Voor de meeste camera’s kies je een geheugenkaart van het type SD, namelijk een SD-geheugenkaart van het type SDHC of SDXC, met een capaciteit van 64 tot 256 GB en een snelheidsklasse die past bij wat je filmt of fotografeert. Voor foto’s is een U1- of U3-kaart voldoende, voor 4K-video kies je V30 of sneller. Controleer altijd in de handleiding welk type je camera accepteert, want niet elke camera werkt met elke kaart.
Op de verpakking van een geheugenkaart staan veel letters en cijfers. Dat maakt kiezen lastig, terwijl de geheugenkaart een belangrijke rol speelt: hij bepaalt hoeveel foto’s je opslaat, hoe snel je serieopnamen maakt en of je 4K-video zonder haperingen kunt filmen. In dit artikel leggen we uit wat die aanduidingen betekenen, hoeveel opslag je nodig hebt en hoe je goed met je kaart omgaat. Het is onderdeel van onze gids over fotografie voor beginners.
Kort samengevat
- Een SD-kaart is het meest gebruikte type geheugenkaart. Let op het type (SDHC of SDXC) en de snelheid, niet alleen op de capaciteit.
- Voor foto’s volstaat een kaart van 64 tot 128 GB met U1 of U3. Voor 4K-video kies je U3 of V30 en een grotere capaciteit.
- Het type moet bij je camera passen: SDHC en SDXC zijn niet altijd uitwisselbaar met oudere toestellen.
- Gebruik een goede kaartlezer en haal je foto’s regelmatig van de kaart. Een kaart kan kapot gaan.
- Formatteer de kaart in de camera zelf, niet op de computer.
Wat is een geheugenkaart?
Een geheugenkaart is een klein stukje flashgeheugen waarop je camera foto’s en video’s bewaart. Volgens Wikipedia worden zulke kaarten vooral gebruikt in digitale camera’s, actioncamera’s, drones, e-readers, handheld spelcomputers en dashcams. Veel nieuwe telefoons hebben geen kaartsleuf meer.
De geheugenkaart is vergelijkbaar met een digitale filmrol, maar hij kan je opnieuw gebruiken. De camera schrijft de bestanden naar de kaart, en je haalt ze er later weer af met een kaartlezer of een kabel.
De belangrijkste soorten
- SD-kaart. Volgens Wikipedia is dit het meest voorkomende type. Je vindt hem in de meeste compactcamera’s, systeemcamera’s en spiegelreflexen.
- microSD. Een kleinere variant, ongeveer 15 bij 11 mm. Met een adapter past hij in een gewone SD-sleuf. Veel actioncamera’s, drones en telefoons gebruiken microSD.
- CompactFlash. Historisch populair bij professionele camera’s, nu minder gebruikt.
- CFexpress en XQD. Nieuwere, snelle types voor 4K, 8K, raw-video en snelle serieopnamen. Volgens Wikipedia heeft CFexpress type B XQD grotendeels vervangen. Je hebt ze alleen nodig als je camera ze gebruikt.
Heb je een gewone camera, dan is het bijna altijd SD. Kijk in de handleiding of op de camera zelf: bij de kaartsleuf staat vaak een logo.
Zo lees je de aanduidingen op een SD-kaart
SD, SDHC en SDXC
Dit zijn de capaciteitsklassen. Volgens de Nederlandse Wikipedia over SD-kaarten geldt:
- SDSC tot 2 GB
- SDHC van 4 tot 32 GB
- SDXC van 32 GB tot 2 TB, meestal met het exFAT-bestandssysteem
- SDUC van 2 TB tot 128 TB
Een oudere camera die alleen SDHC-geheugenkaarten aankan, werkt niet altijd met een SDXC-kaart. Controleer dus de handleiding. Nieuwere camera’s accepteren bijna altijd SDXC.
Snelheidsklassen
Er staan meerdere symbolen op een kaart. Volgens de SD Association geven ze de minimale schrijfsnelheid aan:
- Speed Class (C2, C4, C6, C10): het getal in een C. Een C10-kaart schrijft minimaal 10 MB per seconde.
- UHS Speed Class (U1, U3): voor kaarten met een snelle UHS-interface. U1 en U3 zijn de twee niveaus.
- Video Speed Class (V6, V10, V30, V60, V90): bedoeld voor opnames met hoge resolutie, zoals 4K en 8K. V30 is voor UHS-producten, V60 en V90 voor UHS-II en UHS-III.
