• Gratis verzending
  • Voor 20:00 besteld, morgen in huis
  • 14 dagen bedenktijd

Quilten voor beginners: zo maak je je eerste quilt

Quilten is lagen stof samenstikken tot een warme, stevige deken. Hier lees je wat je nodig hebt en hoe je je eerste quilt maakt, met de hand of op de machine.

Max
3 november 2026 · 13 min lezen
Opgevouwen patchworkquilt in zachte kleuren op een houten tafel met een quiltring, schaartje en stapeltje stofvierkantjes

Quilten is het aan elkaar stikken van drie lagen: een bovenkant, een vulling en een achterkant. Het stikwerk houdt de lagen op hun plek en geeft de quilt zijn typische, verhoogde structuur. Je kunt quilten met de hand of met een naaimachine, en je eerste quilt kun je al maken met een paar meter katoen, wat vulling en een rustige week.

In deze gids lees je hoe quilten werkt, welke spullen je nodig hebt en hoe je stap voor stap een eenvoudige quilt maakt. Eerst een korte uitleg van de begrippen, daarna het stappenplan en de keuzes die je onderweg maakt. Heb je nog nooit genaaid? Begin dan eerst met onze gids over naaien, want quilten bouwt voort op rechte naden en netjes werken.

Kort samengevat

  • Quilten is drie lagen samenstikken: top, vulling (batting) en achterkant.
  • Patchwork is de bovenkant maken van kleine stukjes stof. Quilten is het doorstikken van alle lagen. Samen heet het een patchwork quilt.
  • Een eerste quilt maak je het best klein: een kinderdekentje of tafelkleed van ongeveer 100 bij 100 centimeter.
  • Quilten met de hand duurt langer, maar is rustig en vraagt weinig spullen. Op de machine gaat het sneller.
  • Precies knippen en een vaste naadtoeslag zijn belangrijker dan een duur merk stof.

Wat is quilten, en wat is het verschil met patchwork?

Quilten en patchwork worden vaak door elkaar gebruikt, maar het zijn twee technieken. Het Textile Research Centre in Leiden beschrijft patchwork als het aan elkaar naaien van twee of meer stukken stof tot een groter, meestal plat stuk. Quilten is volgens dezelfde bron iets anders: daarbij worden twee of meer stoffen in lagen aan elkaar gestikt. Je leest dat in het artikel over patchwork bij het TRC.

In de praktijk komen ze samen. Je maakt van kleine stukken stof een bovenkant (patchwork), legt die op een vulling met een achterkant eronder en stikt het geheel door (quilten). Het resultaat is een patchwork quilt: een deken, wandkleed of tafelloper waarvan de bovenkant uit blokken bestaat en die door het stikwerk zacht en stevig aanvoelt.

Het TRC legt de lagen zo uit: de bovenste laag heet top, de onderste backing, en de middelste laag wadding of batting. Als vulling worden onder meer scheerwol, katoen, polyester, lappen of oude dekens genoemd. Dat laatste is een mooie herinnering aan waar quilten vandaan komt: het hergebruiken van wat je hebt. Een quilt zonder vulling, met twee lagen, heet volgens het TRC een coverlet. Je kunt dus ook een dunne quilt maken voor in de zomer.

Een korte geschiedenis

Quilten is een oud ambacht. Volgens het Engelstalige Wikipedia-artikel over quilting is de Tristan-quilt uit Italië, gemaakt in de late veertiende eeuw, de oudste bekende bewaard gebleven Europese bedquilt. Amerikaanse patchworkquilts dateren volgens hetzelfde artikel uit de jaren 1770. Aan het eind van de jaren zeventig van de vorige eeuw veranderde de rolsnijder het quilten: je snijdt tegenwoordig in één keer stroken en vierkantjes. Je hoeft dus geen sjablonen meer te gebruiken zoals vroeger.

Dat is goed nieuws voor wie nu begint. Wat vroeger uren knippen kostte, doe je met een rolsnijder, een snijmat en een liniaal in een kwartier.

