is synthetisch touw die tegen water en uv-licht kan een betere keuze.

    Hoeveel gewicht kan een macramé plantenhanger dragen?

    Dat hangt af van het koord, de knopen en de ring. Een eerste hanger van 4 tot 5 mm katoen draagt prima een pot van enkele kilo’s. Test hem eerst met een gevulde pot dicht bij de grond en hang hem pas daarna op.

    Hoe maak je een macramé plantenhanger met kralen?

    Rijg een houten kraal op de twee middelste koorden van een spiraal, of onder de omwikkelknoop. Kies een kraal met een gat dat groot genoeg is voor twee koorden en test dat voordat je begint.

    Kan ik een macramé plantenhanger maken als beginner?

    Ja. Je gebruikt maar een paar eenvoudige knopen. Oefen ze eerst op restkoord. Reken op twee tot drie uur voor je eerste hanger en neem de tijd om de lengtes gelijk te houden.

    Wat kost het om een macramé plantenhanger zelf te maken?

    Een rol koord en een ring kosten samen een paar tientjes, en daar maak je meerdere hangers van. Prijzen verschillen per winkel. Zelf maken is meestal goedkoper dan kopen, en je kiest zelf de maat.

    Verder lezen

    Wil je meer weten over de knopen die je hebt gebruikt? Lees dan macramé knopen. Welk koord het best bij je project past, lees je bij macramé touw. Alle uitleg over de techniek vind je in de gids over macramé.

    Zoek je een andere techniek met wol? Kijk dan bij vilten of in het overzicht van macramé, weven en textiel.

  • Macramé knopen: de basisknopen stap voor stap leren

    Macramé knopen: de basisknopen stap voor stap leren

    Macramé knopen leer je het snelst door eerst vijf knopen te oefenen: de lusknoop, de platte knoop, de gedraaide knoop, de dubbele halve steek en de omwikkelknoop. Met die vijf maak je een wandhanger, plantenhanger, armband en bijna elk ander patroon. Elke knoop bestaat uit twee of drie bewegingen die je steeds herhaalt.

    Veel beginners denken dat macramé knopen lastig is, omdat patronen er ingewikkeld uitzien. In werkelijkheid is een groot wandkleed een combinatie van een paar eenvoudige knopen in een bepaalde volgorde. Wie de basis van macramé knopen kent, kan elk patroon lezen. Op deze pagina leer je de macramé knopen één voor één, met stappen die je naast je werk kunt leggen.

    Kort samengevat

    • Vijf macramé knopen zijn genoeg: lusknoop, platte knoop, gedraaide knoop, dubbele halve steek, omwikkelknoop.
    • Een platte knoop bestaat uit twee halve knopen, links en rechts, en gebruikt vier koorden.
    • Dezelfde halve knoop steeds herhalen geeft een spiraal: de gedraaide knoop.
    • Oefen elke van de macramé knopen eerst tien keer op een proeflapje met dik koord van 4 tot 5 mm.
    • Trek elke macramé knoop even strak aan. Gelijke spanning zie je terug in het hele werkstuk.

    Voordat je begint met macramé knopen leren

    Voor het leren van macramé knopen heb je een paar dingen nodig: katoenen koord van 4 tot 5 mm, een stok of ring, en een schaar. Welk koord je kiest, lees je in ons artikel over macramé touw. Voor het oefenen van macramé knopen neem je beter dik koord, omdat je dan goed ziet wat je doet. Dun garen is lastiger voor beginners.

    Knip voor een oefenstuk acht koorden van ongeveer 150 cm. Dat is veel, maar bij een proef is te veel beter dan te weinig. Hang de stok aan een haak of leg hem vast, zodat je beide handen vrij hebt. Een overzicht van alle materialen vind je in onze gids over macramé.

    Een paar woorden die je vaak tegenkomt. De drager is het koord of de koorden waaromheen je knoopt, ze blijven recht hangen. De werkkoorden zijn de koorden die je beweegt en om de drager legt. Een halve knoop is één kant van de knoop. Met rij bedoelen we een horizontale lijn knopen naast elkaar.

    De geschiedenis in één alinea

    Het knopen van macramé is oud, en de macramé knopen van nu zijn die van vroeger. Matrozen noemden de platte knoop in de negentiende eeuw square knotting en maakten er hangmatten, riemen en bellenfranjes mee, schrijft Wikipedia. Hetzelfde overzicht noemt de platte knoop en de verschillende halve steken als de basis van de techniek. Ook het Rijksmuseum bewaart een klein staaltje fijne macramé uit circa 1890 tot 1900. Een eeuw later gebruiken we nog steeds dezelfde knopen.

    Stap 1 van 5

    Stap 1: de lusknoop, je koorden aan de stok hangen

    Elk werkstuk begint met koorden aan een stok. Dat doe je met de lusknoop, ook wel ankerknoop genoemd. Het is de makkelijkste van alle macramé knopen.

    Lusknoop om koorden aan een houten stok te hangen
    Hang de koorden met een lusknoop aan de stok.
    Vier groepjes van vier koorden met lusknopen aan een houten stok voor een witte muur
    Elk koord hangt dubbelgevouwen aan de stok met een lusknoop.

    Vouw een koord dubbel. Leg de lus over de stok, zodat hij achter de stok hangt. Haal beide uiteinden van voren door de lus en trek ze naar beneden, zodat de lus strak om de stok zit. Je hebt nu één koord met twee uiteinden aan de stok. Herhaal dit tot alle koorden hangen en schuif de knopen vlak naast elkaar.

    Hang je koorden in groepjes van vier, dan kun je meteen beginnen met de platte knoop. Elk groepje bestaat uit twee dubbelgevouwen koorden, dus vier hangende uiteinden. Bij het ophangen letten beginners vaak niet op de volgorde. Zorg dat alle lussen dezelfde kant op liggen, dan wordt je werkstuk netter.

    Tip: wil je de lusknoop andersom maken, leg de lus dan voor de stok in plaats van erachter. Een omgekeerde lusknoop geeft een iets ander uiterlijk. Kies er één en blijf daarbij in een werkstuk.

    Stap 2 van 5

    Stap 2: de platte knoop, de basis van macramé knopen

    De platte knoop is de belangrijkste van alle macramé knopen. Het Nederlandse Wikipedia-artikel noemt hem een van de twee basisknopen. Hij geeft een vlakke, stevige rij en is de basis van bijna elke wandhanger.

    Platte knopen in macramé koord
    Een platte knoop is de basis van macramé.

    Je werkt met vier koorden, die we A, B, C en D noemen van links naar rechts. B en C zijn de drager. A en D zijn de werkkoorden.

    1. Leg koord A over B en C, en onder D. Je hebt nu een vorm als het cijfer vier.
    2. Leg D onder B en C door, en trek hem door de lus bij A omhoog. Trek A en D aan, strak maar niet te hard. Dit is de eerste halve knoop.
    3. Nu doe je hetzelfde aan de andere kant. Leg D over B en C, en onder A.
    4. Leg A onder B en C door, en trek hem door de lus bij D omhoog. Trek aan. Nu heb je één complete platte knoop.

    Het geheim is de afwisseling: eerst begin je links, dan rechts. Een platte knoop die vlak ligt, heeft een kleine knobbel in het midden. Ligt hij scheef, dan heb je twee keer dezelfde kant gedaan. Haal hem los en begin opnieuw.

    Voor een rij maak je meerdere platte knopen onder elkaar of naast elkaar. Voor een net, ook wel het bekende ruitpatroon, werk je in rijen en schuif je elke volgende rij twee koorden op. Zo krijg je ruiten in plaats van strepen. Een net knopen leer je in een middag, en het is de basis van veel wandhangers.

    Tip: trek de knopen gelijkmatig aan. Als je de ene te los laat en de andere te strak trekt, ziet je werkstuk er golvend uit. Oefen op een proeflapje van tien knopen onder elkaar totdat ze gelijk zijn.

    Stap 3 van 5

    Stap 3: de gedraaide knoop voor een spiraal

    De gedraaide knoop is eigenlijk een halve platte knoop die je steeds herhaalt. Het resultaat is een spiraal die vanzelf rond de drager draait.

    Een macramé strook met een spiraal van gedraaide knopen tussen twee stroken met een netpatroon
    In het midden een spiraal van gedraaide knopen, links en rechts een net van platte knopen.

    Werk met vier koorden, zoals bij de platte knoop. Doe alleen de eerste halve knoop: leg A over B en C, en onder D, haal D onder B en C door en trek hem door de lus. Begin dan weer met A over B en C, en doe hetzelfde. Steeds weer dezelfde kant. Na vijf of zes knopen begint de strook te draaien. Houd de drager recht en laat de werkkoorden het werk doen.

    De gedraaide knoop is geschikt voor de koorden van een plantenhanger, voor ranken in een wandhanger of voor een armband. De spiraal geeft een vloeiend patroon dat niet hoeft te worden afgewerkt. Wil je dat de spiraal de andere kant op draait, begin dan met de halve knoop aan de andere kant, dus met D in plaats van A.

    Tip: als je spiraal te krap wordt, werk je te strak. Laat de knopen ontspannen vallen. Als hij uit elkaar valt, trek je te los.

    Stap 4 van 5

    Stap 4: de dubbele halve steek voor schuine lijnen

    Met de dubbele halve steek maak je schuine of golvende lijnen en vormen als bladeren en hartjes. Het Engelstalige Wikipedia-artikel beschrijft dat Cavandoli-macramé vooral uit deze knoop bestaat.

    Houd één koord schuin vast als drager, bijvoorbeeld van linksboven naar rechtsonder. Neem het koord dat er direct naast hangt. Leg het over de drager, haal het eromheen en trek het door de lus naar voren. Dat is een halve steek. Doe het nog een keer op dezelfde plek: nu heb je een dubbele halve steek. Werk zo voor elk koord naast je, van boven naar beneden, en je krijgt een schuine rij knopen.

    Laat je koorden steeds in dezelfde volgorde langs de drager lopen, dan blijven de lijnen recht. Wil je een V-vorm, werk dan vanaf beide kanten naar het midden. Zo maak je in een paar rijen een mooi blad of een pijl, een patroon dat je veel op wandhangers ziet.

    Stap 5 van 5

    Stap 5: de omwikkelknoop en de afwerking

    Met de omwikkelknoop bundel je koorden en sluit je een werkstuk af. Je ziet hem bij een plantenhanger onder de ring of onder de pot.

    Leg een los stuk koord van 40 cm langs de bundel koorden, met een lus naar beneden. Wikkel het lange uiteinde strak om de bundel en over de lus, tien keer of meer. Steek het uiteinde door de lus en trek aan het andere uiteinde, zodat de lus met het koord onder de wikkels verdwijnt. Knip de uiteinden af. Het resultaat is een nette, brede ring van koord.

    Een snelle afsluiting is de eindknoop of overhandse knoop: je maakt een gewone knoop aan het einde van een koord. Gebruik je liever franje, knip de koorden dan op één lengte en kam ze door. Wie wil leren hoe je werkstukken afmaakt, vindt verdere uitleg in onze gids over macramé.

    Macramé knopen voor een armband: een snel oefenproject

    Een armband is het snelste project om macramé knopen te oefenen. Je hebt twee koorden van ongeveer 15 cm voor de drager, en twee koorden van circa 80 cm voor de werkkoorden. Dat zijn richtwaarden en hangen af van je polsmaat en koord.

    Een geknoopte macramé armband
    Een armband is een snel oefenproject.

    Leg de dragers naast elkaar, vouw de werkkoorden dubbel en bevestig ze met een lusknoop. Maak dan platte knopen tot de armband lang genoeg is voor je pols. Voor de sluiting maak je een schuifknoop: leg de uiteinden over elkaar en knoop elk uiteinde met een overhandse knoop om het andere. Zo kun je de armband groter en kleiner trekken.

    Waxkoord van 1 tot 2 mm is geschikt voor armbandjes. Dikker katoen geeft een stevig, grof uiterlijk. Meer ideeën vind je in het artikel over een macramé armband.

