Een tas naaien doe je in acht stappen: twee stukken buitenstof en twee stukken voering knippen, de hengsels maken, de buitentas en de voering apart dichtnaaien, de bodem vormen, alles in elkaar steken en de opening sluiten. Met een rechte steek en een normale naaimachine lukt dat in een middag, ook als je nog nooit een tas hebt genaaid.
Een draagtas is het beste beginnerspatroon omdat je er bijna alleen rechte naden voor nodig hebt. Je leert er de dingen van die in elk tasproject terugkomen: knippen op de draad, stevigheid geven met vlieseline, hoeken vormgeven en een voering afwerken. Zit je nog aan het begin van het naaien zelf? Dan helpt het overzicht over naaien voor beginners om te zien wat je aan spullen en technieken nodig hebt.
Kort samengevat
- Een eenvoudige tas naaien bestaat uit vier vlakken (buiten en voering), twee hengsels en twee zijnaden.
- Kies voor je eerste tas een stevige, niet-rekbare stof zoals katoencanvas, linnen of een dik katoen.
- Strijkbare vlieseline maakt een tas vormvast en voorkomt dat de stof gaat hangen.
- De bodem maak je door de onderhoeken af te naaien, zodat de tas kan staan.
- Naai de voering in dezelfde vorm, maar iets kleiner, en laat in de voering een opening om alles om te keren.
Wat heb je nodig om een tas te naaien?
Voor een draagtas van ongeveer 38 bij 40 centimeter met een bodem heb je weinig nodig. Een goede basisuitrusting bestaat uit:

- Buitenstof: een halve meter katoencanvas, linnen of dik katoen. Een brede stof van 140 centimeter is genoeg.
- Voeringstof: nog eens een halve meter dunner katoen, liefst in een rustige kleur of een klein dessin.
- Hengselstof: een strook van ongeveer 70 bij 10 centimeter per hengsel, uit dezelfde stof als de buitenkant of uit tassenband.
- Vlieseline: een strijkbare tussenvoering voor de buitenstof, en eventueel een steviger soort voor de bodem.
- Garen: een stevig polyester of katoen in een kleur die past bij de buitenkant.
- Gereedschap: stoffenschaar of rolmes, spelden of knijpertjes, een centimeter, een liniaal, een strijkijzer en een naaimachine.
Je naaimachine hoeft niet bijzonder te zijn. Een eenvoudig model met rechte steek, zigzagsteek en een instelbare steeklengte is voor een eerste tas ruim voldoende. Weet je nog niet welke machine bij je past? Lees dan eerst ons overzicht over de naaimachine en wat je ervan mag verwachten.
Over de naald maar één ding: gebruik een nieuwe en kies hem op de dikte van je stof. Bij fabrikant Schmetz is het naaldnummer (NM) de doorsnede van de naald in honderdsten millimeter, zoals de fabrikant op zijn site uitlegt. Een naald met 0,75 millimeter doorsnede is dus een NM 75. Voor een tas van canvas of dik katoen kies je meestal een universele naald van 80 of 90. Dat is een richtwaarde: ga je dikkere stof gebruiken, probeer dan eerst op een restje.
Welke stof kies je voor een tas?
De stof bepaalt hoe makkelijk je tas naaien gaat en hoe lang je tas meegaat. Als beginner kies je het best een stof die niet rekt, niet gladjes is en niet rafelt als een gek. Drie goede keuzes:
- Katoencanvas of tentdoek. Stevig, goed te naaien en vergevingsgezind. Een tas van canvas houdt zijn vorm ook zonder veel extra’s.
- Linnen of linnenmix. Mooi van structuur en sterk, maar het kreukt en rafelt snel. Zig-zag of overlock de randen eerst als je met linnen werkt.
- Dik katoen of interieurstof. Een middelzware meubelstof geeft een stevige tas, maar naai je er met een dikkere naald doorheen.
Vermijd voor je eerste tas stretchstoffen, zeer dunne viscose en glad satijn. Die verschuiven onder de naaivoet en maken je naden scheef. Wil je met dun katoen werken, dan geef je het stevigheid met vlieseline.
Tas naaien van een spijkerbroek
Een oude spijkerbroek is een mooie bron voor een tas. Je snijdt de pijpen af, gebruikt de pijpstukken als vlakken en laat zakken en naden zichtbaar, wat de tas karakter geeft. Een tas naaien van een spijkerbroek vraagt wel om een dikkere naald. Gebruik daarvoor een jeansnaald of een stevige universele naald van 90 of 100, en neem de dikke naden bij de zoom en de binnenpijp langzaam, met de hand aan het handwiel als de naald er moeite mee heeft. Een pijp van een volwassen broek geeft ongeveer één vlak voor een draagtas.
Hoe maak je een tas naaien patroon zelf?
Een eenvoudig tas naaien patroon heb je niet nodig om te kopen. Je tekent het zelf met een liniaal op papier of rechtstreeks op de stof. Voor een draagtas met bodem werk je met rechthoeken:
- Buitenstof: twee rechthoeken van 42 bij 44 centimeter.
- Voering: twee rechthoeken van 42 bij 44 centimeter, of één centimeter smaller als je de voering wat losser wilt laten vallen.
- Hengsels: twee stroken van 70 bij 10 centimeter.
- Vlieseline: twee rechthoeken van 40 bij 42 centimeter, kleiner dan de stof zodat de naadtoeslag vrij blijft.
Dat zijn richtwaarden. De uiteindelijke tas wordt ongeveer 38 centimeter breed en 40 centimeter hoog, met een bodem van zo’n 8 centimeter diep. Wil je een kleinere tas, verklein dan beide maten evenredig. Houd rekening met naadtoeslag: één centimeter rondom is voor beginners genoeg en makkelijk te meten met de lijn op je naaivoet of steekplaat.
Zoek je een kant-en-klaar tas naaien patroon met een uitgetekende bladzijde of een knippatroon? Bij onze pagina over naaipatronen lees je hoe je een patroon leest, welke tekens erop staan en hoe je het overneemt op stof.
Tip: knip op de draad. Leg de rechte rand van de stof langs een lange liniaal en knip loodrecht erop. Een tas die scheef is geknipt, blijft scheef hangen, hoe netjes je ook naait.
Stap voor stap een tas naaien met voering
Hieronder de acht stappen. Neem de tijd voor de eerste twee: knippen en strijken bepalen of je tas er netjes uitziet. Het eigenlijke tas naaien is daarna een kwestie van rechte lijnen.
Stap 1 van 8
Stap 1: knip de delen en strijk de vlieseline op
Knip alle delen op de draad. Strijk de vlieseline op de achterkant van de twee buitenstukken. Bij een lichte, zachte tussenvoering zoals de S 320 van Vlieseline gebruik je volgens de maker een vochtige doek en strijk je zo’n vijftien seconden per vak, zonder hard te drukken. Leg de stukken daarna ongeveer een half uur plat neer, zodat de lijm goed kan hechten. Voor een tas die meer vorm moet houden, zoals een boxy tas, kies je een steviger soort. Lees dan altijd de verpakking van de soort die je koopt.
:::
Stap 2 van 8
Stap 2: maak de hengsels
Vouw elke hengselstrook in de lengte dubbel en strijk een vouw. Vouw dan de lange randen naar de middenvouw en vouw alles nog een keer dubbel, zodat je een band van ongeveer 2,5 centimeter breed krijgt zonder rafelrand. Stik langs beide lange randen vlak bij de kant. Dubbele stikrijen zijn sterker en maken het hengsel mooi vlak.
Als je liever tassenband gebruikt, scheelt dat een stap. Dan hoef je alleen op lengte te knippen en de uiteinden even met een lucifer of aansteker licht te smelten tegen rafelen.
:::
Stap 3 van 8
Stap 3: bevestig de hengsels aan de buitenstof
Leg een buitenstuk met de goede kant naar boven neer. Plaats de uiteinden van het hengsel op zes centimeter van de zijrand, met de lus naar beneden. Speld ze vast en stik ze met een klein vierkantje en een kruis erin, zodat ze niet loslaten onder gewicht. De hengsels zitten dan precies op de bovenrand. Check even of beide hengsels niet gedraaid zijn voor je verdergaat.
:::
Stap 4 van 8
Stap 4: naai de buitentas dicht
Leg de twee buitenstukken met de goede kanten op elkaar. De hengsels zitten nu ertussen. Stik de zijkanten en de onderkant met één centimeter naadtoeslag: aan de bovenkant blijft de tas open. Begin en eindig steeds met een paar steken terug, zodat de draad niet losraakt. Rafel je stof snel, zigzag dan de naadranden of knip ze met een zigzagschaar bij.