Welke spullen heb je nodig om te quilten?

Je hoeft niet veel te kopen om te beginnen. Dit is een basislijst voor je eerste quilt:

Snijmat, rolmes, liniaal en katoenen stoffen voor quilten
Een snijmat, rolmes en liniaal maken precies snijden makkelijk.
  • Katoen voor de bovenkant. Quiltkatoen is stevig geweven en rafelt weinig. Kies een paar bij elkaar passende kleuren in plaats van tien verschillende.
  • Katoen voor de achterkant. Neem een effen of fijn gedessineerde stof. Je achterkant mag gewoon uit één stuk bestaan.
  • Vulling (batting). Katoen is koel en zakt mooi in, polyester is lichter en veert terug, een mengsel zit ertussenin. Neem als beginner een dunne vulling: die is makkelijker te stikken.
  • Een rolsnijder, snijmat en lange liniaal. Samen zorgen ze dat je stukjes echt recht en even groot zijn. Dit is de beste investering voor wie veel gaat quilten.
  • Garen. Een stevig, neutraal katoenen garen werkt voor het samenvoegen van de blokken en het quilten.
  • Spelden of quiltclips, en veiligheidsspelden. Voor het vastzetten van de lagen.
  • Naalden. Voor quilten met de hand heb je korte, fijne naalden nodig (de maat heet vaak between).
  • Quiltring of frame (voor handquilten). Niet noodzakelijk, wel prettig.
  • Naaimachine. Voor het samenvoegen van de blokken. Een eenvoudige machine met een goede rechte steek volstaat.

Heb je een naaimachine nodig? Voor het patchwork zelf is hij erg handig, maar niet verplicht: je kunt alles met de hand doen. Wil je er een kopen, lees dan eerst onze uitleg over de naaimachine. Quilten kopen in het algemeen kan ook als pakket: een quiltpakket bevat de gesneden stoffen, de vulling en het patroon. Dat is verleidelijk als je niet wilt kiezen, maar je leert er minder van dan wanneer je zelf je kleuren kiest.

Tip: wil je stof besparen, koop dan geen losse meters maar een stapeltje voorgesneden stof (fat quarters of charm squares). Dat scheelt snijwerk en je hebt direct een samenhangend kleurenpalet.

Quilten voor beginners: kies een eerste project

Een eerste quilt maak je klein. Een dekentje van 100 bij 100 centimeter heeft ongeveer 25 blokken van 20 centimeter en is in een paar weekenden af. Een groot dekbed vraagt veel meer stof, veel meer stikwerk en veel meer geduld, en wie daar als eerste aan begint, haakt vaak af.

Goede eerste projecten zijn:

  • Een kinderdeken of babydekentje. Klein, nuttig en je mag fouten maken.
  • Een tafelloper of onderzetters. Snel klaar en een mooie manier om te oefenen met stikken.
  • Een wandkleed. Je hoeft niet te letten op de drapering en het hangt gewoon.
  • Een kussenhoes. Een mini-quilt waar je een kussen in stopt.

Kies een eenvoudig ontwerp. Het bekendste beginnersontwerp is de vierkantenquilt: alle blokken zijn even groot en je naait ze in rijen. Er zijn ook strookquilts, waarbij je repen van verschillende breedte aan elkaar zet. Wil je een ontwerp met meer variatie, kijk dan naar onze pagina over quilten patronen. Eerst moet je het eenvoudige beheersen, dan pas het ingewikkelde.

Quilt maken in 7 stappen

Dit is de standaardmethode voor een vierkantenquilt. Je kunt hem met de hand of op de machine volgen. Het stappenplan hieronder gaat uit van een quilt van ongeveer 100 bij 100 centimeter. Dat is een richtmaat.