    Macramé knopen combineren tot een patroon, met voorbeeld

    Met deze vijf macramé knopen kun je alles maken. De kunst zit in de combinaties. Dit zijn vier macramé knopen voorbeeld patronen die je kunt proberen.

    Een net knopen van platte knopen. Rij 1: platte knopen in groepen van vier koorden. Rij 2: sla de eerste twee koorden over en knoop de volgende groepen van vier. Rij 3: begin weer vooraan. Zo ontstaat een patroon van ruiten, het bekende macramé net.

    Een spiraal naast een strook platte knopen. Werk in het midden van je werkstuk vier koorden met gedraaide knopen, en aan beide zijden de platte knopen. Het contrast tussen draaien en vlak is mooi in een wandhanger.

    Een blad met dubbele halve steken. Begin in het midden met een drager, werk schuin naar buiten en maak een V-vorm. Vul daarna op met platte knopen.

    Een uiltje knopen. Een uiltje is een leuke combinatie: platte knopen voor het lijf, dubbele halve steken voor de vleugels, kralen als ogen. Met de basis macramé knopen kom je een eind. Voor volledige patronen en meer voorbeelden, zoals een uil, een hartje of een bloem, kijk je in onze uitleg over macramé patronen.

    Wil je een groter werkstuk, dan bouw je deze voorbeelden op tot een wandkleed. Hoe je dat aanpakt lees je in macramé wandkleed. En wil je de knopen meteen toepassen in een project met planten, dan is een macramé plantenhanger een logisch vervolg.

    Veelgemaakte fouten bij macramé knopen

    Bij het leren van macramé knopen maak je altijd dezelfde fouten. Ze zijn makkelijk te herkennen.

    Knopen die niet strak zitten. Trek elke knoop aan voordat je de volgende maakt. Trek aan beide werkkoorden tegelijk, in tegenovergestelde richting.

    De drager beweegt mee. Houd de middelste koorden stil en strak. Alleen de werkkoorden bewegen. Zet zo nodig een klem onderaan.

    Platte knopen die scheef draaien. Je hebt twee keer dezelfde kant gedaan. Doe afwisselend links en rechts.

    Koorden die in de knoop zitten. Rol lange koorden op een klosje of een stuk karton op, zodat ze niet verwarren. Dit scheelt veel ergernis bij grote werkstukken.

    Te snel gaan. Een goede knoop gaat langzaam. Bij macramé knopen telt precisie. Neem de tijd om te kijken of hij klopt voordat je verder gaat. Na dertig knopen heb je er een ritme in.

    Veelgestelde vragen over macramé knopen

    Welke macramé knopen moet ik als beginner leren?

    Vijf macramé knopen: de lusknoop om koorden aan de stok te hangen, de platte knoop, de gedraaide knoop, de dubbele halve steek en de omwikkelknoop. Met deze vijf maak je een wandhanger, plantenhanger en armband. Oefen ze eerst op een proeflapje met dik koord.

    Hoe maak je een platte knoop?

    Je gebruikt vier koorden: twee in het midden als drager, twee aan de buitenkant als werkkoorden. Leg het linker werkkoord over de drager en onder het rechter, haal het rechter achter de drager langs door de lus en trek aan. Spiegel dit daarna aan de andere kant.

    Wat is het verschil tussen een platte knoop en een gedraaide knoop?

    Bij de platte knoop wissel je af tussen links en rechts, waardoor een vlakke reeks ontstaat. Bij de gedraaide knoop herhaal je steeds dezelfde halve knoop, waardoor het werk een spiraal vormt. Beide gebruiken vier koorden en dezelfde bewegingen.

    Hoe lang duurt het om macramé knopen te leren?

    De basis van macramé knopen leer je in een uur of twee. Een rij gelijkmatige platte knopen vraagt wat meer oefening, vaak een paar avonden. Na een eerste kleine wandhanger voel je de spanning en het ritme van de knopen.

    Welk koord is het best om macramé knopen mee te leren?

    Gedraaid katoenen koord van 4 tot 5 mm. Het is dik genoeg om je knopen goed te zien en soepel genoeg om makkelijk te knopen. Dun garen of glad synthetisch koord is lastiger voor beginners.

    Hoe knoop je een armband?

    Leg twee korte koorden als drager naast elkaar, bevestig twee langere werkkoorden met een lusknoop en maak platte knopen tot de armband lang genoeg is. Sluit af met een schuifknoop, zodat je de maat kunt aanpassen.

    Kun je macramé knopen uit een boek leren?

    Ja, mits er foto’s per stap staan. Veel mensen combineren een boek met een filmpje of een workshop, omdat je dan ziet hoe iemand de koorden aantrekt. Wat je moet onthouden: afwisselend links en rechts, en houd de drager recht.

    Verder lezen

    Ken je de macramé knopen? Dan is het tijd voor een project. Begin met een macramé plantenhanger of lees in de gids over macramé welke patronen er zijn. Welk koord je het best gebruikt, lees je bij macramé touw.

    Zoek je een andere techniek met wol? Kijk dan bij vilten of in het overzicht van macramé, weven en textiel.

  • Macramé armband maken: stappenplan met platte knopen en schuifsluiting

    Macramé armband maken: stappenplan met platte knopen en schuifsluiting

    Een macramé armband maak je door twee werkdraden met platte knopen om twee middendraden te knopen en de uiteinden af te sluiten met een schuifknoop. Je knipt daarvoor ongeveer een meter koord voor elke werkdraad en een kort stuk voor het middenstuk. Met dun waxkoord of katoenkoord van 1 tot 1,5 millimeter lukt een eerste armband in een uur.

    Een macramé armband is een van de makkelijkste projecten om met macramé te beginnen. Je hebt weinig materiaal nodig, je leert de platte knoop in de praktijk en het resultaat draag je meteen. Wil je eerst de basis van het vak kennen? Lees dan de pagina over macramé en bekijk de pijler over macramé, weven en textiel.

    Kort samengevat

    • Een macramé armband bestaat uit twee middendraden en twee werkdraden die je met platte knopen eromheen knoopt.
    • Knip als richtwaarde twee werkdraden van 90 tot 100 centimeter en twee middendraden van 30 centimeter.
    • Gebruik dun gewaxt of katoenen koord van 1 tot 1,5 millimeter.
    • Een schuifknoop als sluiting maakt de armband verstelbaar, zonder metalen sluiting.
    • Meet je pols en laat 4 tot 6 centimeter extra voor de sluiting.
    • Branden of lijmen van de uiteinden voorkomt rafelen, maar let op bij synthetisch koord.

    Wat heb je nodig voor een macramé armband?

    Voor een macramé armband heb je weinig nodig. Dit is de lijst voor je eerste macramé armband:

    Materialen voor een macramé armband: koord, schaartje, meetlint, klembord en kralen
    Koord, schaar en meetlint.
    • Koord. Gewaxt polyester- of katoenkoord van 1 tot 1,5 millimeter. Gewaxt koord glijdt minder en houdt de knopen vast. Wil je meer weten over de keuze? Lees het stuk over macramé touw.
    • Een schaar. Scherp, voor een schone snede.
    • Een meetlint of liniaal. Om je pols en de koordlengtes te meten.
    • Een plakbandje, klemmetje of klembord. Daarmee zet je het koord vast terwijl je knoopt.
    • Optioneel: een kraal. Een kleine houten of glazen kraal kun je als accent inrijgen.
    • Optioneel: een aansteker. Met een snelle vlam smelt je de uiteinden van synthetisch koord dicht, maar doe dat voorzichtig en niet bij katoen.

    De meeste mensen kiezen een natuurlijke kleur of een donkere tint zoals marineblauw of zwart. Twee kleuren kunnen ook: de middendraden in een andere kleur dan de werkdraden, zodat de armband een mooi contrast krijgt.

    Tip: begin met een koord dat niet te dun is. Met 1,5 millimeter kun je de knopen goed zien en aantrekken. Zodra je de beweging snapt, kun je naar dunner koord voor een fijnere macramé armband.

    Hoe meet je en hoeveel koord heb je nodig?

    Meet voor je macramé armband eerst je pols met een meetlint. Voor een gemiddelde pols is dat rond de 15 tot 17 centimeter. Dat is een richtwaarde: meet altijd je eigen pols. Tel er 4 tot 6 centimeter bij op voor de sluiting, zodat de armband erover heen past. Dat is de lengte van het knoopgedeelte plus de uiteinden die je later in de schuifknoop gebruikt.

    Voor de koordlengtes gelden deze richtwaarden:

    • Werkdraden (2 stuks): ongeveer 90 tot 100 centimeter. Door de knopen slokt de werkdraad veel lengte op, dus een lange werkdraad is nodig.
    • Middendraden (2 stuks): ongeveer 30 centimeter. Dit zijn de draden waaromheen je knoopt.
    • Extra stuk voor de schuifknoop: 40 tot 50 centimeter, zie verderop.

    Meet liever iets meer dan te weinig. Een te kort koord midden in de armband kun je niet meer goed aanzetten. Heb je koord over, dan knip je dat gewoon af.

    Macramé armband maken in 6 stappen

    Stap 1: zet de draden klaar

    Neem de twee middendraden en leg ze naast elkaar. Leg links en rechts van de middendraden een werkdraad, zodat je vier draden naast elkaar hebt. Knoop ze aan de bovenkant samen met een simpele knoop en laat een staart van ongeveer 10 centimeter hangen, die je later voor de sluiting gebruikt. Zet de knoop vast met plakband of een klem aan je tafel of een klembord. Zo houd je de draden strak en heb je je handen vrij.

    Stap 2: maak de eerste platte knoop

    Voor elke macramé armband gebruik je dezelfde platte knoop als bij een groter project zoals een macramé wandkleed. De buitenste twee draden knopen de knoop, de binnenste twee geven de vorm. Dat is ook hoe de Nederlandse Wikipedia over macramé het beschrijft: een macraméknoop heeft vier naast elkaar liggende draden, waarbij de buitenste twee de knoop maken en de binnenste twee hem vormen.

    Handen maken een platte knoop in macramékoord op een klembord
    De eerste platte knoop.

    Dit doe je zo. Leg de linker werkdraad over de twee middendraden en onder de rechter werkdraad. Haal de rechter werkdraad onder de middendraden door en door de lus links. Trek beide uiteinden aan. Dat is de eerste helft. Doe nu hetzelfde spiegelbeeld: rechter werkdraad over de middendraden en onder de linker werkdraad, linker werkdraad onder de middendraden door en door de lus rechts. Trek aan. De platte knoop is klaar.

    Stap 3: herhaal tot de juiste lengte

    Blijf platte knopen maken, steeds met dezelfde twee werkdraden om dezelfde twee middendraden. Schuif elke knoop strak tegen de vorige. Na ongeveer vijf knopen zie je een vlakke, stevige band ontstaan. Controleer af en toe de lengte tegen je pols. Voor een armband van 15 centimeter heb je grofweg zo’n 15 tot 20 knopen nodig bij koord van 1,5 millimeter, afhankelijk van hoe dik het koord is en hoe strak je knoopt.

    Let op de spanning. Trek je elke knoop even hard aan, dan blijft de band recht. Trek je soms harder, dan buigt de armband mee. Knoop elke keer op dezelfde manier, met dezelfde beweging, dan blijft de band gelijkmatig.

    Stap 4: sluit de knoopband af

    Heb je de lengte voor je macramé armband, maak dan een laatste platte knoop en knip de werkdraden af op ongeveer een centimeter. Brand de uiteinden voorzichtig met een aansteker of lijm ze met een druppel textiellijm als je synthetisch koord gebruikt. Bij katoenkoord werkt lijm beter dan vuur. Laat de middendraden aan beide uiteinden lang hangen, want die gebruik je voor de sluiting.

    Stap 5: maak de schuifsluiting

    De schuifsluiting is wat een macramé armband verstelbaar maakt. Leg de armband in een cirkel van je polsmaat en laat de lange uiteinden van beide kanten langs elkaar lopen, zodat het linkeruiteinde naar rechts wijst en het rechter naar links. Neem een apart stuk koord van 40 tot 50 centimeter en leg het langs deze vier overlappende uiteinden. Knoop met dit koord een rij van vier tot zes platte knopen om alle vier de uiteinden samen. Knip de losse eindjes van het schuifstuk kort af en brand of lijm ze dicht.