- SD Express (E150 tot E600): nog snellere kaarten, voor toestellen met een SD Express-interface.
Een C10-, U1- en V10-kaart garanderen alle drie minimaal 10 MB per seconde. Als richtwaarde: U3 en V30 zijn bedoeld voor aanzienlijk snellere schrijfsnelheden dan U1, en kaartfabrikanten noemen daarbij vaak minimaal 30 MB per seconde. Daarnaast bestaan UHS-I, UHS-II en UHS-III als maximale snelheid van de verbinding. UHS-III kan volgens Wikipedia tot 624 MB per seconde halen. Zo’n topsnelheid haalt je camera alleen als hij hem ondersteunt.
De SD Association adviseert een kaart te kiezen met hetzelfde of een hoger klassensymbool dan het apparaat vraagt. Vraagt je camera om U1, dan werkt U1 of U3. Mixen van verschillende symbolen, bijvoorbeeld C10 bij een toestel dat U1 vraagt, geeft geen garantie, ook al zijn beide 10 MB per seconde.
Leessnelheid en schrijfsnelheid
Op verpakkingen staat vaak een groot getal, zoals 170 MB/s. Dat is meestal de maximale leessnelheid. Voor opnemen is de schrijfsnelheid belangrijker, en die ligt vaak lager. Kijk daarom vooral naar de klassen (U3, V30), die over het minimum gaan.
Hoeveel opslag heb je nodig?
Hoeveel foto’s er op een kaart passen, hangt af van het aantal megapixels, het bestandsformaat (jpeg of raw) en de compressie. Als vuistregel (richtwaarde) neemt een jpeg van een camera van 24 megapixel ongeveer 8 tot 12 MB in beslag, en een raw-bestand 25 tot 40 MB. Dat is een schatting; kijk in het menu van je camera, want die toont vaak hoeveel foto’s er nog op passen.
| Gebruik | Kaartgrootte (richtwaarde) |
|---|---|
| Jpeg-foto’s, af en toe op reis | 32 tot 64 GB |
| Raw-foto’s en vakantie | 128 tot 256 GB |
| 4K-video | 128 GB of meer |
| Evenementen en lange opnames | 256 GB of meer, plus een reservekaart |
Een video neemt veel meer ruimte in dan een foto. Een minuut 4K kan, afhankelijk van de bitrate, honderden megabytes tot meer dan een gigabyte kosten.
Eén grote of meerdere kleine kaarten?
Veel fotografen kiezen voor meerdere geheugenkaarten van gemiddelde grootte. Als er één kaart kapot gaat, ben je niet alles kwijt. Een tweede kaart in je tas is ook handig als de eerste vol is. Heeft je camera twee sleuven, dan kun je foto’s op beide kaarten tegelijk wegschrijven als reservekopie.
Kijk bij het kiezen vooral naar het type, de snelheidsklasse en de betrouwbaarheid van het merk. Kies een bekend merk geheugenkaart en koop bij een betrouwbare winkel, want er worden ook namaakkaarten verkocht.
Zo gebruik je een geheugenkaart goed
Een geheugenkaart is robuust, maar niet onverwoestbaar. Met een paar gewoontes voorkom je dat je foto’s kwijtraken.
- Formatteer de geheugenkaart in je camera. Dat zet de juiste structuur voor jouw toestel. Doe dit nadat je de foto’s hebt overgezet, want formatteren wist de kaart.
- Haal de kaart niet uit de camera terwijl hij schrijft. Wacht tot het lampje uit is en de camera uit staat.
- Gebruik een kaartlezer of de kabel om de foto’s over te zetten. Een goede lezer met een snelle USB-aansluiting scheelt veel tijd.
- Maak een reservekopie voordat je de kaart leegt. Zet foto’s op een tweede plek, bijvoorbeeld een externe schijf of een cloudopslag.
- Bewaar elke geheugenkaart in een doosje. Stof, vocht en statische elektriciteit zijn niet goed voor de contacten.
- Vervang oude kaarten als je fouten ziet, zoals een foutmelding of foto’s die niet te openen zijn.
Een geheugenkaart die vol is of fouten geeft
Geeft je camera de melding dat de kaart niet gelezen kan worden? Probeer hem dan in de camera te formatteren, nadat je hebt geprobeerd de foto’s met een kaartlezer te kopiëren. Gaat dat niet, stop dan met gebruik en zoek hulp van een herstelprogramma. Schrijf er niet meer naar, want dat maakt herstel moeilijker.