Stap 1: bereken en snijd je stof

Bepaal eerst het formaat van je quilt en de grootte van je blokken. Voor een kleine quilt van 5 bij 5 blokken van 20 centimeter snijd je 25 vierkantjes van 21 centimeter: de extra centimeter is de naadtoeslag, een halve centimeter aan elke kant. Veel quilters gebruiken een naadtoeslag van een kwart inch, ongeveer 6 millimeter. Welke maat je kiest, doet er niet toe, zolang je hem overal hetzelfde houdt.

Strijk je stof eerst glad. Leg hem vervolgens op je snijmat, leg de liniaal erop en snijd met de rolsnijder van je af. Snijd altijd van je lichaam af en klap het mes terug als je klaar bent. Dit is de stap waar de precisie zit: een stuk dat een millimeter te groot is, wordt na vijf naden een centimeter te groot.

Stap 2: leg het patroon uit

Leg de vierkantjes op een tafel of de vloer in de volgorde waarin je ze wilt hebben. Stap een paar meter achteruit en kijk of de kleuren evenwichtig verdeeld zijn. Doe een foto met je telefoon: op een foto zie je meteen waar twee dezelfde kleuren naast elkaar liggen.

Stap 3: naai de blokken tot rijen

Pak twee vierkantjes, leg ze met de goede kanten op elkaar en naai ze aan één zijde aan elkaar. Gebruik een rechte steek van ongeveer 2,5 millimeter en naai langzaam. Doe zo de hele rij, strijk de naden naar een kant en leg de rij terug in het patroon. Strijk naden in de volgende rij de andere kant op. Dan passen ze bij het samenvoegen in elkaar, en wordt je quilt vlak.

Naaimachine naait twee katoenen lapjes aan elkaar voor een quiltblok
Naai de blokken met een vaste naadtoeslag.

Stap 4: zet de rijen aan elkaar

Leg twee rijen met de goede kanten op elkaar, speld de kruispunten van de naden zorgvuldig vast en naai de rij aan elkaar. Herhaal dit tot je bovenkant klaar is. Strijk de bovenkant van achteren plat. Je patchwork is nu af.

Stap 5: maak de sandwich

Leg de achterkant met de verkeerde kant naar boven op een vlakke ondergrond en trek hem glad. Leg de vulling erop en daarna de bovenkant met de goede kant naar boven. De achterkant en vulling zijn ongeveer 5 centimeter groter dan de bovenkant, zodat je ruimte hebt als de lagen tijdens het quilten wat opschuiven. Zet de lagen met veiligheidsspelden om de 10 tot 15 centimeter vast, van het midden naar buiten.

Drie lagen van een quilt: achterkant, vulling en patchworktop
De sandwich: achterkant, vulling en top.

Stap 6: quilt de lagen

Nu komt het quilten zelf. Je kunt op drie manieren stikken:

  1. Quilten met de hand. Je maakt kleine, regelmatige voorsteekjes door alle drie de lagen. Volgens het Wikipedia-artikel gebruik je daarbij vaak een frame of ring, en bestaan er verschillende methoden zoals de stab stitch en de rocking stitch. Quilten met de hand voor beginners vraagt geduld, maar het resultaat is zacht en persoonlijk.
  2. Quilten met de machine. Op een gewone naaimachine stik je met een doorlopende voet (walking foot) in rechte lijnen, vaak op een kwart inch afstand van de naden. Dat noemen quilters stikken in de naad of langs de naad.
  3. Knopen. Een snellere keuze, waarbij je met garenknopen de lagen aan elkaar bindt. Het Wikipedia-artikel noemt dit een snelle manier die vaak wordt gebruikt voor quilts voor dagelijks gebruik.

Begin altijd in het midden en werk naar buiten. Zo voorkom je dat er plooien in de stof komen.

Stap 7: werk de rand af

Snijd de overtollige vulling en achterkant af zodat alle lagen even groot zijn. Naai een bies van stroken stof langs de rand, eerst aan de voorkant met de machine, daarna klap je hem om en zet je hem met de hand aan de achterkant vast. Een eenvoudige binding van stroken van 6 centimeter breed, dubbel gevouwen, werkt prima. Daarna was je de quilt een keer. De stof krimpt iets en je krijgt het typische, bobbelige uiterlijk.