    Een klare macramé armband met schuifsluiting
    Klaar: met schuifsluiting.

    Het schuifstuk zit nu om de uiteinden heen en kan er langs bewegen. Trek je de uiteinden uit elkaar, dan wordt de armband groter. Schuif je ze naar elkaar toe, dan wordt hij kleiner. Zet aan elk uiteinde een eindknoop zodat de schuifknoop er niet af glijdt.

    Zoek je een sluiting met een kraal? Rijg een kraal aan de uiteinden en zet daarna een eindknoop. Dat is een mooie en eenvoudige variant van de macramé armband sluiting. Een macramé armband sluiting met kraal oogt netjes en is snel gemaakt.

    Stap 6: werk af en probeer hem om

    Knip de uiteinden af op een halve tot een hele centimeter van de eindknoop. Probeer de armband om en schuif hem op de juiste maat. Zit hij te strak, trek dan de uiteinden verder uit elkaar. Zit hij te los, schuif ze naar elkaar toe. Zo past elke macramé armband op elke pols. Heb je een kleurcombinatie gemaakt, dan zie je pas nu goed of het contrast klopt.

    Varianten: een macramé armband met bloem en andere patronen

    Als je de platte knoop beheerst, kun je variëren. Een paar eenvoudige ideeën:

    • Spiraalband. Maak steeds alleen de linkerhelft van de platte knoop. De band draait vanzelf. Dat geeft een interessante textuur, maar de armband is wat dikker.
    • Twee kleuren. Gebruik twee werkdraden in verschillende kleuren. De band toont dan beurtelings beide kleuren.
    • Kraal in het midden. Rijg halverwege een kraal aan de middendraden en knoop er daarna omheen verder.
    • Armband met bloem. Een macramé armband met bloem maak je door in het midden een klein bloemmotief te knopen met halve steken in een cirkel. Gebruik een tweede kleur voor de bloem. Het is een gevorderd patroon, dus probeer eerst de rechte band.
    • Brede band. Gebruik zes of acht draden voor een breder patroon, bijvoorbeeld twee rijen platte knopen naast elkaar.
    • Diagonale band. Gebruik de dubbele halve steek en een leidraadtouw voor een schuin patroon. Dat is de techniek die de Engelstalige Wikipedia noemt bij de Cavandoli-stijl.

    Wil je je macramé armband mooier maken? Meer ideeën voor knoopcombinaties vind je bij macramé patronen. Zoek je een ander klein project? Een macramé sleutelhanger gebruikt dezelfde knopen.

    Een korte geschiedenis van macramé juwelen

    Een macramé armband is geen modegril van gisteren. Volgens de Engelstalige Wikipedia over macramé werden macraméjuwelen in de jaren zeventig populair in Amerika, vooral met platte knopen en een verwante knoop. De techniek zelf is veel ouder: zeelieden maakten er in de negentiende eeuw hangmatten en riemen mee, en via Spanje en Italië kwam macramé in Europa terecht. Eind jaren tien van deze eeuw kwam er opnieuw belangstelling, onder meer bij millennials.

    Dat verklaart waarom je een macramé armband nu zowel in hobbywinkels als op markten ziet. Het is een klein, draagbaar stukje ambacht, en omdat je hem in een uur maakt, ook een leuk cadeau.

    Veelgemaakte fouten bij een macramé armband

    • Te kort koord. Je komt halverwege zonder draad te zitten. Knip de werkdraden liever 10 centimeter te lang.
    • Ongelijke spanning. Sommige knopen zijn strak, andere los. Trek elke knoop even hard aan.
    • De armband draait. Je maakt per ongeluk steeds de halve knoop in dezelfde richting. Wissel af tussen links en rechts, tenzij je een spiraal wilt.
    • De sluiting glijdt los. Zet een stevige eindknoop en lijm hem zo nodig vast.
    • Te dik koord. Dik koord geeft een stoere armband, maar de schuifsluiting wordt lastig. Kies voor het eerst 1 tot 1,5 millimeter.
    • De maat klopt niet. Meet je pols vooraf, en tel de sluiting erbij op.

    Veelgestelde vragen over een macramé armband

    Hoe maak je een macramé armband?

    Knoop twee werkdraden met platte knopen om twee middendraden tot de armband zo lang is als je pols. Maak daarna een schuifsluiting van een extra stuk koord. Een eerste macramé armband maken lukt in een uur met koord van 1 tot 1,5 millimeter.

    Hoeveel koord heb je nodig voor een macramé armband?

    Als richtwaarde twee werkdraden van 90 tot 100 centimeter en twee middendraden van 30 centimeter, plus een extra stuk van 40 tot 50 centimeter voor de sluiting. Gebruik je dikker koord of een breder patroon, dan heb je meer nodig.

    Hoe maak je de sluiting van een macramé armband?

    De bekendste sluiting is de schuifknoop. Je laat de uiteinden van de armband overlappen en knoopt met een apart stuk koord vier tot zes platte knopen om alle uiteinden samen. Met een eindknoop aan elk uiteinde voorkom je dat het schuifstuk eraf glijdt. Zo wordt je armband verstelbaar.

    Welk koord is het best voor een macramé armband?

    Gewaxt polyester- of katoenkoord van 1 tot 1,5 millimeter. Gewaxt koord glijdt minder en houdt de knopen mooi vast. Katoenkoord voelt zachter, maar rafelt sneller en kan bij vocht uitrekken.

    Kan een macramé armband tegen water?

    Dat hangt van het koord af. Gewaxt polyester kan tegen een nat pak, katoen wordt zwaar en droogt langzaam. Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. Haal je armband liever af bij zwemmen en douchen om hem langer te laten meegaan.

    Hoe maak je een macramé armband met bloem?

    Knoop eerst een rechte band met platte knopen en voeg in het midden een bloemmotief toe met halve steken in een cirkel. Gebruik een andere kleur voor de bloem. Het is lastiger dan een rechte band, dus oefen eerst de basis.

    Is een macramé armband geschikt voor beginners?

    Ja. Je leert één knoop, de platte knoop, die je honderd keer herhaalt. Het is klein, goedkoop en snel af. Voor wie de basis van macramé wil leren, is een armband een van de beste eerste projecten.

    Hoe lang duurt het om een macramé armband te maken?

    Een eenvoudige armband duurt voor een beginner ongeveer een uur, inclusief de sluiting. Met meer ervaring ben je er in een half uur mee klaar. Dit zijn richtwaarden.

    Verder lezen over macramé

    Wil je verder met macramé? Lees de pagina over macramé voor de basis, kies het juiste macramé touw en bekijk meer macramé patronen. Of probeer een grotere stap met een macramé plantenhanger. Bekijk ook de pijler over macramé, weven en textiel of lees over vilten.

  • Macramé touw kiezen: dikte, materiaal en waar je het koopt

    Macramé touw kiezen: dikte, materiaal en waar je het koopt

    Het beste macramé touw voor beginners is gedraaid katoenen koord van 3 tot 5 mm dik. Het is soepel, houdt knopen goed vast en geeft een mooie franje. Voor sieraden kies je dunner touw of waxkoord, voor grote wandkleden juist dikker. In dit artikel lees je hoe je macramé touw kiest op materiaal, structuur en dikte, hoeveel je nodig hebt en waar je het koopt.

    Wie voor het eerst naar macramé touw zoekt, wordt overspoeld door namen: koord, garen, draad, string, rope, cord. Ze betekenen grotendeels hetzelfde, maar de verschillen in opbouw en dikte zijn wel belangrijk. Verkeerd macramé touw geeft ongelijke knopen, rafelt snel of draait los. Wie de basis kent, koopt in één keer het juiste en bespaart zich een hoop frustratie.

    Dit artikel hoort bij onze gids over macramé, waarin je de bredere uitleg vindt over knopen, projecten en leren. Hier gaat het alleen over macramé touw zelf.

    Kort samengevat

    • Kies voor een eerste project gedraaid katoenen koord van 3 tot 5 mm. Dun garen en glad nylon zijn lastiger.
    • Gedraaid driestrengs touw geeft de bekende golvende franje, enkeldraads touw draait makkelijk los.
    • Dikte bepaalt het uiterlijk: 3 mm voor fijn werk, 4 tot 5 mm voor plantenhangers, 6 mm of meer voor grote wandkleden.
    • Reken voor koorden met veel knopen op vier tot zes keer de eindlengte. Dat is een richtwaarde.
    • Koop liever één rol te veel dan te weinig: kleurverschil tussen rollen is zichtbaar.

    Welke soorten macramé touw bestaan er?

    Macramé touw is er in drie opbouwen. De opbouw bepaalt hoe het touw knoopt, hoe de franje eruitziet en hoe stevig het werkstuk wordt. Het overzicht van Tiny Workshops maakt hetzelfde onderscheid.

    Vier soorten macramé touw naast elkaar

    Gedraaid touw van drie strengen is het meest gebruikte macramé touw. Drie draden zijn om elkaar gedraaid tot één koord. Het maakt dikke, goed zichtbare knopen, draait niet los tijdens het werk en geeft een golvende franje als je de uiteinden uit elkaar kamt. Voor beginners is dit de veiligste keuze.

    Enkeldraads touw bestaat uit één draad die niet gedraaid is. Het is zachter en geeft kleinere, strakkere knopen. Het nadeel is dat het makkelijk losdraait en dat de dikte soms niet overal gelijk is. De franje is recht en fijn. Het is geschikt voor wie al ervaring heeft en een netter, plat uiterlijk wil.

    Gevlochten koord is opgebouwd uit meerdere gevlochten strengen, vaak om een zachte kern. Het is soepel, sterk en rafelt nauwelijks. Het is duurder, maar goed voor sieraden of voor werk dat veel gebruikt wordt, zoals een tas of een plantenhanger. De franje van gevlochten touw is niet goed uit elkaar te kammen, dus voor wandkleden met zachte franje is het minder geschikt.

    Een vierde optie is waxkoord, een dun koord met een laagje was dat het stevig maakt en niet laat rafelen. Dit is het gewone touw voor armbandjes en kettingen.

    Waarom de opbouw ertoe doet

    Wie het verschil niet kent, koopt vaak het goedkoopste macramé touw en komt daar later van terug. Dun enkeldraads garen draait los in je handen en maakt van een platte knoop al snel een krul. Gedraaid touw blijft strak en geeft meteen een netter beeld, ook als je nog geen routine hebt. Bij een eerste project met macramé touw is het dus verstandig om iets meer te investeren in een goed koord dan in meer meters.

    Welk materiaal is het best voor macramé touw?

    Je kunt macramé maken met bijna alles wat lang en buigzaam is. Het Engelstalige overzicht op Wikipedia noemt katoentouw, linnen, hennep, jute, leer en garen als gebruikelijke materialen. In de praktijk kom je vooral deze tegen.

    Katoen is de standaardkeuze. Het is zacht voor je handen, goed te verven en bijna altijd verkrijgbaar. Het geeft je knopen een rustig, matte uitstraling. Bekijk de fabrikant Corderie Mansas als voorbeeld: zij bieden gevlochten katoenen koord aan van 1,5, 2, 2,5, 3 en 4 mm. Dezelfde fabrikant waarschuwt dat gedraaid katoenen touw buiten alleen onder een afdak kan, omdat het schimmel kan krijgen als het vochtig blijft.

    Jute is ruw, goedkoop en past bij een landelijke stijl. Het laat wel vezeltjes los en is stug, waardoor knopen minder mooi vallen. Het is een goede keuze voor een eenvoudige hanger of decoratie waar het niet op fijne details aankomt.

    Hennep en linnen zijn sterk en gaan lang mee. Ze voelen stugger dan katoen, maar worden zachter bij gebruik. Ze zijn geschikt voor werk dat veel belast wordt, zoals een tas of een plantenhanger.

    Synthetische vezels zoals polyester, nylon en polypropyleen nemen geen water op en zijn bestand tegen weer en uv-licht, mits ze daarvoor gemaakt zijn. Kies ze voor buiten, voor een macramé parasol of voor een plantenhanger in de tuin. Ze zijn glad, dus knopen kunnen sneller losraken. Trek ze extra strak aan.

    Gerecycled katoen wordt steeds vaker aangeboden. Mansas noemt in zijn productbeschrijving een koord van 80 procent biologisch katoen (GOTS-gecertificeerd) met 20 procent andere gerecyclede vezels. Dat is een goede optie als je bewust wilt kiezen.

    Welke dikte macramé touw kies je?

    De dikte is de tweede grote keuze. Je geeft die meestal op in millimeters. De volgende richtwaarden zijn gebaseerd op wat veel makers gebruiken, niet op een norm.

    Koord van drie diktes naast een liniaal
    ProjectDikteOpmerking
    Armbandjes en kettingen1 tot 2 mm of waxkoordFijn en strak
    Sleutelhangers en kleine hangers3 mmDuidelijke knopen
    Plantenhanger4 tot 5 mmSterk genoeg voor een pot
    Wandkleed klein3 tot 5 mmVeel details mogelijk
    Wandkleed groot5 tot 6 mm of meerSnel resultaat, stoere look
    Tas of mand4 tot 6 mmStevig genoeg om te dragen

    Macramé touw 3 mm is de allrounder. Het is dik genoeg om knopen goed te zien en dun genoeg voor fijn werk. Voor je eerste wandhanger of sleutelhanger is het ideaal.

    Macramé touw 4 mm geeft een stevigere knoop en past goed bij plantenhangers en kleine wandkleden. Het werkt prettig in de hand en groeit sneller dan 3 mm.

    Macramé touw 5 mm is een goede keuze voor wie snel resultaat wil. Het geeft een stoer uiterlijk en je hebt minder knopen nodig. Voor een lang werkstuk is het wel zwaar, dus let op dat je je pols niet overbelast.

    Dik macramé touw (6 mm en meer) is voor grote wandkleden en decoratieve stukken. Tiny Workshops noemt 6 mm enkeldraads touw als goede keuze voor wandkleden die niets hoeven te dragen. Dik touw is minder geschikt voor fijne patronen en sieraden.

    Bij dikte geldt: meng nooit verschillende diktes in één werkstuk als het patroon dat niet vraagt. Het verandert hoe veel touw je nodig hebt en hoe de knopen vallen. Ook is het nuttig om te weten dat de aangegeven dikte soms niet exact klopt. Meet het touw dus liefst zelf, of vraag het aan de verkoper.

    Hoeveel macramé touw heb je nodig?

    Dit is de vraag waar beginners het meest over struikelen. Omdat knopen touw opnemen, is de lengte van een koord veel groter dan de lengte van het uiteindelijke werkstuk.

    Een bruikbare vuistregel is om voor koorden met veel knopen vier tot zes keer de eindlengte te rekenen. Heeft je werkstuk maar een paar knopen of vooral franje, dan is het minder. Houd daarbij rekening met het dubbelvouwen: elk koord hangt dubbelgevouwen aan de stok, dus de koordlengte is twee keer de hanglengte plus de knopen.

    Een rekenvoorbeeld voor een eenvoudige wandhanger van 50 cm lang met acht koorden:

    1. Eindlengte: 50 cm.
    2. Meer knopen: reken vijf keer de eindlengte, dus 250 cm per koord.
    3. Acht koorden van 250 cm: 20 meter totaal.
    4. Reken een extra marge van 10 procent voor fouten: ongeveer 22 meter.

    Een rol van 100 meter is dus ruim voldoende voor een stuk of vier kleine werkstukken. Zulke rekenvoorbeelden zijn richtwaarden, en je eigen werkwijze kan afwijken. Maak daarom eerst een proefstuk met restkoord om te zien hoeveel koord je kwijt bent.

    Eén rol of twee rollen kopen

    Kleuren en structuur kunnen tussen rollen verschillen, zelfs bij hetzelfde merk. Heb je een groot werkstuk, koop dan alle touw tegelijk. Kijk bij het kopen naar het partijnummer als dat er staat. Zo voorkom je dat de franje onderaan een iets andere tint heeft dan de bovenste rij.

    Macramé touw kopen: waar en waarop letten?

    Je koopt macramé touw bij hobbywinkels, bij bouwmarkten, bij sommige huishoudwinkels en online. Veel mensen zoeken naar macramé touw bij Action, Xenos, Zeeman, HEMA of Wibra. Het aanbod bij zulke winkels verschilt per filiaal en per periode, en prijs en kwaliteit kunnen sterk variëren. Kijk daarom op de website van de winkel of bel even voordat je erheen gaat. Specifieke prijzen noemen we hier niet, omdat die snel veranderen.

    Waar je ook macramé touw koopt, let op deze zaken:

    • De opbouw. Staat er gedraaid, gevlochten of enkeldraads? Vraag het of kijk naar de foto.
    • De dikte. Staat er een dikte in millimeters, en is die realistisch? Een rol die 3 mm heet maar 2 mm meet, geeft verrassingen.
    • Het materiaal. Katoen, jute of synthetisch? Kijk of er een percentage staat.
    • De lengte. Een rol van 50 meter 3 mm is snel op. Reken eerst uit wat je nodig hebt.
    • Het gewicht. Bij touw verkocht per gewicht (zoals 500 gram of 1 kilo) vertelt de fabrikant vaak ook de lengte. De lengte per gewicht verschilt per fabrikant en per soort koord, dus kijk naar de opgegeven lengte.

    Een goedkope eerste rol is prima om te oefenen. Wil je een werkstuk maken dat je lang wilt houden, investeer dan in een goed koord. De franje maakt het verschil: slecht touw rafelt rommelig, goed touw valt mooi.

    Online kopen of in de winkel?

    Online heb je de meeste keuze in kleur en dikte, maar je voelt het touw niet. In een winkel kun je het in je hand houden en knijpen. Is het stug of soepel? Draait het los? Als je net begint, helpt het om één keer in een winkel te voelen. Daarna kun je online bestellen wat je al kent.

    Macramé touw voor armbandjes en sieraden

    Voor armbandjes werk je met veel dunner touw dan voor een wandhanger. Tiny Workshops noemt waxkoord als goede keuze voor armbanden en kettingen. Het is dun, glad en strak, en de knopen blijven zitten. Een dikte tussen 1 en 2 mm is gangbaar voor kleine sieraden. Dikker koord, zoals 3 mm, geeft een stoer, opvallend resultaat.

    Dunne macraméarmband met schuifknoop

    Let bij sieraden extra op de huidvriendelijkheid. Katoen en waxkoord zijn meestal prima. Sommige synthetische en gekleurde koorden kunnen afgeven. Test het door het natte touw over een witte doek te halen. Wil je een sluiting maken, dan heb je een schuifknoop of een metalen sluiting nodig. De schuifknoop leer je in ons artikel over macramé knopen.

    Verwerken, bewaren en kleuren

    Werk je met nieuw macramé touw, trek het dan eerst recht. Haal de rol door je vingers en strijk eventuele krullen eruit. Leg een rol nooit in een hoek met vocht. Bewaar touw droog en donker, liefst in een doos of katoenen zak, om verkleuring en stof te voorkomen.

    Wil je de kleur zelf bepalen? Katoenen touw is makkelijk te verven. Kies een textielverf die bij katoen past en volg de aanwijzingen op de verpakking. Verf het touw voordat je begint met knopen, niet erna, zodat de kleur overal gelijk is. Hoe verven in zijn werk gaat, lees je in onze gids over tie dye.

    Heb je macramé touw over? Gebruik restkoord voor proeflapjes, sleutelhangers of franje. Verspil niets: restjes van drie meter zijn al genoeg voor een armbandje.

    Veelgestelde vragen over macramé touw

    Welk macramé touw is het best voor beginners?

    Gedraaid katoenen koord van drie strengen, 3 tot 5 mm dik. Het is soepel, houdt knopen vast en geeft een mooie franje. Vermijd dun enkeldraads garen en glad synthetisch touw, want die draaien los of laten knopen schuiven.

    Hoe dik moet macramé touw zijn voor een plantenhanger?

    Als richtwaarde 4 tot 5 mm. Dat is stevig genoeg om een pot met aarde en water te dragen en toch makkelijk te knopen. Heel dun touw is minder geschikt voor een zware pot. Lees er meer over in ons artikel over een macramé plantenhanger.

    Waar kan ik macramé touw kopen?

    Bij hobbywinkels, bouwmarkten, sommige huishoudwinkels en online. Veel mensen kijken bij Action, Xenos, Zeeman, HEMA of Wibra. Het aanbod verschilt per filiaal en per periode, dus controleer de winkelvoorraad of de webshop. Online vind je de meeste keuze in dikte en kleur.

    Kan ik macramé touw buiten gebruiken?

    Alleen als het ervoor gemaakt is. Natuurlijke vezels zoals katoen kunnen schimmelen als ze vochtig blijven, schrijft fabrikant Mansas. Kies voor buiten synthetisch touw dat tegen water en uv-licht kan, of zorg dat het touw onder een afdak hangt.

    Hoeveel macramé touw heb ik nodig voor een wandhanger?

    Reken als richtwaarde vier tot zes keer de eindlengte per koord, bij veel knopen. Voor een hanger van 50 cm met acht koorden kom je op ruim 20 meter. Maak liever een proefstukje om je eigen verbruik te meten.

    Wat is het verschil tussen macramé touw en gewoon touw?

    Macramé touw is zacht, gelijkmatig en gemaakt om te knopen. Gewoon touw, zoals bouwtouw of pakkoord, is vaak stug, glad of ongelijk van dikte en maakt knopen minder mooi. Het kan voor een eerste proef, maar geeft zelden hetzelfde resultaat.

    Welk touw gebruik je voor macramé armbandjes?

    Dun waxkoord of fijn katoenen koord, meestal 1 tot 2 mm. Het is strak en houdt knopen goed vast. Voor een stoere armband kun je dikker koord gebruiken.

    Verder lezen

    Wil je het touw meteen gebruiken? Begin met de gids over macramé en leer daarna de macramé knopen die je nodig hebt. Zin om iets groens op te hangen? Een macramé plantenhanger is een goede eerste stap.

    Liever een andere techniek met wol? Lees dan over vilten of bekijk het overzicht van alle technieken op de pijlerpagina macramé, weven en textiel.

  • Macramé voor beginners: wat het is, wat je nodig hebt en wat je kunt maken

    Macramé voor beginners: wat het is, wat je nodig hebt en wat je kunt maken

    Macramé is een handwerktechniek waarbij je koorden met knopen aan elkaar verbindt, zonder naald, haaknaald of weefgetouw. Je hangt de koorden dubbelgevouwen aan een stok, ring of touw en maakt er rijen knopen in. Voor macramé voor beginners heb je genoeg aan katoenen koord, een houten stok, een schaar en twee basisknopen: de platte knoop en de gedraaide knoop.

    Je ziet macramé tegenwoordig overal: als wandhanger boven de bank, als plantenhanger voor het raam, als lampenkap of als tas. Dat is niet voor niets. Het is een techniek met weinig spullen, een lage drempel en een resultaat dat je meteen kunt ophangen. Op deze pagina lees je alles wat je als beginner nodig hebt, van materiaal tot je eerste wandhanger.

    Kort samengevat

    • Macramé is koorden knopen met je handen. Je hebt koord, een stok en een schaar nodig.
    • Twee knopen zijn genoeg om te starten: de platte knoop en de gedraaide knoop.
    • Katoenen koord van 3 tot 5 mm is voor beginners het makkelijkst. Begin niet te dun.
    • Je eerste project is een kleine wandhanger of een plantenhanger. Dat lukt in een middag.
    • Een macramé boek, workshop of pakket kan helpen, maar met deze pagina kom je ook een eind.

    Wat is macramé?