Serieopnamen en video
Wil je veel foto’s achter elkaar maken, bijvoorbeeld bij sport of dieren? Dan merk je dat een trage kaart de camera laat wachten, omdat het geheugen niet snel genoeg weggeschreven wordt. Met een snellere kaart blijft de camera langer doorschieten. Bij 4K-video is een te trage kaart de oorzaak van haperingen of een gestopte opname. Kijk in de handleiding naar de minimale klasse voor jouw instellingen.
Namaak en betrouwbaarheid
Er worden namaakkaarten verkocht die een veel grotere capaciteit tonen dan ze echt hebben. Je merkt dat pas als je de kaart vult en foto’s beschadigd raken. Koop daarom bij een bekende winkel en vermijd verdacht goedkope aanbiedingen van een onbekende verkoper. Test een nieuwe geheugenkaart direct na aankoop: schrijf hem vol met testbestanden en lees ze terug. Een geheugenkaart die de test doorstaat, kun je gerust gebruiken. Bewaar de aankoopbon, zodat je bij problemen terechtkunt bij de winkel of fabrikant.
Geheugenkaart voor andere apparaten
Een geheugenkaart uit je camera werkt vaak ook in andere apparaten, maar die hebben eigen eisen. Een telefoon, drone, spelcomputer of dashcam gebruikt meestal een microSD. Kijk altijd in de handleiding van het apparaat welk type en welke capaciteit het aankan, en laat je niet verleiden tot de grootste kaart zonder te controleren. Gebruik je dezelfde kaart in meerdere apparaten, formatteer hem dan steeds in het apparaat waarin je hem gaat gebruiken.
Zoek je een geheugenkaart voor een nieuwe camera? Dan komt dat ook aan bod bij camera kopen. Een goed camerastatief of een statief voor je telefoon en een externe flitser horen bij de rest van je uitrusting. Wil je lange lenzen gebruiken? Lees dan over de telelens.
Veelgestelde vragen over de geheugenkaart
Welke geheugenkaart heb ik nodig voor mijn camera?
Kijk in de handleiding naar het type (meestal SD, SDHC of SDXC) en de minimale snelheidsklasse. Voor foto’s is een kaart van 64 tot 128 GB met U1 of U3 vaak genoeg. Voor 4K-video kies je U3 of V30 en meer capaciteit.
Wat is het verschil tussen SDHC en SDXC?
SDHC-kaarten hebben een capaciteit van 4 tot 32 GB, SDXC-kaarten van 32 GB tot 2 TB. SDXC gebruikt meestal het exFAT-bestandssysteem. Een oudere camera die alleen SDHC kent, kan een SDXC-kaart niet altijd lezen.
Wat betekent U3 of V30 op een kaart?
Het zijn snelheidsklassen die de minimale schrijfsnelheid garanderen. U3 en V30 zijn bedoeld voor snelle opnames, zoals 4K-video. De V-klassen zijn specifiek voor video. Kies minimaal de klasse die je camera vraagt.
Hoeveel GB heb ik nodig voor foto’s?
Voor jpeg-foto’s is 32 tot 64 GB voor een vakantie vaak genoeg. Fotografeer je in raw of film je in 4K, kies dan 128 GB of meer. De cameramenu’s tonen hoeveel foto’s er nog op passen.
Kan ik een microSD-kaart in mijn camera gebruiken?
Alleen met een adapter naar een gewone SD-sleuf, en alleen als je camera dat aankan. Een microSD past mechanisch in een adapter, maar voor veel camera’s is een echte SD-kaart betrouwbaarder.
Moet ik mijn geheugenkaart formatteren?
Ja, in de camera, voordat je hem de eerste keer gebruikt en nadat je de foto’s hebt overgezet. Formatteren wist alles op de kaart, dus maak eerst een reservekopie.
Wat doe ik als mijn geheugenkaart kapot is?
Stop meteen met schrijven naar de kaart en probeer de foto’s te kopiëren met een kaartlezer. Lukt dat niet, gebruik dan een herstelprogramma. Gebruik de kaart daarna niet meer voor belangrijke opnames.
Heb ik een kaartlezer nodig?
Handig wel. Een aparte kaartlezer is vaak sneller dan de camera via een kabel aansluiten, en je gebruikt de accu van de camera niet. Kies er een die past bij het type en de snelheid van je kaart.
Verder lezen
Met de juiste kaart mis je geen moment. Ga verder met deze pagina’s:
