Een breipatroon is een stap-voor-stapbeschrijving van een breiwerk, geschreven in afkortingen. Het vertelt je welke naalden en welk garen je nodig hebt, hoeveel steken je opzet en wat je per rij doet. Een breipatroon lezen leer je in een uur: je hoeft alleen de afkortingen te kennen en rustig rij voor rij te werken. Voor beginners zijn een sjaal of een eenvoudig vest de beste eerste patronen.
In dit artikel lees je hoe je een breipatroon opbouwt, wat de meest gebruikte afkortingen betekenen en hoe je een patroon kiest dat bij je niveau past. We behandelen ook de vragen die beginners het vaakst stellen, zoals het verschil tussen een gratis en een betaald breipatroon en wat je doet als je maat niet klopt. Wil je eerst de basis? Begin dan bij breien en leer hoe je steken opzet.
Kort samengevat
- Een breipatroon bestaat uit materialen, maten, een stekenproef en de rijbeschrijving.
- Brei altijd eerst een proeflapje en vergelijk het aantal steken met het patroon.
- Leer eerst rechts, averechts, minderen en meerderen: daarmee lees je de meeste patronen.
- Kies als beginner een patroon met één kleur, rechte delen en weinig vormgeving.
- Een patroon in diagram en een patroon in tekst zeggen hetzelfde: kies wat jou het beste ligt.
Wat staat er in een breipatroon?
Elk goed breipatroon heeft dezelfde onderdelen. Als je die kent, weet je waar je moet kijken.

- Materialen: het garen (soort en hoeveelheid) en de naalden (maat en type).
- Maten: de maten waarin het werk gemaakt kan worden, bijvoorbeeld S, M en L.
- Stekenproef: het aantal steken en rijen in tien bij tien centimeter. Dit is het belangrijkste getal van het patroon.
- Opzet: het aantal steken waarmee je begint, vaak per maat.
- Rijbeschrijving: wat je per rij doet, in afkortingen of in een diagram.
- Afwerking: hoe je delen aan elkaar zet, afkant en draden wegwerkt.
Een patroon begint vaak met een korte uitleg over de steken die erin voorkomen. Lees die goed, want ontwerpers gebruiken elk een eigen schrijfwijze. Een patroon voor een sjaal is meestal eenvoudig. Een patroon voor een trui bestaat uit meerdere delen, zoals voorpand, achterpand en mouwen.
Tekst of diagram
Een breipatroon is er in twee vormen. Een tekstpatroon beschrijft elke rij in woorden en afkortingen. Een diagram toont de steken als symbolen in een rooster, en je leest het van onder naar boven. Veel Nederlandse patronen zijn tekst. Internationale patronen gebruiken vaak diagrammen. Beide zeggen hetzelfde. Probeer ze allebei en kies wat jouw hoofd het beste ziet.
De belangrijkste afkortingen in een breipatroon
Een patroon bestaat voor het grootste deel uit een handvol steken. Dit zijn de afkortingen die je het vaakst tegenkomt.
| Afkorting | Betekenis |
|---|---|
| r | recht breien |
| av | averecht breien |
| st | steek of steken |
| omsl | omslag: draad over de naald, er ontstaat een gaatje |
| 2 r samen | twee steken samen recht breien (minderen) |
| meerd | meerderen: een steek toevoegen |
| afk | afkanten |
| * … * | herhaal wat tussen de sterretjes staat |
De Nederlandstalige Wikipedia onderscheidt als basissteken de ribbelsteek (alle steken recht), de tricotsteek (rechte en averechte rijen afwisselend) en de boordsteek (afwisselend twee rechte en twee averechte steken). Alle drie vind je terug in bijna elk patroon. Een boordsteek is rekbaarder dan tricot en wordt vaak voor boorden en kragen gebruikt, volgens de Nederlandstalige Wikipedia.
Tip: schrijf de afkortingen die je niet kent op een briefje en leg dat naast je patroon. Na één project ken je ze zonder spiekbriefje.
Een breipatroon stap voor stap lezen
Stap 1: lees het patroon van begin tot eind
Lees eerst het hele patroon, ook de afwerking. Zo zie je hoe het werk is opgebouwd en welke technieken je nodig hebt. Mis je een steek die je niet kent, zoek hem dan eerst op voordat je begint.
Stap 2: kies je maat
Een patroon geeft meestal meerdere maten. Die staan vaak achter elkaar, bijvoorbeeld: “opzetten 88 (96, 104) steken”. Het eerste getal is de kleinste maat, de getallen tussen haakjes de grotere. Onderstreep vooraf de getallen van je maat. Dat voorkomt dat je halverwege de verkeerde pakt.
Stap 3: brei een proeflapje
Brei een lapje van ongeveer tien bij tien centimeter in de steek uit het patroon, met de aanbevolen naalden. Meet het aantal steken en rijen. Heb je meer steken dan het patroon aangeeft? Dan brei je te strak en neem je dikkere naalden. Minder? Dan neem je dunnere. Een proeflapje kost een uur, maar bespaart je dagen werk aan een trui die niet past.

Stap 4: werk rij voor rij
Zet de steken op en volg de rijen. Gebruik een rijenteller of een briefje waarop je elke gebreide rij afstreept. Een patroon gaat vaak over tientallen rijen, en zonder tellen raak je het spoor kwijt.
Stap 5: werk af
Aan het einde kant je af, naai je delen aan elkaar en werk je draadjes weg. Veel patronen geven een tip voor het wassen: lees die, want wol en katoen reageren anders.
Welk breipatroon past bij jouw niveau?
Een patroon kiezen is het halve werk. Hieronder zie je wat bij welk niveau past.
Voor beginners
Kies een patroon met één kleur, rechte delen en eenvoudige steken. Een sjaal is ideaal, omdat je niet hoeft te minderen of meerderen. Ook een kussenhoes of een muts in ribbelsteek is een goede keuze. Een trui voor beginners kan ook, mits hij recht van snit is en met dikke wol en dikke naalden wordt gebreid. Dan ben je snel klaar en zie je meteen resultaat.
Voor gevorderden
Heb je de basis onder de knie? Dan zijn een vest, een patroon met kabels of een trui met een pasvorm een mooie uitdaging. Hier komt het minderen, meerderen en rondbreien bij kijken. Een rondbreinaald is volgens de Nederlandstalige Wikipedia over rondbreien een flexibele verbinding van twee korte naalden, en geeft het voordeel dat er geen naden ontstaan.
Voor kinderen en baby’s
Voor een babyvestje of kindertrui kies je een zacht garen en een eenvoudig patroon. Baby’s hebben weinig stof nodig, dus je bent snel klaar. Let wel op de maat: kinderen groeien, dus kies liever een maat te groot dan te klein. Meer ideeën vind je in breien voor kinderen.
Een breipatroon voor een sjaal, vest of trui: wat is het verschil?
Het soort kledingstuk bepaalt hoe een breipatroon is opgebouwd. Dat helpt je kiezen.
Breipatroon sjaal
Een sjaal is een rechthoek. Het patroon bestaat vaak uit niet meer dan een opzet, één steek die je blijft herhalen en een afkanting. Je hoeft niet te minderen of meerderen, en je kunt het patroon zelf aanpassen: wil je hem breder, zet dan meer steken op. Daarom is een sjaal het meest aangeraden breipatroon voor beginners. Heb je geen zin in een patroon met veel rijen? Kies dan een dikke wol en dikke naalden, dan ben je in een paar avonden klaar.
Breipatroon vest
Een vest is lastiger, omdat je de delen apart breit en later aan elkaar zet, met armsgaten en een halslijn. Je leest dus drie of vier deelpatronen in plaats van één. Een vest in tricotsteek met rechte mouwen is een goede eerste stap naar kleding. Wil je een vest dat dicht kan, dan heb je ook een kantstrook met knoopsgaten nodig. Het patroon vertelt je op welke rij en op welke plek je die maakt.
Breipatroon trui
Een trui heeft meer delen en een pasvorm, dus meer rekenwerk. Een patroon voor een damestrui of heren trui geeft meestal meerdere maten en een lijst met afmetingen in centimeters. Vergelijk die met een trui die je zelf goed vindt zitten. Zo kies je de juiste maat, ook als je tussen twee maten in valt. Een trui bestaat vaak uit een voorpand, achterpand en twee mouwen, en wordt soms in één stuk rond gebreid. Voor de eerste keer kies je een trui met een rechte snit.
Babyvestje en kindertrui
Een patroon voor een babyvestje is klein en snel af, en dus een goede manier om te oefenen met vestvormen. Kies een garen dat tegen de huid kan, en let op de maat van de knoopjes. Voor een kindertrui geldt hetzelfde als voor een volwassenentrui, alleen kleiner en met meer ruimte om in te groeien.
Breipatroon voor beginners: waar let je op?
Een goed breipatroon voor beginners heeft vier eigenschappen. Het is geschreven in duidelijke taal, het heeft foto’s of tekeningen bij de lastige stukken, het geeft een stekenproef en het legt nieuwe steken uit. Ontbreekt een van deze dingen, dan kost het je meer moeite dan nodig is. Kijk ook naar de reacties onder een gratis patroon. Als veel mensen hetzelfde probleem noemen, zit er waarschijnlijk een fout in het patroon.
Controleer verder de garenaanbeveling. Een patroon voor beginners vraagt meestal om middeldik tot dik garen, in een effen kleur en met een gladde draad. Een garen met noppen of een donkere kleur maakt het lastig om je steken te zien. Met een glad, licht garen herken je een fout meteen.
Een breipatroon kopen of gratis downloaden?
Een gratis breipatroon is genoeg om te beginnen. Het kan een korte beschrijving zijn zonder foto’s, maar veel garenmerken en ontwerpers maken uitgebreide gratis patronen met uitleg. Het nadeel is dat de kwaliteit wisselt. Een betaald breipatroon van een ontwerper is vaak uitgebreider, met meer maten, schema’s en soms ondersteuning als je er niet uitkomt.
Wie breien serieus als hobby ziet, bouwt vanzelf een verzameling patronen op. Een goede gewoonte is om elk patroon dat je gebruikt te bewaren met notities over de naald en het garen dat je koos, en over aanpassingen die je maakte. Zo kun je een volgende keer sneller beginnen en weet je wat werkte.
Waar vind je een breipatroon?
Er zijn drie plekken om een breipatroon te vinden.
Gratis online. Veel garenmerken en breiblogs bieden gratis patronen aan, vaak met foto’s en uitleg per stap. Dit is de beste plek om te beginnen. Een bekende bron voor gratis breipatronen is Drops, zie ook breipatronen Drops.
In boeken en tijdschriften. Een breiboek geeft meestal meerdere patronen in dezelfde stijl en uitleg van technieken. Handig als je meer wilt leren dan alleen één project.
Betaald, van ontwerpers. Een breipatroon kopen kan online bij ontwerpers. Het voordeel is dat zulke patronen vaak uitgebreid getest zijn en in veel maten komen. Voor een eerste project is een gratis patroon meestal voldoende.
Een overzicht van de beste plekken en soorten vind je in onze gids over breipatronen.
Een breipatroon aanpassen
Soms past een patroon bijna, maar niet helemaal. Dan kun je het aanpassen.
- Langer of korter: voeg rijen toe of laat ze weg in een gebied zonder vormgeving, bijvoorbeeld in het lijf van een trui.
- Breder of smaller: reken met je stekenproef. Zet meer of minder steken op, en houd rekening met de herhaling van het patroon.
- Ander garen: kies een garen met dezelfde dikte. Controleer altijd met een proeflapje.
Pas dit pas toe als je een paar patronen hebt gebreid. Voor je eerste project volg je het patroon zoals het er staat.
Veelgemaakte fouten bij een breipatroon
Het proeflapje overslaan
De meest voorkomende fout. Zonder proeflapje weet je niet of je werk de goede maat krijgt.
Een rij overslaan of dubbel breien
Gebruik een rijenteller of streep rijen af. Heb je een fout gemaakt, haal dan alleen die rij uit en begin vanaf die plek opnieuw.
Het patroon niet helemaal doorlezen
Soms staat er bij de afwerking iets dat je al bij het opzetten moet weten, zoals een naad of een knoopsgat. Lees daarom het hele patroon vooraf.
Te snel willen
Een trui met kabels als eerste project vraagt veel. Breid eerst een paar kleine werkjes, zodat je de afkortingen en steken kent.
Veelgestelde vragen over een breipatroon
Hoe lees je een breipatroon?
Lees eerst het hele patroon, kies je maat en brei een proeflapje. Volg daarna de rijen één voor één, met behulp van de afkortingenlijst. Streep elke gebreide rij af, zodat je niet de tel kwijtraakt.
Wat betekent een omslag in een breipatroon?
Een omslag betekent dat je de draad over de naald legt, zodat er een extra lus en een gaatje ontstaat. Het wordt gebruikt voor kantpatronen en om steken te meerderen.
Welk breipatroon is het makkelijkst voor beginners?
Een sjaal in ribbelsteek. Je hoeft niet te minderen of meerderen en elke rij is hetzelfde. Daarna zijn een muts of een kussenhoes goede vervolgprojecten.
Waar vind ik een gratis breipatroon?
Veel garenmerken en breiblogs hebben gratis patronen, vaak per niveau gesorteerd. Zoek op het soort project dat je wilt maken, bijvoorbeeld sjaal, vest of trui.
Hoe pas je een breipatroon aan?
Gebruik je stekenproef om te rekenen hoeveel steken je nodig hebt voor een andere breedte. Voeg of verwijder rijen in een gedeelte zonder vormgeving om de lengte aan te passen. Breid altijd eerst een proeflapje.
Wat is een stekenproef en waarom is die belangrijk?
Een stekenproef is het aantal steken en rijen in tien bij tien centimeter. Je vergelijkt je eigen lapje met het patroon. Klopt het niet, dan wordt je werk groter of kleiner dan bedoeld.
Kun je een breipatroon kopen?
Ja, bij ontwerpers online en in boeken. Gratis patronen zijn er ook in grote aantallen, dus voor een eerste project hoef je niet te betalen.
Hoe kies je een breipatroon voor een trui, vest of sjaal?
Een sjaal is het makkelijkst, een vest iets lastiger door de vorm en knoopsgaten, en een trui vraagt het meeste rekenwerk. Begin klein en bouw op.
Verder lezen over breien
Een breipatroon is een eerste stap. Op AYOO lees je verder over alles wat je nodig hebt om te breien.
- De pijler haken en breien en de gids over breien.
- Leer steken opzetten.
- Bekijk breipatronen en kies de juiste breinaalden.