    Macramé is het verbinden van koorden met knopen, zodat er een patroon of een voorwerp ontstaat. De naam komt waarschijnlijk uit het Arabisch. Het Engelstalige overzicht op Wikipedia noemt het woord makramiyya. Dat betekent ongeveer gestreepte handdoek of sierfranje. Het vertelt ook dat Arabische wevers de losse draden aan de randen van doeken en sluiers tot franje knoopten. Via Spanje en Italië verspreidde de techniek zich over Europa.

    In de negentiende eeuw was macramé populair als huishoudelijk handwerk, bijvoorbeeld voor tafelkleden en gordijnen. Matrozen maakten er hangmatten en riemen van. In de jaren zeventig werd het dé techniek voor wandkleden en plantenhangers, en sinds een paar jaar is het weer terug. Het Rijksmuseum bewaart een klein staaltje macramé in rood en wit van Geesje Smid, gemaakt rond 1890 tot 1900. Het is van katoen en meet 8 bij 8 centimeter. Het laat zien dat macramé niet altijd grof en groot was: het kon ook heel fijn zijn.

    Wil je de bredere context? In onze pagina over macramé, weven en textiel zie je hoe macramé samenhangt met weven, vilten en verven.

    Waarin verschilt macramé van haken en breien?

    Bij haken en breien maak je lussen en trek je die door elkaar met een haaknaald of breinaalden. Bij macramé gebruik je geen gereedschap: je werkt met losse, lange koorden en maakt knopen met je vingers. Het resultaat is ook anders. Een geknoopt werkstuk is open en hangend en heeft bijna altijd franje, terwijl gehaakt en gebreid werk dichter en gevulder is. Als je al kunt haken of breien, heb je daar weinig aan bij knopen, en andersom. Het is dus echt een nieuwe vaardigheid, maar wel een die je snel leert.

    Wat heb je nodig voor macramé voor beginners?

    Voor macramé heb je weinig nodig, en dat maakt het zo toegankelijk. De lijst is kort.

    Macramé koord of garen. Dit is het belangrijkste. Voor beginners is katoenen koord het fijnst, omdat het soepel is en knopen goed vasthoudt. Het overzicht van Tiny Workshops beschrijft drie soorten: gedraaid koord van drie strengen (het meest gebruikt, met een golvende franje), enkeldraads garen (zachter en met kleinere knopen, maar het draait makkelijk los) en gevlochten koord (zacht en sterk, maar duurder). Voor beginners is gedraaid driestrengs koord de veiligste keuze. Welke dikte past, lees je in ons artikel over macramé touw. Als richtwaarde werk je voor een eerste wandhanger met koord van 3 tot 5 mm.

    Een stok, ring of balk. Daaraan hang je je koorden. Een houten stokje, een tak van het strand of een metalen of houten ring werkt allemaal. Voor een plantenhanger gebruik je een ring bovenaan. De stok moet recht en stevig zijn, want je trekt eraan.

    Een schaar. Scherp en alleen voor touw en garen, anders wordt de franje rafelig. Een meetlint is handig om de lengtes op te meten.

    Iets om op te werken. Veel beginners werken met een macramé board: een plank met een stevig kussen of kurkoppervlak waarop je het werk met spelden vastzet. Dat is handig, maar niet nodig. Je kunt de stok ook aan een haak, deurklink of kapstok hangen en staand werken. Dat geeft vaak een gelijkmatiger resultaat.

    Optioneel. Een kam of borstel voor de franje, een klein stukje karton om een rechte rand te knippen en kralen als je die in het patroon wilt gebruiken.

    Welk koord kies je?

    Dikte en structuur bepalen hoe je werkstuk eruitziet. Dik koord geeft grote, duidelijke knopen en een stoer resultaat dat snel groeit. Dun koord geeft een fijner, kantachtig effect, maar je knoopt veel meer knopen en het kost veel meer tijd. Voor een eerste project is middeldik koord het fijnst: duidelijk genoeg om je fouten te zien en dun genoeg om netjes te blijven.

    Kies voor een binnenwerkstuk gerust katoen. Voor buiten is dat minder geschikt. De fabrikant Corderie Mansas schrijft dat gedraaid katoenen touw alleen onder een afdak buiten kan, omdat het schimmel kan krijgen als het vochtig blijft. Voor een macramé parasol of een plantenhanger buiten kies je daarom synthetisch touw.

    De basisknopen van macramé

    Bijna elk macramé patroon bestaat uit een paar knopen die je steeds herhaalt. Je leert er twee als basis: de platte knoop, die een vlakke reeks vormt, en de gedraaide knoop, die een spiraal vormt. Daarnaast bestaat de bekende lusknoop (voor het ophangen aan de stok) en de dubbele halve steek, die je veel ziet bij diagonale lijnen.

    Platte knopen in crèmekleurig koord

    De lusknoop. Hiermee bevestig je elk koord aan de stok. Je vouwt het koord dubbel, legt de lus over de stok en haalt de uiteinden door de lus. In een paar minuten heb je een rij aan de stok.

    De platte knoop. Je gebruikt vier koorden: twee in het midden als drager, twee aan de buitenkant als werkkoorden. Je legt het linker koord over de drager en onder het rechter, haalt het rechter achter de drager langs en door de lus, en trekt aan. Daarna doe je hetzelfde aan de andere kant. Een rij platte knopen geeft een rustig, vlak patroon.

    De gedraaide knoop. Je herhaalt steeds dezelfde halve knoop. De koorden draaien dan vanzelf een spiraal om de drager. Een gedraaide strook is makkelijk en ziet er netjes uit, ideaal voor de koorden van een plantenhanger.

    De dubbele halve steek. Hiermee maak je schuine of golvende lijnen. Je werkt met een koord dat je als drager schuin houdt en knoopt de andere koorden eromheen.

    Alle knopen worden stap voor stap uitgelegd in het artikel over macramé knopen. Daar vind je ook uitleg over de eindknoop en afwerking.

    Wat kun je maken met macramé?

    Het mooie van deze techniek is dat dezelfde knopen in veel vormen terugkomen. Dit zijn de bekendste projecten, van simpel naar lastiger.

    Macramé wandhanger of wanddecoratie. De klassieker: een rij knopen onder een stok, afgewerkt met franje. Dit is het beste eerste project, omdat je niets hoeft te tellen en je fouten makkelijk verbergt. Een wandhanger past op elke muur en je kunt hem groot of klein maken.

    Macramé plantenhanger. Een net van koord om een pot, opgehangen aan een ring. Het is het meest gemaakte project na de wandhanger. Je leert het in een middag. Alle stappen staan in ons artikel over een macramé plantenhanger.

    Macramé sieraden. Armbandjes en kettingen zijn de snelste projecten. Je gebruikt dun koord of waxkoord en maakt in een half uur iets dat je meteen draagt.

    Macramé lamp of lampenkap. Een net van koord om een bestaande lampenkap of een draadframe geeft een zachte, open sfeer. Let hierbij op de veiligheid: houd koord altijd ruim bij de lamp vandaan als die warm wordt, en gebruik een koude ledlamp.

    Macramé tas. Een net van stevig koord met een stevige hengsel vraagt meer ervaring. Begin met een klein netje voor fruit of boodschappen en bouw op.

    Macramé deurgordijn en vliegengordijn. Een rij koorden onder een stok, met knopen of kralen ertussen. Een gordijn is eigenlijk een grote wandhanger met veel koorden en weinig ingewikkelds. Door de lengte duurt het wel langer.

    Macramé parasol. Een decoratief net om een parasol of lamp. Voor buiten werk je het liefst met synthetisch koord.

    Macramé kerst. Kerstboompjes, sterren en slingers in wit of naturel koord zijn een fijne decemberklus. Je maakt kleine stukjes met dezelfde knopen die je al kent.

    Macramé jurk. Kleding in knooptechniek gaat vooral over panelen en franje. Voor een volledige jurk heb je veel ervaring en tijd nodig. Als beginner kun je beter eerst een top of een sjaal proberen.

    Wil je groter beginnen, kijk dan naar het artikel over een macramé wandkleed, waarin je leert hoe je de knopen combineert tot een eigen ontwerp.

    Je eerste macramé wandhanger in zes stappen

    Wil je meteen beginnen? Dit is een eenvoudig patroon voor een kleine wandhanger. De lengtes en aantallen zijn richtwaarden.

    Macramé wandhanger in uitvoering aan een stok
    1. Knip 8 koorden van 120 cm. Dat is genoeg voor een hanger van ongeveer 50 cm lang inclusief franje. Wil je een langere hanger, knip dan langere koorden.
    2. Hang de koorden aan de stok. Vouw elk koord dubbel en maak een lusknoop. Schuif de knopen vlak tegen elkaar. Je hebt nu 16 loshangende uiteinden.
    3. Maak een rij platte knopen. Werk in groepjes van vier koorden: de twee middelste zijn de drager, de twee buitenste knoop je eromheen. Met 16 koorden maak je zo vier platte knopen naast elkaar.
    4. Wissel af voor een patroon. Laat in de volgende rij links en rechts twee koorden vrij en maak drie platte knopen met de koorden daartussen, dus telkens met twee koorden van het ene groepje en twee van het volgende. Herhaal deze twee rijen een paar keer en je krijgt een netpatroon van ruiten.
    5. Werk af met franje. Knip de koorden op gelijke lengte, schuin of recht. Kam de franje met een borstel of vork voor een zachte afwerking.
    6. Hang hem op. Knoop een stuk koord aan beide uiteinden van de stok en hang hem aan een spijker of haak.

    Tip: meet de lengte van je koorden ruim. Bij macramé gaat veel koord op aan knopen. Als vuistregel heb je ongeveer vier tot zes keer de uiteindelijke lengte nodig voor koorden die veel knopen krijgen. Dat is een richtwaarde, geen exacte regel.

    Macramé leren: boek, workshop of pakket?

    Je kunt prima zelf leren met online uitleg, maar er zijn drie andere routes. Welke past, hangt af van hoe je het liefst leert.

    Een macramé boek. Een boek heeft foto’s per stap en je kunt het naast je leggen terwijl je werkt. Kies een boek met duidelijke stapfoto’s en projecten die van makkelijk naar moeilijk gaan. Kijk of de knopen apart worden uitgelegd, en of de afkortingen en tekens goed worden toegelicht. Een Nederlandstalig boek voor beginners is handig als je liever geen Engelse termen leest.

    Een macramé workshop. Je leert in één middag de basis en kunt vragen stellen. Je ziet ook hoe iemand anders de knopen strak aantrekt, en dat is het moeilijkste om uit een boek te leren. Een workshop is vaak ook gezellig. Zoek in je buurt bij een creatieve winkel, buurthuis of volksuniversiteit.

    Een macramé pakket. Een pakket bevat koord en soms een stok en een patroon voor een bepaald project. Het is handig als je niet wilt zoeken naar materiaal. Let op dat je pakket duidelijke uitleg heeft en dat het koord geschikt is voor het project. Zelf verzamelen is meestal goedkoper en geeft je meer keuze.

    Voor veel mensen werkt een combinatie: eerst een korte workshop of filmpje voor het gevoel van de handeling, daarna zelf oefenen met een boek of uitleg zoals op dit platform.

    Zo hang je je werk op en houd je het mooi

    Een werkstuk is pas af als het goed hangt. Voor een wandhanger gebruik je een stevige haak of een spijker. Hang het werk iets los van de muur, zodat de franje kan vallen, en kijk of het recht hangt met een kleine waterpas of door het van een afstand te bekijken. Een stok met aan beide kanten een lus van koord hangt het mooist. Voor een plantenhanger heb je een stevige haak in het plafond of een beugel nodig, die het gewicht van een pot met natte aarde kan dragen. Als richtwaarde: een pot van twintig centimeter kan met water en aarde al enkele kilo’s wegen. Kies dus altijd een haak die daar ruim tegen kan.

    Stof is de grootste vijand van geknoopt werk. Een droge, zachte kwast of een föhn op de koudste stand haalt het meeste weg. Is een werkstuk echt vuil, dan kun je katoen met de hand wassen in lauw water met een mild wasmiddel. Laat het liggend drogen en kam de franje daarna door. Doe dit liever niet vaak, want katoen kan krimpen en de knopen kunnen verschuiven. Bij vochtige plekken in huis, zoals een badkamer, kun je katoen beter vermijden, want vocht en katoen is een slechte combinatie.