Quilten met de hand of met de machine?

Dit is de vraag waar iedere beginner mee zit. Beide manieren hebben voordelen.

Handquilten met naald en draad in een quiltring
Handquilten gaat langzaam, maar geeft een rustig resultaat.

Quilten met de hand is rustig, draagbaar en vraagt weinig. Je neemt je quiltring mee naar de bank, de tuin of de trein. Een quilt met de hand stikken duurt wel een stuk langer: reken op uren per vierkante meter, afhankelijk van hoe dicht je stikt. Het voordeel is dat de quilt zacht blijft en dat je tijdens het quilten rustig kunt nadenken.

Quilten met de machine gaat sneller en maakt de quilt steviger. Je hebt wel een machine nodig die goed met drie lagen omgaat, en een goede voet. Dikke lagen onder de naald zijn lastig als je machine dun is. Voor grotere quilts zoek je soms een oplossing zoals een longarm-service of een quilt-as-you-go-methode, waarbij je blok voor blok quilt.

Een goede start is een mix: naai de blokken met de machine en quilt het eindresultaat met de hand. Zo leer je beide technieken kennen en merk je zelf wat je het prettigst vindt.

Een quilt maken van restjes, oude kleding of foto’s

Quilten is van oudsher een manier om zuinig te zijn. Het TRC schrijft dat patchwork waarschijnlijk ontstond uit de noodzaak om dure textiel opnieuw te gebruiken. Dat kun je nog steeds doen, en het levert bijzondere quilts op.

Quilt maken van restjes stof

Een quilt maken van restjes stof is de meest eenvoudige variant. Sorteer je restjes op kleur of dikte, snijd ze in vierkantjes of stroken van dezelfde maat en leg ze op een manier waarbij donker en licht elkaar afwisselen. Een rustige, effen achtergrond tussen de kleurige restjes zorgt voor een samenhangend geheel.

Quilt maken van oude kleding of babykleding

Een quilt maken van oude kleding of van babykleding is een mooie manier om herinneringen te bewaren. Let op drie dingen. Eén: wat voor stof is het? Rekbare stoffen zoals jersey zijn lastig te combineren met katoen. Stabiliseer ze met een dun laagje opstrijkbare versteviging. Twee: snijd alleen delen zonder knoopjes, ritsen of zomen. Drie: was alles vooraf, zodat de stoffen niet verschillend krimpen.

Quilt maken met foto’s

Een quilt maken met foto’s kan met speciale stof waarop je foto’s print, of met een fotoprint die je laat maken. Gebruik hiervoor stof die geschikt is voor je printer of laat een bedrijf je foto’s op stof printen. Zet de foto’s in effen blokken en laat de rest eenvoudig. Dit blijft een persoonlijk cadeau dat mensen bewaren.

Cursus of workshop quilten: wat levert het op?

Een cursus quilten voor beginners is een uitstekende manier om de basis te leren. Je krijgt feedback op je knippen en naaien, en je ziet hoe anderen werken. Veel lessen duren een paar avonden of een dag en leiden je door één eenvoudig project. Zoek een quilten workshop in je eigen regio of bij een quiltwinkel, een naaiatelier of een creatieve vereniging. Vraag vooraf wat je zelf moet meenemen en of de machines aanwezig zijn.

Wie liever thuis leert, kan terecht bij boeken en online video’s. Er zijn Nederlandstalige boeken over quilten voor beginners, en veel quilters delen filmpjes waarin je stap voor stap kunt meekijken. Het voordeel van een boek is dat je rustig kunt terugbladeren, het voordeel van een video is dat je ziet hoe iemand zijn handen beweegt. Combineer ze gerust. Houd er rekening mee dat wat je online ziet niet altijd geschikt is voor beginners: sommige quilters gebruiken apparatuur die je thuis niet hebt.