:::

Stap 5 van 8
Stap 5: vorm de bodem
Dit is de stap waarmee je tas gaat staan. Pak een onderhoek en trek hem plat, zodat de zijnaad en de onderkant op elkaar liggen in een driehoek. Meet vanaf de punt vier centimeter af en trek een rechte lijn. Stik langs die lijn en knip de punt af op een centimeter van de naad. Doe hetzelfde bij de andere hoek.

Zo krijg je een tas naaien met bodem van ongeveer acht centimeter breed. Wil je een diepere bodem, dan meet je vijf of zes centimeter vanaf de punt. Daardoor blijft de tas rechtop staan, ook als hij leeg is.
:::
Stap 6 van 8
Stap 6: naai de voering
Naai de voering op dezelfde manier als de buitentas, maar zonder hengsels. Laat in de onderkant een opening van ongeveer 15 centimeter open. Door die opening keer je straks de hele tas om. Maak de bodem van de voering op dezelfde manier als in stap 5. Je kunt de voering één centimeter smaller naaien, zodat hij strak in de tas zit en niet gaat plooien.
:::
Stap 7 van 8
Stap 7: steek de tas in de voering
Laat de buitentas met de goede kant naar binnen zitten en trek de voering er met de goede kant naar buiten overheen, zodat de goede kanten op elkaar liggen. De hengsels zitten tussen de twee lagen. Speld de bovenrand rondom vast, met de zijnaden op elkaar. Stik de hele bovenrand rond met een centimeter naadtoeslag.
:::
Stap 8 van 8
Stap 8: keer om, sluit de opening en stik de rand af
Trek de buitentas voorzichtig door de opening in de voering naar buiten. Duw de hoeken netjes uit met een stompe punt, zoals de achterkant van een potlood. Strijk de bovenrand plat en stik de opening in de voering dicht, met de hand met een onzichtbare steek of met de machine vlak langs de rand. Stop de voering in de tas. Stik tot slot de bovenrand af, vijf millimeter van de rand, zodat de voering niet naar buiten rolt.
:::
Tas naaien met rits
Een rits maakt een tas veiliger en netter, maar maakt hem ook een stuk lastiger. Voor een draagtas met een rits boven op de rand heb je een rits nodig die ongeveer even lang is als de opening, of iets korter. Bij een eenvoudige binnenzak kun je al klein beginnen.
Voor een binnenzak met rits in de voering knip je een rechthoek in je voeringstof, zet je de rits tussen twee lagen en stik je de zak aan de rand dicht. Gebruik een ritsvoet: dat is een smalle voet die je zijwaarts langs de rits laat lopen. Dat is een handig onderdeel, ook voor je volgende tassen. Probeer een rits eerst op een proeflapje, voor je hem in je echte tas naait.
Wil je liever geen rits, dan is een magneetsluiting of een simpele drukknop een prima alternatief. Een magneetsluiting zet je tussen buitenstof en voering voor je alles dichtstikt, met een stukje extra vlieseline eromheen. Dat is een stuk eenvoudiger dan een rits en geeft toch een nette sluiting.
Veelgemaakte fouten bij het tas naaien
Wie voor het eerst een tas naait, loopt vaak tegen dezelfde dingen aan. Ze zijn allemaal op te lossen:
- De tas hangt slap. Je hebt te weinig stevigheid. Strijk een zwaardere vlieseline op de buitenstof, of gebruik een dikkere stof.
- De hoeken zijn spits of scheef. Knip de naadtoeslag in de hoeken schuin af voor je omkeert, zodat er minder stof zit. Duw de hoeken daarna uit met een stompe punt.
- De voering is te groot en plooit. Naai de voering een centimeter smaller of snij hem aan de onderkant iets korter.
- De hengsels trekken uit de naad. Stik ze met een vierkantje en kruis vast, en gebruik een stevig garen.
- De steken slaan over. Plaats een nieuwe naald die past bij de stof, en controleer of de draad goed in de machine zit.
- De naden zijn niet recht. Laat de stof zelf door de naaivoet lopen en trek hem niet. Gebruik de lijnen op je steekplaat als geleider.
Zorg ook dat je machine schoon is. Stof en draadresten in de spoelkast geven al snel onregelmatige steken. Een kwastje en een nieuwe naald werken vaak beter dan een nieuwe machine.
Een tas naaien met een eigen stijl
Zodra de eerste draagtas klaar is, kun je variëren. Een tas naaien wordt daarna steeds persoonlijker, omdat je zelf maten en stoffen kiest. Een paar ideeën:
- Voeg een buitenzak toe van een restje stof, voor je telefoon of sleutels.
- Maak twee kleuren stof voor de bovenrand en de onderkant.
- Naai een tas in een kleinere maat voor je breiwerk of borduurwerk, of voor een picknickdeken.
- Borduur een motief op de voorkant voor je de tas in elkaar zet. Meer over borduren lees je bij borduren.
- Geef een tas een grotere bodem en gebruik hem als boodschappentas of sporttas.
Heb je meer machines in huis, dan helpt een lockmachine om de naden aan de binnenkant af te werken, zodat ze niet rafelen. Dat is geen vereiste, maar je tas ziet er aan de binnenkant netter uit.
Je tas naaien kan ook in gezelschap. Veel creatieve winkels en buurthuizen bieden een tas naaien workshop aan, vaak voor een paar uur. Je werkt dan met een machine van de organisator en krijgt hulp bij het uitknippen en vormgeven. Voor wie het liever thuis doet, is een tas naaien pakket met stof, garen en een uitgewerkt patroon een gemakkelijke manier om te beginnen. Je hoeft zo niets uit te zoeken. Zelf stof en garen kiezen kost meer tijd, maar is voordeliger en leuker als je later varieert.
Veelgestelde vragen over tas naaien
Hoe begin je als beginner met tas naaien?
Je begint met een eenvoudige draagtas van twee rechthoeken buitenstof, twee rechthoeken voering en twee hengsels. Kies een stevige, niet-rekbare stof zoals canvas of dik katoen en gebruik rechte steken. Zo oefen je met knippen, vlieseline, hoeken en een voering zonder dat het patroon ingewikkeld wordt.
Welke stof is het beste voor een tas naaien?
Katoencanvas, linnen en dik katoen zijn de beste keuzes om een tas te naaien. Ze rekken niet, laten zich goed naaien en houden hun vorm. Stretchstof en glad satijn zijn voor beginners minder geschikt omdat ze verschuiven onder de naaivoet.
Heb je vlieseline nodig bij een tas naaien?
Meestal wel. Vlieseline geeft de stof body, zodat de tas niet slap hangt. Een lichte, soepele tussenvoering is genoeg voor een zachte tas, voor een tas die zijn vorm moet houden kies je een steviger soort. Lees de verpakking voor de juiste strijktijd.
Hoe maak je de bodem bij een tas naaien met bodem?
Je naait de zij- en onderkant dicht, trekt elke onderhoek plat tot een driehoek en stikt dwars over de driehoek, op vier centimeter van de punt. Daarna knip je de punt af. Hoe verder van de punt je stikt, hoe dieper de bodem wordt.
Kun je een tas naaien met voering zonder patroon?
Ja. Een tas naaien met voering gaat met rechthoeken die je zelf meet en knipt. Je naait buiten en voering apart, steekt ze in elkaar en keert alles om door een opening in de voering. Een gekocht patroon is niet nodig voor een draagtas.
Welke naald gebruik je om een tas te naaien?
Een nieuwe universele naald van 80 of 90 is voor de meeste stoffen goed. Voor jeans en dikke naden gebruik je een jeansnaald, voor een rekbare stof een stretchnaald. Test altijd eerst op een restje van dezelfde stof.
Kun je een tas naaien met een rits?
Ja, maar het is lastiger dan een tas zonder. Begin met een binnenzak met rits op een proeflapje, en gebruik daarna een ritsvoet in je echte tas. Zonder rits kan een magneetsluiting of een drukknop een eenvoudiger alternatief zijn.
Hoe lang duurt het om een tas te naaien?
Een eerste draagtas met voering en bodem kost een beginner meestal een middag van twee tot vier uur. Met meer ervaring maak je dezelfde tas in minder dan een uur. Het knippen en strijken kost vaak meer tijd dan het naaien zelf.
Verder lezen
Een tas naaien is een goed eerste project, en de rest volgt vanzelf. Lees verder in ons overzicht over naaien en borduren, kies bij de naaimachine welke machine bij je past, of ontdek hoe je een naaipatroon overneemt op stof. Wil je je tas een persoonlijk motief geven? Lees dan hoe je gaat borduren.