    Wil je dat je werk mooi blijft? Kies dan een plek buiten direct zonlicht. Zon kan natuurlijke kleuren laten verbleken en koord broos maken. Een wandhanger boven de bank of in een gang blijft meestal jaren mooi.

    Franje knippen en afwerken

    De afwerking bepaalt hoe verzorgd een werkstuk eruitziet. Knip de franje niet in één keer op lengte. Knip eerst iets te lang, kam de koorden door met een grove kam of borstel, en knip daarna in een rechte of schuine lijn de uiteindelijke lengte. Een schuine knip in de vorm van een V is populair en geeft een rustig, bewust uiterlijk. Wil je de franje nog zachter, draai de uiteinden dan uit elkaar met je vingers en kam ze helemaal uit.

    Franje kammen aan een macramé wandhanger

    Veelgemaakte beginnersfouten bij macramé

    Een paar fouten zie je steeds terug. Gelukkig zijn ze makkelijk te voorkomen.

    Te dun koord kiezen. Bij dun koord zie je niet wat je doet, en fouten zijn lastig te herstellen. Kies koord van minstens 3 mm voor je eerste project.

    Te weinig koord knippen. Je kunt altijd korter maken, maar niet langer. Knip ruim, en gebruik restkoord voor een proeflapje.

    Te strak of te los knopen. Een knoop die te los zit, schuift later. Een knoop die te strak zit, vervormt je werk. Trek elke knoop even strak, maar niet met kracht. Oefen op een proeflapje van tien knopen.

    De dragers verwisselen. Bij de platte knoop mogen de twee middelste koorden niet meebewegen. Houd ze strak en werk met de buitenste koorden. Doe je dat verkeerd, dan wordt de knoop scheef.

    Te snel beginnen aan iets groots. Een wandkleed van een meter breed klinkt mooi, maar het is veel werk. Een klein werkstuk is af voordat je zin verliest. Een groot wandkleed bouw je beter stap voor stap op.

    Veelgestelde vragen over macramé

    Wat is macramé precies?

    Macramé is een handwerktechniek waarbij je koorden aan elkaar knoopt, zonder naald, haaknaald of weefgetouw. Je hangt de koorden aan een stok of ring en maakt rijen knopen. Zo ontstaan wandhangers, plantenhangers, sieraden en tassen. Het basismateriaal is koord, meestal katoen.

    Hoe begin ik met macramé voor beginners?

    Koop een rol katoenen koord van 3 tot 5 mm, een houten stok en een schaar. Leer de lusknoop, de platte knoop en de gedraaide knoop. Maak daarmee een kleine wandhanger. Oefen eerst op een proeflapje van tien knopen, zodat je ritme en spanning goed zijn.

    Welk garen of koord heb je nodig voor macramé?

    Voor beginners is gedraaid katoenen koord van drie strengen het makkelijkst. Het is soepel, houdt knopen vast en geeft een mooie franje. Dun enkeldraads garen draait los en is lastiger. Voor buiten kies je synthetisch touw, want katoen kan schimmelen als het vochtig blijft.

    Hoeveel koord heb je nodig?

    Dat hangt af van het patroon. Als richtwaarde neem je voor koorden die veel knopen krijgen vier tot zes keer de eindlengte, omdat knopen koord opnemen. Knip liever te veel dan te weinig, en gebruik restkoord voor een proeflapje.

    Is macramé moeilijk te leren?

    Nee. De basis bestaat uit twee knopen die je in een kwartier leert. Moeilijk wordt het pas als je grote patronen maakt of veel koorden tegelijk bijhoudt. Begin klein, werk rustig en houd je spanning gelijk. Dan lukt een eerste wandhanger in een middag.

    Wat kun je maken met macramé?

    Veel. Denk aan een wandhanger, wanddecoratie, een plantenhanger, sieraden, een lampenkap, een tas, een deurgordijn of vliegengordijn en kerstversiering. Begin met een wandhanger of plantenhanger, omdat die het meest vergevingsgezind zijn.

    Heb je een workshop nodig?

    Nee, maar het kan helpen. In een workshop zie je hoe iemand knopen strak aantrekt en kun je vragen stellen. Je kunt macramé ook leren met een boek of online uitleg. Veel mensen combineren beide: eerst een korte workshop, daarna zelf oefenen.

    Kan ik macramé buiten gebruiken?

    Alleen met het goede koord. Katoen en andere natuurlijke vezels zijn gevoelig voor vocht en kunnen schimmelen. Voor een macramé plantenhanger buiten of een parasol kies je daarom synthetisch touw dat tegen water en uv-licht kan. Binnen is katoen prima.

    Verder lezen

    Wil je meer weten over de materialen? Lees dan over macramé touw en welke dikte bij welk project past. Meer over de knopen zelf staat in macramé knopen. Zin om iets groens op te hangen? Begin met een macramé plantenhanger.

    Zoek je een andere techniek met textiel, dan vind je bij vilten uitleg over wol, en op de pijlerpagina over macramé, weven en textiel een overzicht van alle technieken.

  • Macramé patronen voor beginners: knopen, schema’s en gratis ideeën

    Macramé patronen voor beginners: knopen, schema’s en gratis ideeën

    Macramé patronen zijn combinaties van een paar basisknopen: de platte knoop, de gedraaide knoop en de halve steek. Door ze in een andere volgorde, richting of herhaling te knopen ontstaan ruiten, spiralen, golven en driehoeken. Wie die drie knopen kent, kan bijna elk macramé patroon volgen, ook een gratis patroon van internet.

    Veel mensen zoeken gratis macramé patronen en komen dan schema’s tegen vol pijltjes en afkortingen. Daar hoef je niet van te schrikken. In dit stuk lees je hoe je macramé patronen leest, welke zes patronen je als eerste leert en waar je op let bij kerstpatronen en armbandjes. Weet je nog niet precies wat macramé is? Begin dan bij de pagina over macramé en bekijk de pijler over macramé, weven en textiel.

    Kort samengevat

    • Alle macramé patronen bestaan uit een paar knopen: platte knoop, gedraaide knoop en halve steek.
    • Een macramé patroon is een volgorde: welke knoop, welke touwen, hoeveel keer, in welke richting.
    • Begin met patronen die uit één knoop bestaan en voeg later diagonalen en ruiten toe.
    • Schrijf je eigen telling op als je een patroon niet in een schema kunt vinden.
    • Een gratis macramé patroon werkt altijd met het touw dat in het patroon staat: let op de dikte.
    • Kerstpatronen en armbandpatronen gebruiken dezelfde knopen op een kleinere schaal.

    Welke knopen zitten in macramé patronen?

    Wie macramé patronen wil begrijpen, begint met de knopen. De knopen zijn de bouwstenen van alle macramé patronen. Volgens de Nederlandse Wikipedia over macramé bestaat een macraméknoop uit vier naast elkaar liggende draden: de buitenste twee maken de knoop en de binnenste twee geven de vorm. De pagina noemt de rechte knoop (platte knoop) voor een vlakke reeks, de gedraaide knoop voor een spiraal en de achtknoop voor wat ingewikkelder werk. In grotere werkstukken wisselen de buitenste en binnenste draden van rol na een aantal knopen, waardoor de binnenste draden van de ene rij de bovenste worden van de volgende.

    Dat is de kern van elk macramé patroon. Een patroon vertelt je dus welke vier draden bij elkaar horen, welke knoop je maakt en wanneer je groepen verschuift. De Engelstalige Wikipedia noemt als basis de platte knoop (square knot) en de varianten van de halve steek, waarbij de Cavandoli-stijl vooral de dubbele halve steek gebruikt.

    Dit zijn de drie knopen die je in bijna alle macramé patronen tegenkomt:

    • Platte knoop. Twee halve knopen, de ene naar links, de andere naar rechts. Geeft een vlak, stevig rijtje.
    • Gedraaide knoop. Alleen steeds dezelfde halve knoop herhalen. Het rijtje draait vanzelf rond tot een spiraal.
    • Halve steek. Een lus om een ander touw, vaak om een diagonaal of horizontale lijn te maken.

    Hoe je de platte knoop precies legt, lees je stap voor stap in de uitleg over een macramé wandkleed. Daar staat ook hoe je de touwen aan een stok hangt.

    Hoe lees je een macramé patroon?

    Macramé patronen zijn vaak een tekening met lijnen die touwen voorstellen, met een symbool of afkorting voor elke knoop. Een patroon is dus een leesbare knoopvolgorde. Er zijn geen vaste regels voor, dus elk patroon heeft een eigen legenda. Let altijd op die legenda. Dit zijn de elementen die je in bijna elk schema ziet:

    • Verticale lijnen zijn de touwen. Soms is een dikke lijn een touw dat je als leidraad gebruikt, en een dunne lijn een touw dat je om het leidraadtouw knoopt.
    • Symbolen zoals een lusje of een kruisje geven aan welke knoop je maakt.
    • Rijen lees je van boven naar beneden en van links naar rechts.
    • Cijfers geven soms aan hoe vaak je een knoop herhaalt of hoeveel touwen je gebruikt.
    • Kleuren laten zien welk touw welke kleur heeft.

    Staat er geen legenda bij? Maak er zelf een, want macramé patronen zijn zonder legenda moeilijk te volgen. Teken per knoop een symbool, tel de rijen en schrijf op hoeveel touwen je gebruikt. Zo wordt elk macramé patroon reproduceerbaar, en kun je het later aanpassen.

    Tip: werk altijd eerst een klein proefstuk van een paar rijen. Daar zie je meteen of je het patroon snapt, en of het touw dat je gebruikt een mooi resultaat geeft.

    Zes macramé patronen voor beginners

    Hieronder staan zes macramé patronen, van eenvoudig naar iets uitdagender. Alle zes zijn te maken met katoentouw van 3 tot 5 millimeter. Meer over de keuze lees je op de pagina over macramé touw.

    1. De rechte reeks platte knopen

    Het eenvoudigste van alle macramé patronen. Neem vier touwen en maak een platte knoop na elkaar, tot je de gewenste lengte hebt. Het geeft een vlakke, stevige band, handig als riem, hengsel of sleutelhanger. Meer macramé patronen bouwen hierop voort.

    Macramé met platte knopen in rijen onder een houten stok
    Platte knopen, rij na rij, vormen samen een open patroon.

    2. De spiraal

    Neem vier touwen en maak steeds alleen de linkerhelft van de platte knoop. Na een paar knopen begint de reeks te draaien. Hoe meer knopen, hoe strakker de spiraal. Een spiraal is een mooie rustige lijn in een wandkleed of plantenhanger en komt in veel macramé patronen terug.

    Een macramé spiraal van halve knopen
    Dezelfde halve knoop geeft vanzelf een spiraal.

    3. De diagonale rij

    Gebruik een touw als leiding en leg dat schuin over de andere touwen. Maak met elk volgend touw een dubbele halve steek om het leidraadtouw. Zo ontstaat een rij die schuin naar beneden loopt. Dit is precies de techniek die de Engelstalige Wikipedia noemt bij de Cavandoli-stijl, waarbij de dubbele halve steek centraal staat.

    4. De ruit

    Combineer twee diagonale rijen die naar elkaar toe lopen en elkaar in het midden ontmoeten, en dan weer uit elkaar. Je kunt de ruit open laten of vullen met platte knopen. Ruiten zijn het bekendste patroon op een macramé wandkleed. Zie ook de uitleg over de macramé plantenhanger, waar je een vergelijkbare opbouw ziet.

    Een macramé wandkleed met platte knopen, een spiraal en een diagonale rij
    Een klein wandkleed combineert platte knopen, een spiraal en een diagonale rij.

    5. De wisselende platte knoop

    Maak een rij platte knopen. Laat in de volgende rij de eerste twee en laatste twee touwen hangen en maak de platte knopen met de touwen daartussen. Herhaal en wissel steeds. Zo ontstaat een netpatroon met kleine ruitjes. Dit is de basis van veel macramé patronen voor wandkleden en gordijnen.

    6. De golf

    Wissel rijen halve steken in een gebogen lijn af met een rij platte knopen. Door de richting van de halve steken telkens om te draaien maak je een golvende lijn. Het patroon oogt luchtig en past goed bij een bohemien interieur.

    Wil je meteen een compleet werkstuk? Een macramé armband of macramé sleutelhanger gebruikt dezelfde patronen op kleine schaal.

    Macramé patronen gratis: waar vind je ze?

    Gratis macramé patronen vind je op blogs, in videotutorials en bij hobbywinkels die bij hun materialen een instructiebladzijde leveren. Zoek je macramé patronen gratis in het Nederlands, dan helpt het om te zoeken op de naam van het werkstuk: wandkleed, plantenhanger, sleutelhanger, armband. Let bij elk gratis macramé patroon op een paar dingen:

    • Is er een legenda? Zonder uitleg van de symbolen wordt een schema een raadsel.
    • Welk touw wordt gebruikt? Een patroon voor 5 millimeter touw werkt anders met 2 millimeter.
    • Hoeveel touw is nodig? Een goed patroon vermeldt lengte en aantal touwen. Staat het er niet, neem dan vier tot zes keer de lengte van het eindresultaat als richtwaarde.
    • Is er een foto van het eindresultaat? Dan weet je waar je naartoe werkt.
    • Is het beschreven in begrijpelijke taal? Nederlandstalige macramé patronen gratis zijn handig omdat de knoopnamen overeenkomen met wat je in de winkel leest.

    Mooi aan macramé is dat macramé patronen elkaar zo goed aanvullen. Je kunt de ruit uit het ene patroon combineren met de golf uit het andere, zolang je de touwen goed telt. Houd je zelf een lijst bij van patronen die je mooi vindt, dan heb je na een paar maanden een eigen bibliotheek.

    Macramé kerst patronen gratis: ideeën voor de feestdagen

    In de aanloop naar kerst zoeken veel mensen macramé kerst patronen gratis. Dat is logisch, want macramé leent zich goed voor kleine decoraties. De Nederlandse Wikipedia toont als voorbeeld zelfs een macramé kerstboom. Een paar eenvoudige ideeën:

    • Kerstboom. Een driehoek van platte knopen die steeds breder wordt, gemaakt met een wisselende platte knoop. Hang hem aan een stokje met een lusje.
    • Ster. Gebruik diagonale rijen om de vorm van een ster te maken, en vul hem eventueel op met kralen.
    • Engel of sneeuwvlok. Combineer spiralen en kleine ruiten tot een symmetrische figuur.
    • Kerstboomhanger. Een klein stuk platte knopen met franje en een houten kraal, aan een rood of groen lint.
    • Kransversiering. Een lange reeks spiralen die je rond een ring wikkelt.

    Voor kerstpatronen kies je liever een dun, stevig touw van 2 tot 3 millimeter, zodat de details zichtbaar blijven. Werk met wit, naturel of rood touw voor een klassieke uitstraling. Een van de kleinere macramé patronen voor kerst is meestal snel af, dus het is ook een goede oefening voor beginners.

    Macramé armbandjes patronen en kleine werkstukken

    Een armband is een van de beste manieren om macramé patronen te oefenen. De Engelstalige Wikipedia vermeldt dat macraméjuwelen, die in de jaren zeventig in Amerika populair werden, vooral platte knopen en de verwante schuine variant (granny knot) gebruiken. Dat maakt armbandjes ideaal: je oefent dezelfde knoop honderd keer, in een kwartier tijd.

    Eenvoudige macramé armbandjes patronen zijn:

    • De rechte band. Een lange reeks platte knopen, afgewerkt met een schuifknoop als sluiting.
    • De spiraalband. Alleen halve knopen, die vanzelf draaien.
    • De ruitband. Twee diagonale rijen in twee kleuren.

    Meer over armbanden vind je in onze uitleg over een macramé armband. Voor een sleutelhanger is het principe hetzelfde: lees de pagina over een macramé sleutelhanger.

    Een eigen macramé patroon ontwerpen

    Als je de basis kent, kun je zelf macramé patronen bedenken. Dit werkt het best met een vaste aanpak:

    1. Kies een vorm. Een ruit, een driehoek, een rechthoek? Maak er een schets van op papier.
    2. Bepaal de breedte. Tel hoeveel groepen van vier touwen je nodig hebt.
    3. Verdeel de rijen. Welke rij krijgt welke knoop? Zet het in een tabel.
    4. Maak een proefstuk. Knoop een klein stuk en pas aan waar het niet klopt.
    5. Schrijf het op. Teken symbolen en noteer het aantal touwen en de lengtes.

    Heb je zo een patroon gemaakt dat bevalt, houd het dan bij. Anders sta je later met een mooi werkstuk en geen idee hoe je het ook weer deed.

    Veelgemaakte fouten bij macramé patronen

    • Het patroon niet doorgronden voor je begint. Lees het hele schema eerst. Zo zie je waar het zwaar wordt.
    • Het verkeerde touw kiezen. Dun touw geeft een ander resultaat dan het patroon bedoelt.
    • De telling kwijtraken. Markeer elke rij met een knijper of een stukje garen.
    • Te strak knopen. Dan krimpt je werkstuk. Houd de spanning gelijk.
    • Te weinig touw knippen. Knip liever te veel dan te weinig.

    Veelgestelde vragen over macramé patronen

    Wat zijn macramé patronen?

    Macramé patronen zijn schema’s of beschrijvingen die aangeven welke knopen je in welke volgorde knoopt, met welke touwen en hoeveel keer. Bijna alle patronen bestaan uit de platte knoop, de gedraaide knoop en de halve steek, in verschillende combinaties.

    Waar vind ik macramé patronen gratis?

    Op blogs, in videotutorials en bij hobbywinkels. Zoek op de naam van het werkstuk, bijvoorbeeld wandkleed, plantenhanger of armband. Let op een legenda, het touw en de hoeveelheid. Voor Nederlandse macramé patronen gratis helpt het om de zoekterm in het Nederlands in te voeren.

    Hoe lees je een macramé patroon?

    Lees van boven naar beneden en van links naar rechts. Verticale lijnen zijn touwen, symbolen zijn knopen. Kijk eerst naar de legenda en het eindresultaat. Is er geen uitleg, maak dan zelf een legenda en een telling.

    Welke macramé patronen zijn het makkelijkst voor beginners?

    De rechte reeks platte knopen, de spiraal en de diagonale rij. Daarna volgen de ruit en de wisselende platte knoop. Met die vijf kun je al een wandkleed of plantenhanger maken.

    Zijn er macramé kerst patronen gratis?

    Ja, je vindt ze op blogs en in tutorials. Eenvoudige ideeën zijn een kerstboom, ster of hanger. Gebruik dun touw en werk klein. De Nederlandse Wikipedia noemt zelfs een macramé kerstboom als voorbeeld van het vak.

    Welke macramé armbandjes patronen zijn eenvoudig?

    Een rechte band van platte knopen, een spiraalband van halve knopen en een ruitband met twee kleuren. Gebruik dun touw of waxkoord en sluit af met een schuifknoop. Meer uitleg vind je bij de pagina over de macramé armband.

    Kan ik zelf een macramé patroon ontwerpen?

    Ja. Schets de vorm, bepaal de breedte in groepen van vier touwen, verdeel de rijen over de knopen en maak een proefstuk. Schrijf de uitkomst op, dan kun je hem later herhalen en delen.

    Hoeveel touw heb ik nodig voor een patroon?

    Als richtwaarde knip je elk touw vier tot zes keer zo lang als het eindresultaat. Staat er in het patroon een lengte, volg die dan. Knip liever te veel dan te weinig, want bijknippen kan niet meer als je al hebt geknoopt.

    Verder lezen over macramé

    Wil je verder met macramé patronen? Lees de pagina over macramé voor de basis, kies het juiste macramé touw en oefen daarna met een macramé wandkleed of een macramé plantenhanger. Bekijk ook de pijler over macramé, weven en textiel of lees hoe vilten werkt.

  • Macramé wandkleed maken: stappenplan voor beginners

    Macramé wandkleed maken: stappenplan voor beginners

    Een macramé wandkleed maak je met touw, een houten stok en een paar basisknopen. Je knoopt eerst alle touwen aan de stok vast, werkt daarna rij voor rij met platte knopen en knipt de franje recht. Een eerste klein wandkleed van 30 bij 40 centimeter lukt in een rustige middag, ook als je nog nooit hebt geknoopt.

    Het mooie van een macramé wandkleed is dat je maar één knoop echt hoeft te kunnen: de platte knoop. Alle ruiten, driehoeken en golven die je op een macramé wandkleed ziet, zijn variaties daarop. Wil je eerst weten wat macramé eigenlijk is? Lees dan de pagina over macramé of bekijk de hele pijler over macramé, weven en textiel. Voor het juiste touw is er een apart stuk over macramé touw.

    Kort samengevat

    • Een macramé wandkleed bestaat uit touwen aan een stok, geknoopt in rijen met platte knopen.
    • Knip elk touw ongeveer vier tot zes keer zo lang als de gewenste lengte van het wandkleed.
    • Kies een gedraaid of gevlochten katoentouw van 3 tot 5 millimeter voor een makkelijke start.
    • Werk strak en gelijkmatig: de afstand tussen de knopen bepaalt hoe het patroon eruit ziet.
    • Een ruitpatroon maak je met platte knopen die je schuin naar het midden laat lopen.
    • Knip de franje pas af als het wandkleed aan de muur hangt of ligt, en kam hem uit voor een zachte afwerking.

    Wat heb je nodig voor een macramé wandkleed?

    Voor een macramé wandkleed voor beginners heb je weinig nodig. Dit is de lijst:

    Materialen voor een macramé wandkleed: touw, houten stok en schaar
    Touw, stok en schaar.
    • Katoentouw. Een gedraaid of gevlochten touw van 3 tot 5 millimeter dik. Dikker touw geeft een grof, stoer resultaat. Dunner touw geeft een fijn patroon maar kost meer tijd. Gedraaid touw kun je later uitkammen voor franje. Meer over de keuze lees je op de pagina over macramé touw.
    • Een stok of tak. Hout, bamboe of een gladde tak van zo’n 40 tot 50 centimeter. Een stok die breder is dan je patroon geeft een mooi kader.
    • Een schaar. Scherp, want touw rafelt snel uit als je knipt met een bot mes.
    • Een meetlint. Voor de lengte van je touwen.
    • Een ophangtouw. Een stuk touw of garen om de stok aan de muur te hangen.
    • Een kam of borstel. Om de franje uit te kammen.
    • Optioneel: een klembord of plank. Hierop prik je de stok vast zodat je ruim kunt werken.

    Een macramé wandkleed kopen is natuurlijk ook mogelijk, in hobbywinkels en bij woonwinkels, maar zelf maken kost minder en je kiest zelf kleur, grootte en patroon. Wie zoekt naar een macramé wandkleed kopen, kijkt vaak ook naar het aanbod bij ketens zoals Xenos of Kwantum. Het aanbod daar wisselt, dus bekijk de actuele collectie op hun eigen site. Voor een macramé wandkleed zelf maken heb je alleen de spullen hierboven nodig.

    Tip: koop meer touw dan je denkt nodig te hebben. Door de knopen is je touw na afloop meer dan de helft korter. Bij een tekort ontstaat een gat of een kleurverschil als je nieuw touw koopt van een andere partij.

    Welke knopen heb je nodig?

    Een macramé wandkleed bestaat bijna helemaal uit twee knopen. Volgens de Nederlandse Wikipedia over macramé maak je een macraméknoop met vier naast elkaar liggende draden, waarbij de buitenste twee de knoop maken en de binnenste twee de knoop vormen. Dat is precies hoe een platte knoop werkt. De pagina noemt als basis de rechte (platte) knoop voor een vlakke reeks, de gedraaide knoop voor een spiraal en de achtknoop als complexere variant.