Veelgemaakte fouten bij het quilten

Dit zijn de fouten die we het vaakst zien:

  • Ongelijke naadtoeslag. Als je naden verschillen, passen de blokken niet. Gebruik een voet met een naadgeleider of een stukje tape op je machine.
  • Stof niet voorwassen of juist wel. Beide keuzes zijn te verdedigen, maar wees consequent. Mix nooit gewassen en ongewassen stof.
  • Te dikke vulling. Een dikke vulling is lastig te quilten. Begin dun.
  • Geen sandwich spannen. Als de lagen niet glad liggen, krijg je plooien. Neem de tijd voor het vastzetten.
  • Te groot beginnen. Een bedspread als eerste project is een recept voor een half afgemaakte quilt.
  • Niet strijken. Strijk na elke stap. Het scheelt meer dan wat dan ook.

Veelgestelde vragen over quilten

Wat is quilten precies?

Quilten is het aan elkaar stikken van meerdere lagen stof, meestal een bovenkant, een vulling en een achterkant. De stiksels houden de lagen op hun plek en geven de quilt zijn reliëf. Quilten kan met de hand, met een gewone naaimachine of met een speciale longarm-machine.

Wat is het verschil tussen quilten en patchwork?

Patchwork is het aan elkaar naaien van stukjes stof tot een grotere bovenkant. Quilten is het doorstikken van de lagen. Samen levert dat een patchwork quilt op. Je kunt ook patchwork maken zonder te quilten, en je kunt een effen stof quilten zonder patchwork.

Hoe begin ik met quilten voor beginners?

Begin klein. Kies een vierkantenquilt van ongeveer 100 bij 100 centimeter, neem katoen in een paar bij elkaar passende kleuren en een dunne vulling. Snijd de stukjes precies, naai ze met een vaste naadtoeslag aan elkaar en quilt rustig. Een cursus quilten voor beginners helpt om de eerste stappen goed te zetten.

Kan ik quilten met de hand leren?

Ja. Quilten met de hand vraagt weinig spullen: een naald, garen, een ring en geduld. Je maakt kleine, regelmatige steken door alle lagen. Het gaat langzaam, maar je leert het gevoel voor de stof. Veel mensen vinden handquilten juist ontspannend.

Heb ik een speciale naaimachine nodig om te quilten?

Nee. Een gewone naaimachine met een goede rechte steek is genoeg voor het patchwork en voor eenvoudig quilten. Een doorlopende voet (walking foot) helpt om drie lagen gelijkmatig door te voeren. Een speciale quiltmachine heb je pas nodig bij grote quilts.

Hoeveel kost het om een quilt te maken?

Dat verschilt sterk per stof, vulling en formaat. Een kleine quilt van restjes stof is nauwelijks duur, terwijl een grote quilt van nieuwe stof en vulling een flink bedrag kost. Je kunt de kosten drukken door restjes en voorgesneden stofpakketjes te gebruiken.

Kan ik een quilt maken van oude kleding of babykleding?

Ja. Wel is het lastig om verschillende stoffen te combineren. Katoenen overhemden, schorten en babykleding werken goed. Rekbare stoffen stabiliseer je met een opstrijkbare versteviging. Verwijder knopen en ritsen en was alles vooraf.

Hoe lang duurt het om een quilt te maken?

Een kleine quilt van 100 bij 100 centimeter lukt in een paar weekenden. Een bedquilt kost al snel enkele maanden, vooral als je met de hand quilt. Dit zijn richtwaarden: het hangt af van het ontwerp en van hoeveel uur je per week vrijmaakt.

Verder lezen

Wil je meer weten over quilten en de technieken eromheen? Deze pagina’s helpen je verder.

De waardering van ayoo.nl bij WebwinkelKeur Reviews is 8,7/10 gebaseerd op 255 reviews.