    Voor je wandkleed leer je er drie:

    1. De ankerknoop (lark’s head). Daarmee hang je elk touw dubbel aan de stok. Je vouwt het touw in tweeën, legt de lus achter de stok en haalt de uiteinden door de lus.
    2. De platte knoop. Vier draden: de buitenste twee maken de knoop om de middelste twee. Je legt het linker touw over de middelste en onder het rechter, haalt het rechter touw onder de middelste en door de lus links, en trekt aan. Daarna doe je hetzelfde spiegelbeeld.
    3. De halve steek (dubbele halve steek). Een knoop waarmee je diagonale lijnen maakt, bijvoorbeeld voor de zijden van een ruit. De Engelstalige Wikipedia noemt de dubbele halve steek als hoofdknoop van de Cavandoli-stijl.

    Voor een eerste macramé wandkleed zonder diagonalen kom je met de ankerknoop en de platte knoop al een heel eind. Meer knopen en patronen vind je op de pagina over macramé patronen in dit kenniscentrum.

    Macramé wandkleed maken in 5 stappen

    Stap 1 van 5

    Stap 1: bereken en knip je touwen

    Bepaal eerst hoe lang je macramé wandkleed wordt, zonder franje. Voor een wandkleed van 40 centimeter lang knip je elk touw ongeveer vier tot zes keer die lengte, dus 160 tot 240 centimeter. Dat is een richtwaarde. Bij dikker touw of veel knopen heb je meer nodig, bij een simpel patroon met veel franje minder.

    Hoeveel touwen? Voor een breedte van 30 centimeter met touw van 4 millimeter heb je ongeveer 12 tot 16 touwen nodig. Elk touw hang je dubbel op, dus je werkt met 24 tot 32 draden. Dat aantal moet deelbaar zijn door vier, zodat je gelijke groepen van vier draden hebt voor de platte knopen. Knip er liever een paar extra, want bijknippen kan niet meer als je al geknoopt hebt.

    Maak een proefstuk van een kwartier met een paar touwen. Zo zie je meteen hoe veel touw een knoop opslokt.
    :::

    Stap 2 van 5

    Stap 2: hang de touwen aan de stok

    Voor je macramé wandkleed leg je de stok voor je en vouw je elk touw in tweeën. Leg de lus voor de stok, haal de uiteinden erachter langs en door de lus. Trek aan. Dat is de ankerknoop. Doe dit voor alle touwen, naast elkaar, strak tegen elkaar aan. Houd de afstand gelijk, anders wordt je patroon scheef.

    Handen die crèmekleurige touwen met ankerknopen aan een houten tak hangen en een eerste rij platte knopen beginnen
    Elk touw hangt dubbel aan de stok. Daarna begint de eerste rij platte knopen.

    Hang de stok op ooghoogte, bijvoorbeeld aan een haak of aan twee spijkers. Dan zie je beter wat je doet en heb je je handen vrij. Laat de touwen netjes naast elkaar hangen en strijk ze glad voor je begint.
    :::

    Stap 3 van 5

    Stap 3: knoop de eerste rij platte knopen

    Neem de eerste vier draden. Leg het linker touw over de middelste twee en onder het rechter touw. Haal het rechter touw onder de middelste twee en door de lus links. Trek aan. Dat is een halve knoop. Doe nu hetzelfde spiegelbeeld: rechter touw over de middelste twee en onder het linker, linker touw onder de middelste twee en door de lus rechts. Trek aan. Nu heb je een volledige platte knoop.

    Een platte knoop leggen met vier touwen aan een stok
    Een platte knoop knoop je met vier draden.

    Werk zo de hele rij af, steeds met de volgende vier draden. Je hebt nu een rij gelijkmatige knopen op dezelfde hoogte. Trek niet te hard: dan worden je knopen stug en krimpt je wandkleed. Houd de spanning bij elke knoop gelijk, dan wordt de rij mooi recht.
    :::

    Stap 4 van 5

    Stap 4: maak een ruitpatroon

    Voor de tweede rij laat je de eerste twee en de laatste twee draden even hangen. Neem de draden drie tot en met zes en maak daarmee een platte knoop. Zo schuif je het patroon een halve groep op. Werk deze rij af. Door steeds af te wisselen ontstaat er een ruitpatroon, de bekendste vorm op een macramé wandkleed.

    Macramé met ruitpatroon in de maak
    Laat de buitenste draden vrij voor het ruitpatroon.

    Wil je een grotere ruit? Maak dan een brede rij op de eerste hoogte, laat de rij daarna naar het midden toe smaller worden en weer breder worden. Wil je het patroon klein houden? Herhaal dezelfde twee rijen. Houd je werk af en toe op afstand: zie je dat de rijen niet recht lopen, trek dan de knopen iets aan of maak een rij los en begin opnieuw.

    Voor meer ideeën voor knoopcombinaties kijk je bij onze pagina over macramé patronen. Daar staan ook varianten voor wie een macramé wandkleed met patronen wil maken die verder gaan dan ruiten.
    :::

    Stap 5 van 5

    Stap 5: werk af en hang op

    Is het patroon van je macramé wandkleed af? Knoop dan een laatste rij platte knopen om de onderkant stevig te maken. Leg je wandkleed plat op tafel en knip de franje met een scherpe schaar recht, of in een punt of een boog. Gebruik een liniaal of een stuk karton als richtlijn. Kam de touwen daarna uit met een kam of een borstel, zodat de franje zacht en luchtig wordt.

    Een afgemaakt macramé wandkleed aan de muur
    Knip de franje recht af en hang op.
    Bijna klaar macramé wandkleed met ruitpatroon en lange franje op een tak, met schaar en meetlint op een houten tafel ervoor
    Het patroon is af. Nu knip je de franje gelijk en kam je hem uit.

    Hang het wandkleed aan een stuk touw dat je aan beide uiteinden van de stok bindt. Een leeg stuk muur boven een bank, bed of dressoir is de klassieke plek voor een macramé wandkleed. Voor een macramé wandkleed in een hal werkt een smal, lang model het best.
    :::

    Een macramé wandkleed met patronen: welke vorm kies je?

    Heb je de basis onder de knie, dan kun je verder. Een macramé wandkleed is zo’n lekker flexibel project dat je er eindeloos mee kunt variëren. Een paar ideeën voor je volgende macramé wandkleed:

    • Ruiten en driehoeken. De klassieker. Alleen platte knopen, schuin gelegd.
    • Golven. Wissel rijen platte knopen af met rijen halve steken in een gebogen lijn.
    • Gedraaide knopen. Met alleen de ene helft van de platte knoop maak je een spiraal. Een kolom spiralen geeft een interessante verticale lijn.
    • Gaten en open ruimtes. Laat bewust ruimte tussen groepen touw voor een luchtiger, open wandkleed.
    • Kleur. Gebruik twee of drie tinten touw en laat er een verloop in lopen.
    • Kralen en hout. Rijg een houten kraal aan een paar touwen voor accenten.

    Zoek je een macramé wandkleed patroon met een duidelijk schema? Begin dan eenvoudig. Een patroon met drie rijen platte knopen in een ruit herhaald over de breedte is al een mooi eerste ontwerp. Veel mensen zoeken naar een macramé patronen wandkleed met stap-voor-stap-beschrijving; houd in het begin steeds één knoop bij en schrijf je telling op.

    Een korte geschiedenis: waarom macramé een wandkleed werd

    Macramé is ouder dan de wandkleden die je nu in woonwinkels ziet. Volgens de Engelstalige Wikipedia over macramé is de naam mogelijk afgeleid van het Arabische woord voor een versierde franje aan handgeweven stof. De techniek kwam via Spanje en Italië naar de rest van Europa. In de negentiende eeuw maakten Britse en Amerikaanse zeelieden er hangmatten en riemen mee. In de jaren zeventig werd macramé populair voor wandkleden, kleding en plantenhangers. Het raakte begin jaren tachtig uit de mode en kreeg volgens dezelfde pagina eind jaren 2010 een nieuwe opleving, onder meer onder millennials.

    Dat verklaart waarom je vandaag zoveel macramé wandkleden ziet in een rustige, natuurlijke stijl. Voor een macramé wandkleed is de techniek eenvoudig, het materiaal goedkoop en het resultaat past bij vrijwel elk interieur. Wie een macramé plantenhanger heeft gemaakt, kent de basis al.

    Veelgemaakte fouten bij een macramé wandkleed

    Bijna iedereen die een macramé wandkleed maakt, begint met dezelfde fouten. Herken je er één, dan is het goed op te lossen.

    • Te kort touw geknipt. Het touw wordt door de knopen sneller korter dan je verwacht. Knip liever veel te lang dan te kort.
    • Ongelijke spanning. De ene knoop is strak, de andere los. Trek bij elke knoop even hard.
    • Scheef werken. De touwen aan de stok staan niet netjes naast elkaar. Strijk ze steeds glad en controleer af en toe de lijn.
    • Te dun touw. Het patroon verdwijnt en je werkt uren. Begin met 4 millimeter.
    • De franje is niet recht. Gebruik een liniaal of een stuk karton als richtlijn bij het knippen.
    • Te grote start. Een wandkleed van 80 centimeter breed is veel werk. Begin klein.

    Veelgestelde vragen over een macramé wandkleed

    Hoe maak je een macramé wandkleed voor beginners?

    Hang touwen met ankerknopen aan een stok en knoop er rijen platte knopen in. Wissel de groepen van vier draden af om een ruitpatroon te krijgen. Knip de franje recht en kam hem uit. Een eerste macramé wandkleed voor beginners is 30 bij 40 centimeter en lukt in een middag.

    Hoeveel touw heb je nodig voor een macramé wandkleed?

    Als richtlijn knip je elk touw vier tot zes keer zo lang als de gewenste lengte van het patroon. Voor een wandkleed van 40 centimeter dus 160 tot 240 centimeter per touw. Het totaal hangt af van de breedte en de dikte van het touw. Knip liever iets te veel dan te weinig.

    Welk touw is het best voor een macramé wandkleed?

    Gebruik een gedraaid of gevlochten katoentouw van 3 tot 5 millimeter. Gedraaid touw kun je uitkammen voor een zachte franje, gevlochten touw geeft een strakker patroon. Meer uitleg vind je op de pagina over macramé touw.

    Welke knopen heb je nodig?

    De ankerknoop om de touwen aan de stok te hangen en de platte knoop voor het patroon. Daarna kun je de gedraaide knoop en de halve steek toevoegen voor spiralen en diagonalen. De Nederlandse Wikipedia noemt de rechte en de gedraaide knoop als basis.

    Kun je een macramé wandkleed kopen of beter zelf maken?

    Beide kan. Kopen gaat snel, in hobbywinkels en woonwinkels, maar het aanbod bij ketens wisselt. Zelf maken kost minder, je kiest kleur en maat en je leert een techniek. Voor een eerste wandkleed zijn touw en stok genoeg.

    Hoe lang duurt het om een macramé wandkleed te maken?

    Een klein wandkleed van 30 bij 40 centimeter duurt voor een beginner ongeveer twee tot vier uur, inclusief afwerking. Een groter wandkleed kost een of twee middagen. Dit zijn richtwaarden die van je tempo en het patroon afhangen.

    Hoe hang je een macramé wandkleed op?

    Bind een stuk touw aan beide uiteinden van de stok en hang het aan een haak of spijker. Of hang de stok direct aan twee haakjes. Zorg dat de muur het gewicht aankan, want katoentouw is zwaarder dan het lijkt.

    Waar vind je patronen voor een macramé wandkleed?

    Op de pagina over macramé patronen en in boeken en tutorials. Begin met een ruitpatroon van platte knopen en breid later uit met halve steken en spiralen. Een patroon schrijven kun je ook zelf: houd de tellingen van touwen en knopen bij.

    Verder lezen over macramé

    Wil je verder met macramé? Lees de pagina over macramé voor de basis, kies het juiste macramé touw en probeer daarna een macramé plantenhanger. Bekijk ook de pijler over macramé, weven en textiel of kijk hoe vilten werkt als je met zachte wol wilt werken.

De waardering van ayoo.nl bij WebwinkelKeur Reviews is 8,7/10 gebaseerd op 255 reviews.